Bo&Caro

McDonald’s en het toneelstuk met de gluten

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk?

Wat: De presentatie van de glutenvrije hamburger van McDonald’s in Zaandam.

Wie: Communicatiedame Debbie de Wagenaar

Zo. Iedereen binnen? Powerpoint gereed? Filmpje startklaar? Check, check, check. Debbie de Wagenaar, Hoofd Communicatie van McDonalds, knikt haar toehoorders – een mevrouw van de stichting Voedselallergie en een handjevol journalisten, toe. Vijf over half drie, de starttijd. Zoals aangegeven op de uitnodiging. Dan gaat ze nu beginnen. Goed? Tuurlijk. Ze recht haar rug, kijkt haar communicatiecollega – al net zo perfect gekapt, keurig gekleed – even aan, en zegt: “McDonald’s introduceert vandaag haar glutenvrije hamburger, cheeseburger en Quarter Pounder.” Ze houdt een doosje omhoog waar ze het broodje straks uit zal halen.

Arme Ab

Geklik van fototoestellen, een cameraman die De Wagenaar even écht goed wil opnemen. De Wagenaar die haar hoofd gauw draait wanneer de gigantische lens op haar afkomt. “Dit is Ab”, zegt ze over een man naast haar aan tafel. Hij staat op en voegt zich bij haar. “Ab heeft een glutenallergie en kon daarom nooit bij McDonald’s eten met zijn kleinkinderen.” Ab knikt weer. Nu wat treurig.

“Dat vonden wij zo sneu. En voor alle anderen met een glutenallergie natuurlijk, die geen hamburger konden eten. Daarom ontwikkelden we dit nieuwe broodje, samen met de Nederlandse Coeliakie Vereniging.”

Tien over half drie. De Wagenaar en collega starten het hamburgerfilmpje. De cameraman filmt het filmpje, de fotografen fotograferen de cameraman en de hamburgerdoos op tafel. Kwart voor drie. “Bij McDonald’s werken wij nauwkeurig volgens protocol”, zegt De Wagenaar. En dat laten ze graag zien. Of haar publiek even meegaat de keuken in, kunnen ze zien hoe ze die glutenvrije hamburgers maken.

..mag geen hapje

Maar niet voordat ze Ab zijn exemplaar uit de doos heeft laten halen. Mooi hoor, vindt Ab. Of, eh, lekker natuurlijk. Dénkt hij. Hij mag van De Wagenaar geen hapje nemen, anders zou hij etend op de foto komen. “En dat is niet charmant.”

Ze strijkt haar rok recht, kijkt haar collega weer aan. Tien voor drie, ze moeten nu echt de keuken in. Haarnetjes worden uitgedeeld, het clubje wordt overgedragen aan de chef hamburger. Die loopt voorop de keuken door, wijst hier en daar wat aan. Fotografen, journalisten en de cameraman erachteraan.

..van zijn nieuwe burger

Ab is wat verloren bij een aanrecht blijven staan. Is hij blij met zijn burger? Vraag van de cameraman. Waarom is híj nu eigenlijk de uitverkorene? “Ze, eh, hebben me hiervoor benaderd”, zegt Ab. Het reclamebureau, bedoelt hij. De Wagenaar: “En nu ben je blij hè, Ab? Dat je nu echt bij ons kunt komen eten met je kleinkinderen?” Ab: “Ja, eh, dat kon ik op zich al. Want ik kon wel friet eten, snap je, en salade.” De Wagenaar: “Maar nu tenminste ook echt een hamburger. Hè? Toch, Ab?” Geklik van de fotografen, een schrijfblok onder Abs neus. “Ja”, zegt Ab gauw. Hij is heel blij, hij gaat zijn kleinkinderen straks meteen bellen.