Rechtszaak

Hoe weet je wie achter die wraakporno op Facebook zit?

Beeld NRC Q

Ze moet naar de rechter om erachter te komen wie dat nepaccount voor haar heeft aangemaakt bij Facebook, en daar een voor haar vernederend en beschamend seksfilmpje online heeft gezet. Het account is verwijderd na protest van de jonge vrouw – bloot is sowieso niet toegestaan op Facebook – maar het filmpje zwerft nog overal en nergens rond. Vier vragen over de zaak tegen wraakporno.

1. Waarom via de rechter?

Facebook wil de gegevens van degene die het online heeft gezet niet prijsgeven. En hoewel ze kan raden wie het was, heeft ze zekerheid nodig om een procedure tegen hem te kunnen beginnen. Morgen dient de zaak van de 21-jarige vrouw. Het is de eerste keer dat een sociaal platform om een dergelijke reden in Nederland voor de rechter komt. Maar het zou niet de eerste keer zijn dat een online provider – wat Facebook in feite ook is – de identiteit van een gebruiker moet vrijgeven. Dat gebeurde eerder ook in zaken over illegale muziekdownloads.

2. Wat wil ze van Facebook?

De identiteit van de dader. Zodat ze op hem de schade kan verhalen. Ze procedeert op grond van het civiele recht: Facebook handelt onzorgvuldig jegens haar, en daarmee onrechtmatig, door de gegevens niet af te staan. “De schade is aanzienlijk”, zegt de advocaat van de vrouw, Thomas van Vugt. Ze durft zich nauwelijks meer ergens te vertonen, ook omdat het filmpje nog circuleert.

3. Is het strafbaar?

Het is veel makkelijker als de politie erbij komt, die heeft het recht deze gegevens op te vragen. In Nederland is het online plaatsen van dergelijke beelden, vaak aangeduid als wraakporno, niet expliciet strafbaar gesteld. We moeten het doen met algemene verboden op smaak en laster. In andere landen, zoals Groot-Brittannië, Japan en enkele Amerikaanse staten is dat wel zo, en staan er ook hogere straffen op: jaren, in plaats van de maanden die je hier maximaal krijgt voor smaad en laster.

Maar de strafmaat is niet het probleem, zegt universitair docent Tina van der Linden van de Universiteit Utrecht. “Het probleem is dat de politie niet zoveel doet op dit terrein. Die heeft geen zin in dit soort zaken, zeker niet als het om meerderjarigen gaat.”

4. Wat moet je dan?

Alle social media kunnen inhoud die niet door de beugel kan - ook op verzoek - verwijderen. Maar de identiteit van pesters geven ze niet zomaar prijs. Van der Linden: “Bescherming van privacy is heel belangrijk voor bedrijven als Facebook. Ze gebruiken ook altijd het floodgate argument: er is geen beginnen aan, zeker als het niet gaat om evidente zaken als porno en grafisch geweld, maar om pesterijen. Hoe zouden ze na moeten gaan wie er gelijk heeft?”

Toch verandert er wel iets. De topman van Twitter gaf begin dit jaar toe dat de site niet goed genoeg was in het weren van online pesters, de zogeheten trolls. Het is sindsdien makkelijker geworden om misbruik op Twitter te melden. Ook Facebook heeft strengere regels voor de inhoud van de site. Maar als de pester niet aangepakt wordt, kan die eenvoudig een nieuwe account beginnen en doorgaan.