Rainer schildert uit respect over het werk van anderen

Arnulf Rainer, Ohne Titel (2012)
Arnulf Rainer, Ohne Titel (2012)

Arnulf Rainer is een ‘Übermaler’: de Oostenrijker schildert over reproducties of over werk heen. Hij deed dit altijd bij voorkeur met de handen, maar de laatste jaren ontbreekt hem hiertoe de kracht. Rainer (1929) ontdekte de Gestische Handmalerei toen hij, begin jaren zeventig, op een uitvergrote foto de wangen van een gezicht overschilderde en in de roes zijn penseel brak. Haastig ging hij door met zijn handen. „Ik sloeg en mepte op de wangen en werd gefascineerd door dat oorvijgen uitdelen, door de sporen van mijn klappen.” Deze werkwijze zou leiden tot rauwe, monumentale doeken, bedekt met heftige vegen en handafdrukken. Schilderen als gevecht.

Rainer maakt ook meer verstilde, overschilderingen, geheel zwart of felrood of donkerpaars. Altijd is er een hoek of een rand vrijgelaten waar het onderliggende schilderij nog te zien is. Rainer spreekt van een „stapsgewijs verduisteren” of „geleidelijk laten afsterven” van het schilderij.

Het werk van Rainer komt voort uit de naoorlogse bevrijdingsdrift en de worsteling met het Oostenrijkse naziverleden, die ook de bron zijn van het werk van Wiener Aktionisten als Hermann Nitsch en Günter Brus. De praktijk van deze kunstenaars werd gekenmerkt door religieus getinte rituelen en dionysische (groeps-)experimenten, vaak onder invloed van hallucinerende middelen.

Het ‘übermalen’ van Rainer is geen destructieve daad, maar eerder een magische handeling die het beeld juist tot leven wil wekken. Ook is het een hommage aan bewonderde kunstenaars, bijvoorbeeld de landschapsschilder Caspar David Friedrich.

Zo bezien is de kunst van Rainer een nieuwe vorm van klassieke ‘aemulatio’, de creatieve wedijver met het werk van andere kunstenaars. Dit kreeg een bijzondere lading toen Rainer tekeningen en schilderijen van chimpansees kopieerde en overschilderde, in een poging ze te overtreffen. Dit was niet ironisch bedoeld. Rainer was, en is nog steeds, op zoek naar de mogelijkheid van een zuivere en directe expressie, niet besmet door culturele tradities en vooroordelen.

Helaas doet de expositie in het Cobra Museum, samengesteld door Rudi Fuchs en Maarten Bertheux, geen recht aan het imposante en zeer eigenzinnige oeuvre van Rainer. Ruim 200 werken hebben zij bijeengebracht, met de nadruk op het recente werk. Dit heeft veel van zijn kracht verloren. Tegenwoordig zijn de door Rainer geselecteerde reproducties divers van aard, van madonna’s en filmsterren tot mummies, boeddha’s en landschappen. De handeling van het schilderen beperkt zich vaak tot twee transparante, gebogen verfstreken links en rechts die eruitzien als gordijntjes.

De werken zijn in lange rijen naast elkaar gehangen. Dit maakt de concentratie op een afzonderlijk werk onmogelijk. Het is één grote brij, waarin de geslaagde schilderijen, die er ook tussen zitten, vrijwel onzichtbaar blijven.