‘Premier Begin van Israël was een terrorist en een vredestichter’

Dat staat in het vmbo-examenboek Geschiedeniswerkplaats

Illustratie Robin Héman
Illustratie Robin Héman

De aanleiding

Het was een onalledaags telefoontje voor staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD) vorige week. De Israëlische minister Bennett (Onderwijs, Het Joodse Huis) belde om te klagen over een passage in het vmbo-examenboek Geschiedeniswerkplaats. Onder een foto van de Israëlische oud-premier Begin staat het kopje ‘terrorist en vredestichter’. Vooral over die eerste kwalificatie maakte de ultra-rechtse nationalist Bennett zich druk. Dekker verwees hem door naar Noordhoff, de uitgever van het schoolboek. Uitgever Noordhoff zegt dat het de feiten „zorgvuldig en in de juiste verhouding” heeft weergegeven.

De Israëlische kritiek richt zich ook op andere passages. Zo zouden grote delen van de Israëlische geschiedenis „sterk bevooroordeeld” zijn weergegeven, schrijft de website Times of Israel. Ook Casper Veldkamp, de Nederlandse ambassadeur in Israël, is kritisch. Tegen persbureau ANP zei hij dat er „toch iets is misgegaan in de kwaliteitscontrole” bij de uitgever.

Het is onmogelijk om hier alle beweringen in het gewraakte hoofdstuk te checken. Daarom beperken we ons tot de meest controversiële bewering, dat Begin een „terrorist en vredestichter” was.

Waar is het op gebaseerd?

Als premier van Israël (1977-1983) sloot Begin vrede met Egypte. Maar voor de stichting van de staat, in 1948, stond hij aan het hoofd van de Irgun. Dit was een ondergrondse militie die zich had afgesplitst van de belangrijkste Joodse militaire organisatie, de Haganah. De Irgun vocht tegen het Britse mandaat in Palestina en pleegde daarbij aanslagen. Begin gaf onder meer opdracht tot de aanslag in 1946 op het King David-hotel in Jeruzalem, waar de Britten hun hoofdkwartier hadden gevestigd. Hierbij kwamen 91 mensen om het leven.

En, klopt het?

Het is onmiskenbaar dat Begin vrede sloot met Egypte. Evenmin wordt betwist dat hij aan het hoofd stond van de Irgun, en dat die organisatie aanslagen pleegde. De vraag is: kunnen die aanslagen ‘terroristisch’ worden genoemd?

Er zijn vele definities van het begrip ‘terrorisme’ in omloop. Volgens de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding is terrorisme „het uit ideologische motieven plegen van op mensen gericht ernstig geweld, gericht op het aanrichten van maatschappijontwrichtende schade, met als doel maatschappelijke veranderingen te bewerkstelligen, de bevolking ernstige vrees aan te jagen of politieke besluitvorming te beïnvloeden”. Palestijnen die aanslagen plegen, worden in Israëlische media routinematig ‘terroristen’ genoemd. Hun daden zijn een vorm van gewelddadig verzet tegen de staat Israël en de bezetting.

Tot zover valt er niets af te dingen op de bewering in het schoolboek. Waarom vallen Israëliërs dan over de kwalificatie ‘terrorist’? Volgens een groep Israëlische historici, die bekendstaat als de ‘Nieuwe Historici’, gingen Israëlische schoolboeken vaak uit van een zionistische versie van de geschiedenis. In deze versie vormden de daden van Begin een noodzakelijk opstapje naar de stichting van de staat Israël en kunnen ze daarom geen terreurdaden worden genoemd.

Vanaf de jaren tachtig zijn de Nieuwe Historici deze kijk op het verleden gaan betwisten. Een van hen, Benny Morris, schreef het gezaghebbende boek 1948. The First Arab-Israeli War, waarin ook de aanslagen van de Irgun figureren. Volgens Morris, die veel archiefmateriaal ontsloot, werden Irgun-leden ook in hun eigen tijd door het Joodse leiderschap al gezien als „ondoordachte terroristen”. De aanslag op het King David-hotel noemt Morris „de grootste terroristische wandaad in de geschiedenis van de Irgun”. Inmiddels geldt het werk van Morris cum suis als mainstream in de academische wereld, waar de zionistische geschiedschrijving niet meer zo serieus wordt genomen.

Conclusie

Volgens de meest gangbare definities en historici pleegde de latere premier en vredestichter Menachem Begin terroristische aanslagen in de jaren die voorafgingen aan de oprichting van de staat Israël. Wij beoordelen de bewering daarom als waar.