Een overwinning van de democratie op het geweld

De partij van president Erdogan heeft gisteren voor het eerst in 13 jaar een nederlaag geleden. De AK Partij zal de macht nu moeten delen. De grote winnaars zijn de Koerden.

De groei van de macht van de conservatieve AK Partij in Turkije is tot staan gebracht. Voor het eerst in dertien jaar daalde de steun voor de partij van president Erdogan. De pro-Koerdische partij HDP die voor het eerst meedeed, deelde de zittende macht een zware klap uit.

De AKP blijft de grootste partij. Maar na meer dan een decennium regeren met een absolute meerderheid in het parlement zal de partij de macht nu voor het eerst moeten delen.

Het verkiezingsresultaat betekent een streep door de rekening van president Erdogan. Die voerde fanatiek campagne voor een supermeerderheid, waarmee de grondwet zou kunnen worden herschreven. De AKP wil een presidentieel systeem, waarin meer uitvoerende macht bij de president komt te liggen.

Het is een stem tegen Erdogan

Erdogan is afgelopen zomer tot de eerste direct gekozen president van Turkije gekozen voor een periode van vijf jaar. Hij was nu dus niet verkiesbaar en zou zich als president buiten de verkiezingsstrijd moeten houden.

Toch draaiden de verkiezingen voor een groot deel om hem. Dat lijkt zich tegen de partij te hebben gekeerd. Hoewel Erdogan nog steeds veruit de populairste politicus is, roept hij ook de meeste negatieve reacties op. De bouw van een enorm presidentieel paleis in een beschermd natuurgebied en beschuldigingen van corruptie kleven hem aan. Daardoor groeide ook binnen zijn eigen partij het ongemak.

Met 97 procent van de stemmen geteld was de steun voor de AKP gedaald van 49,9 procent in 2011 naar 40,9 nu. De HDP kreeg 12,8 procent. Ook de extreem-nationalistische MHP groeide, naar 16,4 procent. De republikeinse partij CHP kreeg 25,1. Door de kiesdrempel van tien procent heeft het Turks parlement niet meer partijen.

De AKP heeft nu 45 dagen om een regering te vormen. Dat zal moeilijk worden. Er zijn slechts drie partijen om uit te kiezen, en die sluiten een coalitie vooralsnog alle drie uit. Als er binnen 45 dagen geen regering is volgen nieuwe verkiezingen.

En een zege voor de Koerden

Zodra duidelijk was dat de HDP de kiesdrempel van tien procent ruim had gehaald gingen Koerden zondagavond uitzinnig van vreugde de straat op. In Diyarbakir, de grootste Koerdische stad, werd op straat gefeest en de traditionele halay gedanst. De Koerden maken in Turkije ongeveer twintig procent van de bevolking uit en strijden tegen onderdrukking en voor erkenning. De strijd en de keiharde reactie van het Turkse leger hebben de afgelopen dertig jaar aan zo’n veertigduizend mensen in Turkije het leven gekost.

De HDP komt voort uit die gewapende strijd. Dat geeft de overwinning van de partij grote symbolische betekenis. Sinds twee jaar is er een wapenstilstand en is een begin gemaakt met onderhandelingen over een oplossing.

De partij is de belichaming van de overwinning van de democratie op geweld. Het is een grote stap in de normalisering van Turkije en voor de positie van minderheden in Turkije. Behalve veel Koerden stemden ook veel leden van onder meer de Armeense minderheid en Alevieten op de HDP.

Het verlies van de AKP en de winst van de HDP lijkt voor een groot deel te danken aan conservatieve Koerden die voorheen AKP stemden, maar nu massaal over zijn gelopen naar de HDP. In steden met veel linkse en liberale jongeren, zoals Istanbul en Izmir, deed die partij het ook opvallend goed. Daar ging de winst van de HDP ten koste van de republikeinse CHP.

De winst is voor een groot deel te danken aan HDP-partijleider Selahattin Demirtas. Hij vormde tijdens de campagne in alle opzichten de tegenpool van Erdogan, tegen wie hij het negen maanden geleden ook had opgenomen in de presidentsverkiezingen. Terwijl Erdogan grossierde in de verdachtmakingen en complottheorieën, gebruikte de jongere Demirtas vooral humor en liet beschuldigingen beheerst van zich afglijden.