Opeens is hij een snelle gast in pak

Kiezen voor een compleet andere carrière, je moet het durven. Martijn Gosselink (36) deed het gewoon: van deeltjesfysicus naar consultant. „Ik dacht: ga ik nu de rest van mijn leven naar deeltjes kijken?”

Illustratie Robin Héman
Illustratie Robin Héman

Hoogtepunt: „Ik werk in een gemotiveerd team dat in korte tijd prestaties moet leveren en zie daarom meteen resultaat.”

Dieptepunt: „Ik moet wennen aan de soms wat harde zakelijkheid, zoals het urenschrijven en pakken dragen.”

Altijd maar nieuwe vragen

„Toen ik afstudeerde had ik nooit verwacht dat ik consultant zou worden, zo’n snelle gast in pak. Ik heb technische natuurkunde gestudeerd en wilde ontrafelen hoe het universum in elkaar zit. Zes jaar lang deed ik onderzoek naar de fundamenteelste bouwstenen van alle materie, de zogeheten elementaire deeltjes. Die zijn kleiner dan een atoom en zijn niet meer op te splitsen in andere deeltjes. Je krijgt dan bestanden met oneindig veel cijfertjes – aan de hand daarvan onderzocht ik of de deeltjes zich wel zo gedroegen als de theorie voorspelt.

Je zit dus aan de voorkant van de wetenschap. Heel uitdagend, maar het is ook topsport en heel moeilijk om een vaste positie te krijgen. Bovendien: het gaat maar door. Zodra je iets ontdekt hebt, komen er weer nieuwe vragen bij.

„Een collega kreeg een junior professorship aangeboden. Leuk, maar zijn vrouw zat in Karlsruhe, zijn werk was in Genève en hij had net een zoontje gekregen. Dat was het moment waarop ik dacht: hoe ga je dat doen? En wat wil ik zelf? Ga ik nu de rest van m’n leven naar die deeltjes zitten te kijken? In die tijd waren oud-collega’s bij KPMG een groep aan het opzetten die zich bezighield met Big Data. Ik dacht: als zij het leuk vinden, vind ik het misschien ook wel leuk. En dat is ook zo.

„Wij onderzoeken of er waardevolle informatie zit in de berg informatie die bedrijven verzamelen. Daarna helpen we ze die data zélf te analyseren. Het is eigenlijk hetzelfde werk: we analyseren data die voor anderen heel abstract zijn, schrijven daar een programma bij en proberen door creatief te denken en te experimenteren erachter te komen wat die data ons vertellen. Of ze bijvoorbeeld kunnen voorspellen dat een machine binnenkort stuk gaat, of waar een klant zijn geld aan gaat uitgeven.

Vroeger onderzocht ik deeltjes en probeerde ik de natuur te ontrafelen, nu probeer ik inzicht te krijgen in de enorme hoeveelheid data, die we zelf in ons dagelijks leven produceren. Fundamentele natuurwetenschap is mooi, maar niet het enige.”