Makelaar in groot vermaak

Libéma is een van de grootste vrijetijdsbedrijven in Nederland. Onlangs reeg eigenaar-directeur Dirk Lips de parken ZooParc en AquaZoo aan zijn verzameling. „In mijn hart ben ik een dierenman.”

Directeur-eigenaar Dirk Lips van Libéma in zijn Safaripark Beekse Bergen in Hilvarenbeek.
Directeur-eigenaar Dirk Lips van Libéma in zijn Safaripark Beekse Bergen in Hilvarenbeek. Foto Merlin Daleman

Ze hadden bij vrijetijdsconcern Libéma in Rosmalen al horen fluisteren dat de dierenparken van Zodiac Zoos slecht liepen. Daarom hadden ze hun parkmanager van Dierenrijk Nuenen ter oriëntatie op een weekenddag naar het park van Zodiac Zoos in Overloon gestuurd. Onopvallend had die een fotoreportage gemaakt van wat daar verbeterd kon worden.

Dus toen Libéma-directeur Dirk Lips (63) op een dinsdag tegenover de curator belandde die het faillissement van Zodiac Zoos afwikkelde, kon er snel gehandeld worden. Drie dagen later ontving Libéma „voor een aantal miljoen” de sleutels van ZooParc in Overloon, Dierenpark Wissel in Epe en AquaZoo in Leeuwarden.

Dirk Lips vertelt met trots over de snelle overname. Hij zit aan een tafeltje in een deel van het restaurant in Safaripark Beekse Bergen dat deze maandagmorgen speciaal voor de Libéma-directeur is afgesloten. Slank postuur, onberispelijk pak, waakzame, maar vriendelijke ogen. „De afspraak was dat we Overloon en Leeuwarden geen dag zouden sluiten. We hebben 72 uur onafgebroken gewerkt om dat te kunnen realiseren. In Overloon waren niet eens pinautomaten, er was nauwelijks dierenvoeding meer, er waren te weinig dierenverzorgers.”

Zo’n snelle overname van dierenparken lukt je alleen als je ruime dierentuinervaring hebt, verzekert Lips. Van Dierenpark Wissel in Epe was meteen al duidelijk dat het gesloten moest worden wegens gebrek aan uitbreidingsmogelijkheden. Met de curator sprak Lips af dat Libéma het park toch zou overnemen, net als de kosten voor het herplaatsen van alle dieren. „Zo’n bank en curator hebben natuurlijk geen idee wat ze met die beesten moeten. Wij regelden binnen zes weken voor allemaal een nieuwe plek.”

Scheepsschroeven

Libéma staat voor Lips Beheersmaatschappij. Dirk Lips richtte het bedrijf in 1982 op toen hij het Autotron overnam van zijn vader. Vader Max Lips stond aan het hoofd van het wereldwijd gerenommeerde bedrijf Lips Scheepsschroeven in Drunen. Bij wijze van hobby verzamelde hij oude auto’s die hij tentoonstelde in het Autotron. Dat kon betaald worden van de winst van zijn bedrijf. Maar toen die business inzakte, werd het verlieslijdende Autotron een blok aan vader Max’ been.

Zoon Dirk werkte na een studie bedrijfskunde in Delft en economie in Rotterdam bij een tampons- en tandpastaproducent, maar droomde ervan voor zichzelf te beginnen. Hij zocht hooggeleerde experts op om eens over de mogelijkheden van het Autotron te praten en leerde een belangrijke les. De meeste mensen die een dagje uitgaan, zijn niet zozeer geïnteresseerd in auto’s, of schilderijen, of dieren. Hun doel is vooral: het samen gezellig te hebben.

Dirk Lips bedacht een plan om van Autotron meer een attractiepark te maken. Pa zei: „Mijn zegen heb je.” En twee jaar later – in 1984 – maakte het Autotron winst.

In 2003 sloot Dirk Lips het Autotron als dagattractie en verkocht hij de meeste van zijn vaders historische auto’s. Zijn vijf broers en zussen waren hier niet allemaal blij mee. „Als mijn vader toen nog geleefd had, had ik het ook niet gedaan. Dan had ik het niet zo positieve resultaat voor lief genomen. Maar nu nam ik – met pijn in mijn hart – een zakelijk besluit. Het Autotron verdient meer als beurzen- en evenementenaccommodatie.”

Oldtimers in Aviodrome

Sinds ruim drie jaar is Libéma eigenaar van Aviodrome in Lelystad dat historische vliegtuigen exposeert. „Daar staan nu de dertig auto’s die ik uit mijn vaders verzameling gehouden had. De combinatie met vliegtuigen is geweldig, omdat de eerste vliegtuigmotoren werden gemaakt door autoproducenten.” Zo werd Aviodrome een beetje een eerbetoon aan vader Max.

Zijn eerste dierentuin kocht Dirk Lips in 1987. De gemeenten Tilburg en Hilvarenbeek wilden af van de verlieslijdende Beekse Bergen. Een buitenkans, dacht Lips. „In mijn hart ben ik een dierenman.” Hij weet nog precies wanneer zijn liefde voor dieren ontvlamde. Hij was vier en bezocht met zijn vader een circus in Kopenhagen. De leeuwen, tijgers en beer betoverden hem totaal, zegt hij. Zijn vader zorgde daarom dat hij na de voorstelling bij de dieren mocht. „Een uur lang heb ik gebiologeerd staan kijken. Toen wist ik: dit is het!”

In Beekse Bergen waren in 1987 nauwelijks stallen. Onder de populatie brak open tbc uit en veel beesten overleefden de winter niet. Dierentuinen waren als postzegelverzamelingen. Je moest er zo veel mogelijk laten zien. Of dieren sneuvelden was van ondergeschikt belang, vertelt Lips.

‘Zonder dubbele agenda’

Dat veranderde niet veel later, na een conferentie in Basel, waarop de grote Europese dierentuinen gezamenlijk besloten dat dierenwelzijn en het in stand houden van soorten prioriteit moest krijgen. Er werden fokprogramma’s opgezet en alle dieren werden eigendom van de gezamenlijke dierentuinen, zodat ze geen handelswaar meer waren. Lips en Beekse Bergen deden hier vol vuur aan mee.

„Het leuke van dieren vind ik dat ze op een eerlijke manier voorspelbaar zijn. Ze kunnen wreed een ander dier vermoorden zonder zich zorgen te maken over diens vrouw en kinderen. Maar dat doen ze met open vizier en zonder dubbele agenda.”

In 33 jaar is Libéma uitgegroeid tot een bedrijf met negen attractieparken, vijf vakantieparken en tien beurzen- en evenementenaccommodaties. Dat lijkt een bij elkaar geraapt zootje, maar dat is het niet, zegt Lips. Overal moeten mensen parkeren en ontvangen worden. Overal is horeca nodig en een technische en facilitaire dienst. „Alleen de kerndiscipline verschilt. En op het hoofdkantoor zitten juristen, accountants, ICT’ers en marketeers die voor alle bedrijven werken. Uiterst efficiënt”

Het bedrijf heeft 900 mensen in dienst, ontvangt jaarlijks vijf miljoen gasten en zette vorig jaar 80 miljoen euro om. (De jaarrekening 2014 is nog niet beschikbaar.) Omdat Dirk Lips enig aandeelhouder is, hoeven er geen royale dividenden te worden uitgekeerd. Libéma investeert uit eigen middelen volgens Lips elk jaar zo’n 10 miljoen euro in nieuwe aankopen en het verbeteren van de eigen locaties.

Hazenslaapjes

Nog altijd werkt Lips zeven dagen in de week. „Maar niet meer zestien uur per dag, zoals vroeger.” ’s Nachts denkt hij plannen uit. „Daar heb ik overdag geen tijd voor. Dan ben ik aan het werk.” Net als dieren, slaapt hij nooit acht uur achter elkaar. „Als een gnoe, zebra of zelfs olifant acht uur zou slapen, zouden ze nooit meer wakker worden. Ik doe, net als dieren, hazenslaapjes. Rond een uur of twee word ik wakker. Dan teken ik bijvoorbeeld een opzet voor de nieuwe giraffenverblijven in Overloon. Daarna ga ik weer slapen. En om kwart over zes sta ik opnieuw naast mijn bed.”

Hij zal doorwerken totdat dat fysiek of geestelijk niet meer mogelijk is, maar heeft desondanks zijn opvolging gedetailleerd voorbereid. „Veel familiebedrijven maken de grote fout te denken dat zoon of dochter de boel moet overnemen. Ik niet. Mijn dochter en twee zoons worden aandeelhouder en ik heb ze geleerd dat de waarde van aandelen zich het beste ontwikkelt als je professionals kansen geeft. Mijn opvolger is al bekend. Dus als ik omval, draait dit bedrijf gewoon door. Dat is niet triest. Zo moet het zijn.” Jan Blijenberg, nu nog directeur van de divisie beurzen en evenementen, zal het roer overnemen.

Na afloop van het gesprek gaat Dirk Lips in een drafje nog even voor naar het nieuwe binnenverblijf van de olifanten. Dat wil hij graag laten zien. Onderweg vertelt hij dat Safaripark Beekse Bergen alleen al jaarlijks 900.000 bezoekers trekt. Dat het een dagje Afrika biedt, waar Dierenrijk weer meer mikt op jonge kinderen. Dat elk park zijn eigen insteek moet hebben, zodat Libéma zichzelf niet beconcurreert. Dat hij fantaseert over een plas met zeehonden die mensen vanaf een trekschuit kunnen voeren in AquaZoo in Leeuwarden.

Eenmaal bij de olifanten valt hij stil. Hij wijst. De dieren hoeven niet meer afzonderlijk in een hok, maar hebben een hele grote gezamenlijke stal met zand op de vloer en speeltjes. Na een tijdje zegt Dirl Lips trots: „Hier zie je een olifantenfamilie bij elkaar. Zoals het hoort.”