OESO nog optimistischer over Nederlandse economie

Winkelend publiek in de Amsterdamse Kalverstraat. Volgens de OESO groeit de Nederlandse economie harder dan verwacht.
Winkelend publiek in de Amsterdamse Kalverstraat. Volgens de OESO groeit de Nederlandse economie harder dan verwacht. Foto ANP / Remko de Waal

De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) is aanmerkelijk optimistischer over het herstel van de Nederlandse economie dan Nederland zelf. Vanochtend publiceerde de internationale organisatie van industrielanden nieuwe macro-economische prognoses voor haar lidstaten. Het bruto binnenlands product van Nederland groeit volgens die ramingen dit jaar met 2 procent en volgend jaar met 2,2 procent.

Het kabinet, dat leunt op de jongste ramingen van het Centraal Planbureau (CPB) van maart, gaat uit van een economische groei van 1,7 procent dit jaar en 1,8 procent in 2016. In absolute getallen schat de OESO de Nederlandse economie bijna 3 miljard euro groter in.

Kamp: Nederland tegen voorhoede aan

De OESO houdt vandaag, onder Nederlandse voorzitterschap, een ministersconferentie in Parijs over hoe bedrijven en overheden duurzame groei en werkgelegenheid kunnen bevorderen. Minister Henk Kamp (Economische Zaken, VVD), ook in Parijs aanwezig, reageerde enthousiast op de jongste ramingen van de OESO:

“Deze positieve cijfers laten zien dat we de stijgende lijn vasthouden. Het is een goed teken dat bedrijven meer investeren, consumenten meer besteden en de export blijft toenemen.”

Volgens de minister zit Nederland inmiddels “weer tegen de voorhoede aan”. Nederland groeit volgens de OESO volgens jaar 0,6 procentpunt boven de gemiddelde groei in de eurozone. De cijfers zijn positief op vrijwel alle macro-economische indicatoren: consumentenbestedingen, producentenvertrouwen, schuldreductie, de huizenmarkt en koopkracht.

OESO ook positiever over werkgelegenheid

De werkgelegenheid ontwikkelt zich volgens de OESO ook gunstiger dan waar het kabinet rekening mee houdt. De werkloosheid daalt volgens de industrieclub volgend jaar tot 6,5 procent van de beroepsbevolking. Het kabinet houdt het op basis van de laatste CPB-cijfers op 7 procent. De OESO verwacht omgerekend dus zo’n 45.000 banen méér.

Indien de economische verwachtingen ook door het CPB naar boven worden bijgesteld – volgende week komt het planbureau met nieuwe ramingen – dan heeft dat positieve gevolgen voor de begrotingsonderhandelingen richting Prinsjesdag. Afgelopen maandag presenteerde minister Jeroen Dijsselbloem (Financiën, PvdA) in de Voorjaarsnota al een meevaller voor dit jaar van 800 miljoen euro. Als de economie net zo hard aantrekt als de OESO verwacht kunnen de meevallers in de miljarden gaan lopen.