Duizend herinneringen

Pieter Steinz heeft ALS, een zeldzame neurologische ziekte waarbij je in toenemend tempo verlamd raakt. In deze serie verbindt hij het verloop van zijn ziekte met de boeken die hij (her)leest. Vandaag: nostalgie.

Illustatie Hajo
Illustatie Hajo Illustratie Hajo

Toen ik afscheid nam van mijn werk, zo’n anderhalf jaar geleden, kreeg ik van een collega een mooi gebonden boekje. Van de schrijver, Joe Brainard, had ik nooit gehoord, maar zowel de titel, I Remember, als het gepreegde fragment op het voorplat deed een belletje rinkelen. Dit leek een Amerikaanse versie van Georges Perecs klassieke Je me souviens, een boek dat bestaat uit 480 (jeugd)herinneringen die allemaal voorafgegaan worden door de woorden ‘Ik herinner me’. (De memoires zijn niet in het Nederlands vertaald; het dichtstbij komt de bewerking die Philip Freriks maakte voor een theatertournee. Ik herinner me dat de journalist-entertainer de teksten voordroeg terwijl hij op een fiets op het toneel zat.)

Lezend in het voorwoord van Paul Auster (one of the few totally original books I have ever read) begreep ik dat Perec door Brainard op het idee was gebracht. De vroeg gestorven kunstenaar-schrijver publiceerde de eerste versie van I Remember in 1970, drie jaar voordat Perec met herinneren begon. De versie uit 1975 bevat duizend herinneringen, variërend van vier woorden (‘Ik herinner me kettingbrieven’) tot alinea’s van een regel of zes; van historische gebeurtenissen (‘Ik herinner me “Korea”’) tot persoonlijke ontboezemingen (‘Ik herinner me erecties in de les en dat de bel gaat en hoe handig Zipper-kladblokken waren’); van bloedserieus (Brainard was homoseksueel, in Oklahoma, in de jaren vijftig) tot erg grappig (zijn eerste, mislukte tongzoen). De charme zit in het van de hak op de tak springen, het totale gebrek aan chronologie of systematiek; de schoonheid in het ritme van het steeds herhaalde ‘I remember’. Het is poëzie in proza.

Hoewel ik meer dan drie schoolgeneraties scheel met Brainard, en in een heel andere cultuur opgroeide, ben ik niet immuun voor de nostalgie die er uit het boekje spreekt. Waar hij het over Spam, Nehru-jasjes, Dr Pepper of Elvis bij de Ed Sullivanshow heeft, vul ik moeiteloos Smac, tuinbroeken, Snor (‘fris met schuim erop’) en Blondie in Toppop in. Schrijft hij over de moord op Kennedy, dan denk ik terug aan de vliegramp op Tenerife. Herinnert hij zich The Lone Ranger en As the World Turns, dan herinner ik me Floris en Klaverweide. Want dat is een gevolg van het lezen in I Remember: je gaat in gedachten je eigen ik-herinner-mij’s maken:

Ik herinner me dat ik dokter wilde worden omdat mijn moeder dat graag wou, maar dat ik totaal niet tegen bloed kon.

Ik herinner me Sinastol, een soort levertraan-light.

Ik herinner me De vrijbuiters op zondagavond.

Ik herinner me engelenhaar, en dat mijn ouders dat kitsch vonden.

Ik herinner me dat ik barbies eigenlijk leuker vond dan Thunderbirds.

Ik herinner me de reclame voor het Donald Duck Handboek voor jongens, met een meisje vastgebonden op een stoel.

Ik herinner me dat je moest oppassen voor wederverkopers, want daar zaten kinderlokkers tussen, en dat ik eigenlijk niet wist wat wederverkopers waren.

Ik herinner me nasi uit blik, en saromapudding.

Ik herinner me mijn eerste schooldag en letters van schuurpapier.

Als ik er even voor ga zitten, komen de antieke associaties bij tientallen op. Maar of het nu komt door de toestand waarin ik verkeer (ziek, zwak, misselijk), al gauw verdringen veel recentere herinneringen de zoete nostalgische:

Ik herinner me slapen zonder masker, praten zonder iPad, eten zonder sonde, seks zonder beperkingen.

Ik herinner me uitgerust opstaan.

Ik herinner me scheren binnen vijf minuten. En dat ik mijn contactlenzen zonder problemen in- en uitdeed.

Ik herinner me hoe het was om bijna als eerste op je werk te zijn en iedereen te zien binnenkomen.

Ik herinner me veertien uur concentratie per dag.

Ik herinner me controle over mijn handschrift; de kracht om een boek van de bovenste plank te pakken.

Ik herinner me de slappe lach.

Ik herinner me de smaak van asperges met gerookte zalm.

Ik herinner me de roes van alcohol.

Ik herinner me lange duurlopen door de duinen en een warme douche erna.

Ik herinner me NS-wandelingen, van station naar station.

Ik herinner me reizen met de trein: lezen op lange trajecten en in april de bollenvelden uit het raam.

Ik herinner me het plannen van vakanties. Eindeloos hotels vergelijken op Booking.com.

Ik herinner me het slenteren door een onbekende wereldstad.

Ik herinner me dagen zonder buik- of spierpijn.

Ik herinner me hoe het was om je kerngezond te voelen.

De nostalgie is ook niet meer wat ze was, Simone Signoret schreef het al. Zeker voor een patiënt die elke week geconfronteerd wordt met wéér iets wat hij niet meer kan. Het zal niet lang duren of ik denk nostalgisch terug aan de dagen dat ik zelf onder de douche ging, dat ik mijn vingers kon bewegen, dat ik de tuin inliep, dat ik mijn hoofd overeind kon houden.

Wat een saaie I Remember zal dat worden.

    • Pieter Steinz