Koerden kunnen macht Erdogan drastisch inperken

Voor Turken die de polarisatie zat zijn, is de HDP een serieus alternatief. Als de pro-Koerdische partij de kiesdrempel haalt zondag, zullen de politieke verhoudingen radicaal veranderen.

Zetelverdeling in het parlement
Zetelverdeling in het parlement

Op 21 maart klimt Ayse Erdem met trillende handen het podium op. Ze kijkt uit over een groot veld vol mensen, naast metrostation Kazliçesme. Er golven duizenden Koerdische vlaggen voor de viering van Nowruz, het Koerdische Nieuwjaar. Traditioneel uitgedoste Koerdische vrouwen in felle kleuren dansen met mannen in een kringetje de halay. Armen strak naar beneden, de voeten doen steeds sneller het werk.

Erdem schraapt haar keel en grijpt de microfoon. Ze is geen Koerd, maar wel de kersverse co-voorzitter van de afdeling Istanbul van de pro-Koerdische Democratische Volkspartij (HDP). Een van de boegbeelden die niet-Koerden in Turkije ervan moet helpen overtuigen dat de HDP niet eng is en niet alleen voor Koerden. Als dat lukt, zullen de parlementsverkiezingen op 7 juni de politieke verhoudingen in Turkije radicaal veranderen.

De HDP komt voort uit de beweging die strijdt tegen de onderdrukking en voor gelijke rechten voor de grote Koerdische minderheid in Turkije. Deze strijd duurt al veertig jaar en kostte aan tienduizenden mensen het leven. Sinds twee jaar geldt een wapenstilstand tussen het Turkse leger en de guerrilla’s van de verboden Koerdische Arbeiderspartij PKK, waar de HDP banden mee heeft. Woorden moeten de plaats van wapens innemen.

Dit heeft de positie van Koerdische politici versterkt. Bij de presidentsverkiezingen afgelopen zomer behaalde de Koerdische presidentskandidaat tot ieders verbazing 9,8 procent van de stemmen. Daarmee was het bewijs geleverd dat er genoeg kiezers zouden moeten zijn om de hoge Turkse kiesdrempel van 10 procent te halen. Tot nu toe konden alleen individuele Koerdische kandidaten worden gekozen, die dan na de verkiezingen een fractie vormden. Nu waagt de HDP het als partij mee te doen. Dat is een grote gok. Als de 10 procent niet wordt gehaald, gaan de stemmen verloren en worden ze verdeeld over de concurrenten. Opiniepeilers durven niet te voorspellen of het de HDP lukt.

Risico op Koerdisch geweld

„Als ze het halen, zijn de voorwaarden voor een oplossing van de problemen van de Koerdische minderheid aanwezig”, zegt politicoloog Ali Çarkoglu van de Koç-universiteit. Hij is gespecialiseerd in kiesgedrag in Turkije. Met HDP in het parlement committeren de Koerden zich aan het democratische spel in Turkije, zegt hij. Daarbij zou de regerende AKP minder machtig worden en gedwongen worden tot compromissen.

Veel Turken houden hun adem in bij de gedachte dat de 10 procent niet wordt gehaald. Dan zijn er miljoenen woedende en teleurgestelde stemmers, vooral Koerden. Leggen ze zich zomaar bij de uitslag neer? Of pakken ze dan de wapens weer op? Roepen ze een onafhankelijke republiek uit in het zuidoosten?

Twee maanden nadat Ayse Erdem met trillende handen op het podium een toespraak hield, is ze in haar rol gegroeid. Op het partijkantoor van de HDP in een oude migrantenwijk in Istanbul is ze druk met de naderende verkiezingen. Een op de vijf Turken woont in Istanbul. „Als we de drempel hier halen, halen we hem in heel Turkije zeggen ze. Nogal een verantwoordelijkheid.” Ze rookt een sjekkie in het trappenhuis voor ze achter haar bureau uitlegt hoe de campagne verloopt.

Voor jonge Turken die de polarisatie tussen de regerende islamitische AKP en de oude seculiere elite zat zijn, en de autoritaire neigingen van president Erdogan vrezen, is de HDP een serieus alternatief. De partij geldt als linkser en democratischer, beter voor minderheden en het milieu dan de anderen. Maar die groep is te klein om het verschil te maken. Het moeilijkst over te halen zijn de Koerden die gewoonlijk op de AKP stemmen en die de HDP te links en atheistisch vinden. „Die willen niet over hun identiteit praten, niet aan conflict herinnerd worden. Mij zien ze graag, omdat ik een bewijs ben dat de partij ‘verturkt’.”

Politieke tegenstanders doen er intussen alles aan om juist de associatie van HDP met geweld, gewapende strijd en afscheidingsbewegingen op te roepen. President Erdogan loopt daarin voorop. De leider van de HDP, Selahattin Demirtas, is volgens hem verantwoordelijk voor de tientallen doden die in oktober vielen toen Koerden protesteerden omdat Turkije de Koerden in de Syrische stad Kobani niet hielp in de strijd tegen de Islamitische Staat. „En nu drukken ze hem een saz [snaarinstrument] in zijn handen en doen alsof hij een kroegartiest is”, sneert hij.

Iedere paar dagen zijn er aanslagen op partijkantoren van de HDP. Soms stenen door de ruit, op 18 mei een bom verstopt in een bos bloemen die werd bezorgd in Mersin. HDP’ers hebben vanuit de leiding opdracht daar zo min mogelijk over te praten. Provocaties op straat, waarbij ze worden uitgemaakt voor PKK’ers die het bloed van Turkse soldaten aan hun handen hebben, moeten ze van zich af laten glijden.

Ayse Erdem komt uit een typisch gegoed seculier Turks milieu, omschrijft ze. Ze leidde een comfortabel leven en had geen idee van de omvang van het geweld tegen Koerden die uit hun dorpen werden verdreven, vervolgd en onderdrukt. „Toen ik het begon te zien was er iedere dag wel iets om over te huilen. Ik besefte dat Turkije geen democratie kan zijn zonder dit op te lossen.” Haar besluit om actief te worden voor de HDP schokte aanvankelijk haar vrienden en familie. Inmiddels begrijpen ze het, zegt ze. En als de HDP het op 7 juni haalt, verwacht ze dat ook niet-HDP’ers opgelucht zijn. Dan is Turkije democratischer geworden.