Een welkom plan voor de promotie van elektrisch rijden

Tweehonderdduizend moeten er in 2020 van rondrijden in Nederland: de promotie van de elektrische auto is een van de speerpunten in de strijd tegen de milieuvervuiling. Dat lijkt heel wat, maar het doel is in wezen bescheiden. Zelfs als dit aantal, vier maal zoveel als in 2015, al wordt gehaald dan gaat het nog steeds om nog geen drie procent van het Nederlandse wagenpark.

Hybrides zijn de oplossing niet. Volledig elektrische auto’s hebben een uitstoot van kooldioxide die vijftig procent lager is dan die van gewone auto’s, als de elektriciteit met fossiele brandstoffen is opgewekt. Bij hybride auto’s is deze winst volgens de overheid slechts drie tot tien procent. En dan nog zijn volledig elektrische auto’s niet automatisch een panacee. Onderzoek suggereert dat hun productie meer vervuilend is dan die van gewone auto’s, zodat een werkelijke milieuwinst pas optreedt als zij rijden op stroom die niet met fossiele brandstoffen is opgewekt.

Dat onderstreept dat het terugdringen van de uitstoot van kooldioxide en andere onwenselijke gassen en deeltjes onderdeel moet zijn van een alomvattend plan. Het laat onverlet dat de promotie van elektrisch rijden daar deel van uit moet maken: zonder zo’n eerste stap lukt het helemaal niet. Voor 2017 staat een verandering van het belastingregime voor auto’s op stapel. In een opmerkelijke samenwerking hebben vertegenwoordigende organisaties van de auto- en leasebranche én Natuur & Milieu een gezamenlijk plan gelanceerd.

De kern daarvan is een vereenvoudiging van de bijtelling voor lease-auto’s van de huidige vijf tarieven tot twee: 7 procent voor elektrische auto’s en 20 of 21 procent voor de rest – óók hybrides. Motorrijtuigenbelasting is er volgens het plan straks alleen niet meer voor de eigenaren van volledig elektrische auto’s.

De schoonheid zit hier in de eenvoud, en daar zijn de organisaties zelf ook bij gebaat. De onvoorspelbaarheid van het huidige regime is voor hen lastig. Of een voorgesteld stimuleringsfonds van 250 miljoen per jaar er eveneens van moet komen is de vraag. Generiek fiscaal beleid is in de regel te verkiezen boven subsidiepotten.

Afgezien daarvan is het initiatief toe te juichen. Het kabinet krijgt bij de formulering van het fiscale beleid ten aanzien van auto’s nu een breed maatschappelijk draagvlak aangereikt. Niet dat dit plan daarom zonder meer moet worden overgenomen. Er zijn wellicht betere varianten mogelijk en er is tijd om daar over na te denken. Maar de eenvoud en voorspelbaarheid zijn toe te juichen. Nederland loopt te ver achter bij het introduceren van alternatieve energie om zo’n breed gedragen initiatief te negeren.