Onze vrouwen voetballen mee

Nederland heeft het er nog een beetje moeilijk mee, lijkt het. Onze vrouwen debuteerden in het WK vrouwenvoetbal in Canada en er werd getwitterd over lipstick en kapsels. Niet tijdens de wedstrijd zelf, die speelde zich af in onze kleine uurtjes en men bleef er niet voor op, maar de volgende dag. Intussen had linksbuiten Lieke Martens in de 33ste minuut van de wedstrijd tegen Nieuw-Zeeland het beslissende, en prachtige, doelpunt gemaakt. Het past om Vera Pauw te memoreren, voormalig bondscoach vrouwenvoetbal. Ze werd door de KNVB op weinig illustere wijze uit het zicht gewerkt. Maar zonder haar hadden de Nederlandse voetbalvrouwen deze wedstrijd niet gespeeld, laat staan ’m gewonnen.

Er is tennis. Hockey. Zwemmen. Schaatsen. Atletiek. In de meeste sporten worden vrouwen op hoog niveau serieus genomen. Voetbal blijft achter. Niet overal. Het is groot in Zweden en Duitsland en in de VS en Canada stromen de stadions vol voor het vrouwenvoetbal.

Ineens groeit de aandacht ook in Nederland. Waar zo’n 140.000 meisjes en vrouwen aan voetbal doen. Waar het dus niet meer aangaat dat profclubs die moeten bezuinigen min of meer automatisch hun vrouwenafdeling afstoten.

Het vrouwenvoetbal moet zich nu actief ontworstelen aan de vooroordelen. De voetbalvrouw die na een bevalling haar vaste plek in het team kwijt is, kan verwijzen naar de profballerina’s. Die brengen fysiek minstens zoveel op en bewijzen dat een zwangerschap niet verzwakt. Mannelijke voetbalsterren worden traditioneel geroemd om hun schrandere spel, hun durf, hun behendigheid en hun elegantie. Laat vrouwen daar nu net ook goed in zijn.