Een pretpark onder leiding van idioten

Sciencefiction In Jurassic World nemen mensen aan de lopende band imbeciele besluiten. Ongeloofwaardig, maar gek genoeg doet het er niet toe: de dino’s stellen niet teleur.

Foto AP

Het verhaal wil dat tsaar Ivan de Verschrikkelijke ter vermaak soms hongerige beren losliet tussen de marktstalletjes op het Rode Plein en dan met zijn zoon vanaf de Kremlinmuur weddenschappen afsloot over de kansen van deze of gene koopman.

De Jurassic Park-reeks democratiseerde sinds 1993 dit vorstelijke amusement: laat de beesten los en wie rent het hardst? Met ditmaal een weelde aan obees voeder, want in Jurassic World , ofwel deel 4, is de oude droom van entrepreneur John Hammond gerealiseerd: een dinopretpark met veertien soorten herbivoren en zes carnivoren. Omdat een pretpark jaarlijks nieuwe attracties nodig heeft, recombineert men in het lab ook extragriezelige nepdino’s als Indominus rex. Geneticus dr. Henry Wu, een sinistere Frankenstein, heeft met deze kruising van onder meer T-rex, boomkikker en inktvis een torenhoge, bloeddorstige ontsnappingskunstenaar ontworpen.

De kinderen in gevaar – die horen erbij in een Jurassic-film – zijn de broertjes Zach en Gray, wier ouders op zijn Spielbergs in een scheiding liggen en die tijdelijk zijn gedumpt bij tante Claire. Zij is de anaal gefixeerde carrièrevrouw die Jurassic World van ramp naar catastrofe leidt, zodat ze ten slotte hulpeloos, het haar los en bloesje open, de bezwete torso van de held kan omstrengelen. Want die is er ook: de ruige, aardse Owen die Velociraptors temt voor het leger. En dan is er ene Hoskins, een paramilitair type die dezelfde Velociraptors bij het minste onraad wil loslaten in een pretpark met 22.000 panikerende toeristen.

En zo neemt het voltallige management van Jurassic World aan de lopende band imbeciele besluiten: naast hen lijk je met een brein ter grootte van een walnoot inderdaad hoogst intelligent. De film moet het net zomin van geloofwaardig script en gelaagde personages hebben als de rest van de reeks, die met het warrige King Kong-aftreksel The Lost World in 1997 een dieptepunt bereikte. Ook ditmaal wemelt het van losse eindjes, rommelige ontwikkelingen, plotgaten en deus ex machina, gekruid met terloops en hopelijk onbewust racisme en seksisme - een dinofilm maak je voor mannen.

Gek genoeg doet al dat menselijk tekort er niet toe. We komen voor de dino’s, en die stellen beslist niet teleur. De kolossen stampen, achtervolgen en verscheuren erop los: elkaar, personeel en helaas maar een enkele toerist. Een waar genoegen zijn ook de vele slimme en grappige citaten uit eerdere delen. Jurassic World speelt zich af in een tarantinesk, aan zichzelf refererend universum waardoor je alles met een korreltje zout neemt.

Je vraagt je wel af hoe het verder moet, want het pretpark is na deze film wel failliet. In 2004 lekte een script uit waarin het leger drugsbaronnen bestrijdt met supersoldaten, gekweekt uit mens- en dinogenen. Die kant kan het, gezien de finale, straks opgaan.