Tropenmuseum en Metropole Orkest gered

Minister Bussemaker draait deel van bezuinigingen voorganger terug.

Minister Jet Bussemaker (Cultuur, PvdA) gaat een aantal van de culturele instellingen redden die bij de bezuinigingsoperatie van haar voorganger Halbe Zijlstra (VVD) hard waren getroffen. Ze heeft daarvoor 18,6 miljoen euro vrijgemaakt op haar begroting.

Dat blijkt uit de brief Ruimte voor cultuur over haar uitgangspunten voor het cultuurbeleid in de volgende subsidieperiode (2017-2020), die ze vandaag aan de Tweede Kamer heeft gestuurd. „De instellingen die we met incidentele middelen nog een kans hebben gegeven, hebben zich de afgelopen jaren echt bewezen. Het zou een doodzonde zijn als we bijvoorbeeld een Rijksmuseum Twenthe voor het publiek hadden gesloten”, zegt ze vandaag in een interview met NRC Handelsblad.

Bussemaker trekt 5,5 miljoen euro uit voor rijksmusea, waarvan het grootste deel bestemd is voor het Tropenmuseum in Amsterdam. Tot nu toe was voor dit museum alleen een tijdelijke regeling getroffen, nadat het van de begroting van het ministerie van Buitenlandse Zaken was geschrapt. Ook voor Rijksmuseum Twenthe, Huis Doorn en Slot Loevestein is er weer ruimte gemaakt voor structurele subsidies die ze drie jaar geleden kwijtraakten.

Het Metropole Orkest, dat door de bezuinigingen op de omroep met opheffing bedreigd werd, krijgt eveneens een vaste plek op de begroting Cultuur. Bussemaker trekt er 3 miljoen euro voor uit.

Ook de Rijksakademie van Beeldende Kunsten, de Ateliers en de Jan van Eyck Academie, waar getalenteerde jonge kunstenaars een postacademische opleiding krijgen, zijn uit de gevarenzone. Halbe Zijlstra (VVD), de voorganger van Bussemaker op Cultuur, wilde hun subsidie per 2017 volledig stopzetten.

Bussemaker repareert ook de bezuinigingen die door Zijlstra op talentontwikkeling werden getroffen. Zo verdwenen de subsidies voor productiehuizen, waar jonge theatermakers en dansers werden begeleid. Bussemaker stelt nu weer 1,6 mln euro beschikbaar voor talentontwikkeling in de podiumkunsten. Ook de jeugdgezelschappen werden onder Zijlstra fors gekort. Zo verloor de Toneelmakerij 69 procent van zijn subsidie. Bussemaker trekt 0,8 miljoen euro uit om deze pijn te verzachten.

De minister geeft met de extra investeringen deels gehoor aan de oproep van de Raad voor Cultuur om extra geld uit te trekken voor cultuur. De raad had wel meer geld gevraagd: 29,5 miljoen euro. Daarover zegt Bussemaker dat ze al blij is dat ze 18 miljoen heeft kunnen vinden, maar ze heeft de raad ook advies heeft gevraagd voor een volgende kabinetsperiode.