De zzp’er van de VVD is heel anders dan die van de PvdA

Als het om zzp’ers gaat, denken PvdA en VVD aan heel verschillende typen ondernemers. Dat zit hervormingen in de weg.

Illustratie Pepijn Barnard

Er zijn misschien wel honderd soorten zzp’ers. Maar de regering Rutte II, hoor je in de Haagse wandelgangen, kent er vooral twee: de ‘Roderickjes’ of de ‘Rutgers’ van de VVD en de ‘Harry’s’ van de PvdA. De interim-managers, financieel experts, grafisch ontwerpers – VVD-fractievoorzitter Halbe Zijlstra zou hen het liefst met rust laten. Van hem mogen ze ook alle fiscale voordelen houden die bij het zzp-bestaan horen.

Uit onderzoek van interim-managementbureau Schaekel&Partners, samen met Nyenrode en TNO, blijkt vandaag dat het met de top-zzp’ers (zoals de zelfstandige interimbestuurders) heel goed gaat: sinds het begin van de crisis in 2008 waren er nog niet zoveel van de 727 ondervraagden aan het werk als nu, bijna driekwart, ze verdienen steeds meer en ze zijn optimistisch over de toekomst.

Maar de metselaars die zijn ontslagen en daarna voor hetzelfde werk worden ingehuurd als zelfstandige? Omdat hun baas ze dan niet hoeft door te betalen als ze door hun rug gaan? Daar heeft vooral de PvdA het moeilijk mee. Moet de overheid zulke zzp’ers helpen met belastingaftrek, als ze juist dáárdoor zo goedkoop worden – en ook omdat ze zich vaak niet verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid?

En wat die optimistische zelfstandige interimmers betreft: uit de enquête komt ook dat oudere top-zzp’ers graag in vaste dienst willen werken.

In opdracht van Rutte II is er een jaar lang onderzoek gedaan naar zzp’ers, door ambtenaren en experts van het CPB. In Nederland groeit die groep veel harder dan in andere westerse landen. Het zijn er nu bijna een miljoen en door hun fiscale voordelen kosten ze de overheid veel geld. Uit SCP-studies blijkt dat veel van hen gelukkig zijn – dat zeggen ze in elk geval – maar ook dat een flink deel van hen in armoede leeft. Dat zal er niet beter op worden als ze oud zijn. Zzp’ers sparen vaak niet voor hun pensioen.

Ambtenaren en politici zeggen publiekelijk dat ze nog wachten op de uitkomst van dat onderzoek, in werkelijkheid ligt het al een week of drie op de bureaus van drie ministeries (Economische Zaken, Sociale Zaken, Financiën) en bij premier Rutte.

Het probleem is niet het onderzoek zelf, dat volgens ingewijden alles keurig op een rij zet en beschrijft wat de overheid kan doen om het aantal zzp’ers te verminderen of risico’s te verkleinen. Het probleem is politiek: hoe kun je nieuw beleid bedenken als de ene regeringspartij in de zzp’ers vrije ondernemers ziet en de andere vooral aandacht wil voor het tegengaan van schijnzelfstandigheid?

De PvdA hoopt dat nieuwe plannen voor zzp’ers onderdeel kunnen worden van het nieuwe belastingstelsel waar Rutte II aan werkt. Je zou de lasten op laagbetaald werk flink kunnen verlichten en tegelijk het zzp-schap wat minder aantrekkelijk kunnen maken door zelfstandigen te verplichten om zich op zijn minst een beetje te verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid. VVD’ers doen er luchtig over: we kunnen de zzp ‘doen’ in de belastinghervorming, we kunnen het ook niet doen. En: „Misschien komen we er wel helemaal niet uit.”