Brieven

Studie ging over depressie

Paulien Derwort pleit in O&D (30/5) fel tegen mindfulness: „Ga toch weg met je mindfulness.” Een toenemend aantal mensen heeft mindfulness ontdekt en Paulien vraagt zich af: „Worden we hier echt beter van?” Een antwoord probeert zij niet te vinden in wetenschappelijk bewijs. Nee, het feit dat recent onderzoek uitwijst dat mindfulness net zo effectief kan zijn als anti-depressiva doet zij af als slechts symptoombestrijding en kortetermijneffecten. Hieruit blijkt dat Paulien niet goed op de hoogte is van het onderzoek en van wat mindfulness eigenlijk is.

Wat liet het onderzoek dat zij aanhaalt eigenlijk zien? Het evalueerde de effectiviteit van mindfulness in vergelijking met die van antidepressiva bij mensen die al drie of meer depressieve periodes gehad hebben. Dit zijn geen mensen die alleen maar bezig zijn met geluk, zoals Paulien stelt. Dit zijn geen mensen die slechts bezig zijn met symptoombestrijding, maar mensen die langdurig geholpen willen worden. Het feit dat ze al meerdere depressieve periodes hebben gehad, betekent immers dat de kans op een nieuwe depressie in de toekomst groot is. En gelukkig kan mindfulness hierbij helpen. Niet op korte termijn, nee, het kan het risico op een nieuwe depressie de daaropvolgende twee jaar substantieel verminderen. Niet beter dan antidepressiva, wel net zo goed. Ik zou wel weten waar ik voor koos.

En wat is mindfulness nu eigenlijk? Inderdaad leert mindfulness je om het hier en nu bewust te ervaren. Mindfulness staat namelijk voor aandachttraining waarbij je leert aandacht te geven zonder te interpreteren of het anders te willen. Dus juist niet zoals Paulien concludeert alleen aandacht hebben voor leuke momenten. Het is juist het leren accepteren dat er lijden is in ons leven. Dus precies zoals Paulien het wil zien. Mindfulness doet dat op een gestructureerde manier, gebaseerd op eeuwenoude ervaringen en goed onderzocht. Dus niet zoals Paulien voorstelt: schreeuw het uit, sla om je heen of huil de stress er af. Dit zijn methodes die bij kleine incidentele problemen kunnen helpen om de symptomen te bestrijden. Maar dit is natuurlijk niet de manier om bij structurele grotere problemen stress te reduceren of om inzicht te geven zodat je problemen in de toekomst kan voorkomen of verlichten.

Arts-epidemioloog

Je doet wel iets met emoties

De bewering van Paulien Derwort dat je bij mindfulness je gedachten en emoties slechts waarneemt maar er niets mee doet, klopt niet (30/5). Waar het bij mindfulnesstraining om gaat, is afstand te nemen van de maalstroom van gedachten, en even niet mee te gaan in een tegenslag of emotie. Wie erin slaagt om zo ruimte in zijn hoofd te creëren, is nadien beter in staat om met tegenslagen om te gaan en ze op den duur wellicht te overwinnen. Door de oorzaak van je problemen aan te pakken, biedt mindfulness een structureel alternatief voor het slikken van antidepressiva. Dit is inmiddels door onderzoek bewezen, dus daar is volgens mij niets zweverigs aan.

Tirza Elias

Vrouwelijke opinieschrijvers

Niet verleid tot een mening

De misschien niet geheel retorische vraag van Maarten Huygen waarom vrouwen minder vaak met hun mening durven te komen is natuurlijk een zuiver geval van uitlokking. De toevoeging dat het een kwestie van minder zelfvertrouwen moet zijn legt het er nog eens duimendik bovenop. Ik laat me dan ook niet verleiden tot een zondagavond aan de laptop om een en ander te pareren.

Misschien is de ware reden voor het overschot aan mannelijke opinieschrijvers wel dat vrouwen hun kruit liever sparen voor gevechten die ertoe doen. Huygens premisse dat het delen van een ervaring of opinie een kwestie is van moed, zegt in dat verband genoeg.

Lineke Pijnappels

Heijne over misbruik

Grote schaal is overdreven

Met stijgende verbazing de column gelezen van Bas Heijne (30/5): „Het bekend worden van seksueel misbruik op zo’n onthutsend grote schaal, (...), dat je niet langer van een misstand kunt spreken.”

Het meer dan acht miljoen kostend onderzoek van de commissie-Deetman leert dat slechts 0,6 tot 0,9 procent van de kerkelijke bedienaren zich schuldig heeft gemaakt aan misbruik. Te onderscheiden in ‘gering, matig en ernstig’. Uiteraard zeggen deze geringe percentages niets over het aantal slachtoffers. Immers één dader kan vele slachtoffers maken. En nog minder over het verdriet van de individuele slachtoffers. Maar om nu bij 0,6 tot 0,9 procent te spreken van ‘onthutsend grote schaal’?

En wat betreft het oorzakelijk verband dat Heijne legt tussen ‘dit soort excessen en de ontkenning van de menselijke natuur’ (het opgelegde celibaat): dezelfde studie van Deetman brengt aan het licht dat het misbruik achter de voordeuren van de gehuwden vele malen groter is.

Dat niettegenstaande deze gegevens inmiddels het hele land denkt dat het merendeel van de kerkelijke bedienaren met kinderen heeft zitten rommelen, is gelet op de repeterende media-aandacht zeer begrijpelijk. Wanneer iedere maand een ander slachtoffer zijn verhaal mag komen doen, kunnen we nog jaren vooruit.

Blijft staan dat het misbruik door geestelijken, al was het maar één, niet goed te praten valt. En nog minder het gebrek aan adequaat handelen van kerkelijke overheden. Maar spreken van ‘onthutsend grote schaal’ en het maken van een koppeling met de celibataire levensstaat kan met de cijfers van Deetman niet onderbouwd worden.

Het heeft er alle schijn van dat hier misbruik gemaakt wordt van de misbruikaffaire om de Kerk het zwijgen op te leggen.

G.H.A. Hover Pastoor

Correcties en aanvullingen

Bontes

In Moszkowicz op de vp, in de krant en op tour – tikje veel, Ombudsman 30/5, O&D 11) wordt Louis Bontes partijgenoot van Moszkowicz genoemd in VNL. Dat is onjuist. Hij verliet VNL omdat hij zich niet kan vinden in de keus voor Moszkowicz als lijsttrekker.

Verkeerde cijfers

In de graphic bij Politiek spel in Eerste Kamer nog lastiger voor Rutte II (27/5, p. 5) staan verkeerde getallen bij het aantal functies dat bepaalde senatoren naast hun Eerste Kamerlidmaatschap bekleden. Op nrc.nl/senatoren staan de juiste gegevens.

Examenfeesten

In ‘En na het examen: wodka’ (30/5, pag. 24) wordt student Alderik Oosthoek drie keer aangehaald. Zijn tweede en derde citaat zijn afkomstig van een website over het organiseren van examenfeesten die hij met enkele anderen maakte.