De ellendegrens schuift langzaam onze richting op

Lastig om de ongerijmdheden van het bestaan uit zicht te houden, merkt Christiaan Weijts.

‘Papa, waarom zit die meneer daar altijd voor de supermarkt?” „O… eh… Hij verkoopt een krant.” „En waarom doet hij dat dan altijd buiten? De héle dag! Ook als het bibberkoud is!

„Tsja…”

Ik voelde me een beetje zoals die toeristen op Kos en Lesbos, voor wie het zicht op de azuurblauwe zee vanaf hun terrasjes ineens is vervuild door groepen bootvluchtelingen.

„Hij eh… hij wil iedereen gedag zeggen.”

Vooral kinderen. Grappig en uiterst beleefd doet hij dat.

In dagblad Trouw verklaarde een woordvoerster van de Nederlandse reisbranche TUI: „Wij leggen uit dat je gewoon een fijne vakantie kunt hebben op Kos. Op enkele plaatsen in de hoofdstad kun je groepjes vluchtelingen tegenkomen. Wie all-inclusive buiten de hoofdstad verblijft, zal er weinig van mee krijgen.”

Goede reclame. Kunnen de supermarkten wat van leren: wie z’n boodschappen thuis laat bezorgen, zal weinig meekrijgen van daklozen.

Het Britse dagblad The Sun kopte dinsdag: ‘Will ISIS ruin your Mediterranean holiday?’

„Maar pap, waarom kun je de krant van die meneer dan niet gewoon ín de supermarkt kopen?”

Ook de kindertijd is een resort. Of omgekeerd: elk resort is een kindertijd. En het wordt steeds moeilijker om de ongerijmdheden van het bestaan uit het zicht te houden. Toch ga ook ik bij voorkeur met vakantie naar oorden met veel zon, weinig muggen, aangename natuur, geen armoede en lawaai. Jezelf van tijd tot tijd wat kunstmatige onschuld gunnen is geen misdaad.

De toekomst voorspellen is niet moeilijk. Griekenland en Turkije zullen minder toeristen trekken; de ellendegrens schuift beetje bij beetje op naar het noordwesten, dat zeldzame oorlogsvrije stukje van de globe, ons permanente all-inclusive resort. Ook de toeristen uit nieuwe welvaartsregio’s als China zullen vaker kiezen voor de nu al overvolle bestemmingen binnen die comfortzone.

De nieuwe burgemeester van Barcelona kondigde vorige week aan dat er geen nieuwe hotels en vakantieappartementen meer mogen komen. Sinds 2000 is het aantal toeristen verdubbeld naar 7,5 miljoen per jaar. Daar had Amsterdam (nu jaarlijks 5 miljoen) een voorbeeld aan kunnen nemen, ware het niet dat Rem Koolhaas er straks het grootste hotel van de Benelux bouwt.

Bij het Anne Frank Huis verschijnen de bedevaarttoeristen tegenwoordig al om zeven uur ’s ochtends, met slaapzakken. Misschien moeten ze die toeristen voortaan maar in de eigen regio gaan opvangen.

‘Tsja, het is een beetje een speciale krant… Die meneer vindt het leuk om… eh…”

Jaren geleden had ik een vaste straatkrantverkoper, die tegen iedereen opgewekt riep: „Wel thuis!” „Ja, jij ook!” ketste je dan terug, en daarmee was je vol op zijn bermbommetje gestapt, geladen met het soort ongemakkelijkheid waar ik steeds minder last van kreeg, maar dat nu wat vaker opspeelt.