Lagere hypotheek, hoger doel

Moet de maximale hypotheek verder omlaag? Tot 2018 wordt het maximum dat huizenkopers mogen lenen al stapsgewijs teruggebracht van de huidige 103 procent van de woningwaarde tot 100 procent. Het Financieel Stabiliteitscomité onder leiding van topman Klaas Knot van De Nederlandsche Bank pleit nu in een advies aan het kabinet voor een verdere afbouw van het maximum, tot 90 procent van de woningwaarde. Dat betekent een verdere stapsgewijze verlaging in de tien jaar na 2018.

Er is veel kritiek op dit advies. De woningmarkt, die net aan het herstellen is, kan er onder lijden. Meer huurwoningen, om de uitblijvende vraag naar nieuwkomers op de koopmarkt op te vangen, kunnen er niet snel genoeg komen. De verplichte aflossing van de hypotheek is al van kracht – onbeperkt aflossingsvrij lenen hoort al lang tot het verleden. Mensen worden niet minder kwetsbaar voor dalingen van de huizenprijs als zij de ontbrekende 10 procent van de koopsom elders lenen. En een verdere beperking van de huidige hypotheekrenteaftrek zou even ontmoedigend kunnen werken als het beperken van de maximale leensom.

In al deze tegenwerpingen is wel wat te vinden voor de betrokkenen bij de woningmarkt. Die houden de zaken liever zoals ze zijn. Dat geldt voor de bouwers, voor de dienstverleners, voor de financiers én voor de huiseigenaren. De kans dat het advies van het Financieel Stabiliteitscomité er van komt is daarom klein.

Er is een ander perspectief mogelijk. Centrale banken zijn er nooit geweest om de populariteitsprijs te winnen. Een renteverhoging bijvoorbeeld is voor vrijwel alle betrokkenen, in individuele zin, onwenselijk. Maar voor het grotere goed kan het toch de beste optie zijn. Centrale bankiers zijn er nu eenmaal óók om, in de woorden van oud-topman McChesney Martin van de Amerikaanse Federal Reserve, de drank weg te halen als het feestje te gezellig wordt.

Nederland heeft, vergeleken met andere industrielanden, zeer hoge schulden ten opzichte van de omvang van de economie. Het heeft ook zeer grote beleggingen – denk bijvoorbeeld aan de pensioenfondsen. Die lange balans, veel bezit én veel schuld, maakt ons zeer kwetsbaar voor schommelingen in de conjunctuur, op de financiële markten en in de onroerendgoedsector. Bovendien zorgt hij voor de uit de krachten gegroeide financiële sector, waarvan velen juist hartstochtelijk vinden dat hij kleiner moet. Het verder beperken van de maximale hypotheekschuld is misschien niet de enige, of de beste, manier om de balans van Nederland in te korten. Maar het idee verdient meer overweging dan de makkelijke manier waarop het nu wordt weggegooid.