Op z’n honderdste verjaardag wordt Grontmij opeens Zweeds

Het Nederlandse Grontmij wordt overgenomen. Waarom kon het niet anders?

Volgens vertrekkend Grontmij-topman Michiel Jaski zorgt de overname door Sweco ervoor dat ze samen nog grotere projecten kunnen aannemen.
Volgens vertrekkend Grontmij-topman Michiel Jaski zorgt de overname door Sweco ervoor dat ze samen nog grotere projecten kunnen aannemen. Foto Chris Keulen

Vijf nijptangen, drie pikhouwelen, één ladder, negen paar laarzen, drie rijwielen en vier rijwiellantaarns. De inventarisatielijst van grondverbeterings- en ontginningsmaatschappij Grontmij is nog overzichtelijk in het begin. In 1917, twee jaar nadat Doedo Veenhuizen uit Zwolle het bedrijf oprichtte, verzette Grontmij het werk met 23 ossen, 9 paarden, een tiental ploegers en opzichters en een boekhouder. Daarmee ontgon het woeste gronden en hielp het boeren tegen wateroverlast.

Nu, na honderd jaar, wordt ingenieursbedrijf Grontmij overgenomen. De Zweedse branchegenoot Sweco wil 354 miljoen euro betalen en Grontmij gaat akkoord. Daarmee verdwijnt Grontmij van de Nederlandse beurs.

„Het is natuurlijk een bedrijf met een superhistorie”, zegt topman Michiel Jaski aan de telefoon. Grontmij herstelde landbouwgronden na de oorlog, bouwde dijken na de watersnoodramp en werkte mee aan de Betuwelijn. „Ik kan me voorstellen dat de geschiedenis zwaar weegt voor sommige aandeelhouders.”

Toch zijn er drie zwaarwegende redenen waarom Grontmij Zweeds wordt (en één reden waarom misschien niet).

Grontmij is te klein

„De kleine bedrijven in onze sector verdwijnen”, zegt topman Jaski. „Er zijn een aantal grote internationale ingenieursbureaus in Europa en wij zijn er daar niet één van.” Het lukte Jaski niet om Grontmij te laten groeien. De ‘back on track’-strategie’ (minder kosten, meer winst en groei) die hij in 2012 lanceerde, mislukte.

Jaski: „We kúnnen zelfstandig blijven, maar het risico is groot dat Grontmij marginaliseert.” Een overname door een grotere branchegenoot leek de beste oplossing. Dat werd Sweco, na gesprekken met een „aantal partijen”. Het eerste bod van de Zweden was te laag, het tweede „was goed genoeg voor ons”, zegt Jaski.

Blijkbaar ook voor de aandeelhouders, die 22 procent bovenop de slotkoers van vrijdag krijgen – „geen superdikke premie”, zegt beursanalist Edwin de Jong van SNS Securities. Maar de aandeelhouders zien ook wel hoe Grontmij de afgelopen jaren heeft gepresteerd, zegt Jaski.

Als deel van Sweco kan Grontmij weer investeren, denkt Jaski. In kennis over bijvoorbeeld waterzuivering of energienetwerken. „Daarvoor moet je nieuwe mensen aannemen of bedrijfjes kopen.” Maar alle aandacht ging naar kosten besparen. „Dan beginnen werknemers en klanten zich af te vragen: gebeurt er hier nog wat?”

De Franse aankoop is mislukt

Jaski noemt nog een probleem: de aankoop van het Franse Ginger. Samen met zijn Franse branchegenoot zou Grontmij een „toonaangevende” rol verwerven, beloofde het bedrijf in 2010. Met de Fransen zou Grontmij de vierde van Europa worden en toegang krijgen tot een „hoogwaardige internationale klantenportefeuille”.

Maar de overname van Ginger bracht Grontmij diep in de financiële problemen. De leningen die nodig waren om de overname te financieren, drukten zwaar op de balans. In 2011 leed Grontmij een verlies van 63 miljoen euro. Ook in de jaren daarna lukte het niet meer om winst te maken. Kort na de Franse aankoop werd de hele top van het bedrijf vervangen.

„De acquisitie in Frankrijk pakte verkeerd uit”, zegt Jaski. Verkopen maar weer, besloot hij. In 2013 en 2014 wist Grontmij delen van de Franse tak te verkopen en nu is ook de rest verkocht, aan een andere partij dan Sweco, zo werd gisteren bekend. Wel met verlies: circa 25 miljoen euro.

Sweco kan met Grontmij groeien

Ondanks dat Grontmij verlies maakt maakt, wil Sweco het bedrijf hebben. Sweco zit opgesloten in Zweden, zegt beursanalist Michel Aupers van de Rabobank. Met Grontmij is Sweco ineens één van de grootste ingenieursbureaus van Europa, mét uitgebreid Europees klantenbestand.

Ook vullen de bedrijven elkaar technisch aan, zegt Jaski. „Neem treinrails. Wij zijn goed in de onderstructuur, Sweco in de signalering. Samen kunnen we grotere projecten doen.”

Jaski raakt zelf zijn baan kwijt. „Dat is oké, ik heb dit zelf geïnitieerd.” Sweco wil wel graag „één of meer” commissarissen aannemen „met kennis van Grontmij”, meldt het bedrijf. Ze hebben onder meer de keus uit de commissarissen van Grontmij: oud-topman René Van der Bruggen van installatiebedrijf Imtech, waar miljoenenfraude aan het licht kwam, en oud-financieel directeur André Jonkman van bodemonderzoeker Fugro, dat na zijn vertrek verschillende winstwaarschuwingen moest aankondigen.

Het kán nog misgaan. Er kan een andere bieder opduiken. Grontmij heeft verschillende potentiële kopers benaderd – hoeveel precies zegt Jaski niet – en die hadden blijkbaar onvoldoende interesse. Maar is mogelijk dat een bedrijf dat niet is benaderd wél interesse heeft. „We staan ervoor open”, zegt Jaski. Die moet er dan wel wat voor over hebben: minstens 9 procent hoger dan het bod van Sweco.

Is dat realistisch? „De slechte performance van Grontmij is beste verdediging” tegen zo’n concurrerend bod, zegt analist Aupers van Rabobank. „Ik kan me voorstellen dat veel kopers denken: ik koop liever een winkel die nog aardig loopt.”