De vlag met het hakenkruis mag niet meer worden uitgevouwen

Huizen stelde voor het eerst strenge eisen aan de militariabeurs.

Duitse sierdolken uit de Tweede Wereldoorlog. Het werd de fotograaf verboden foto’s te nemen op de beurs. Deze foto’s zijn buiten de beurshal genomen.
Duitse sierdolken uit de Tweede Wereldoorlog. Het werd de fotograaf verboden foto’s te nemen op de beurs. Deze foto’s zijn buiten de beurshal genomen. Foto David van Dam

Een wandeling over de militariabeurs met Arthur Graaff van antifascistenbond AFVN, gisteren in Huizen, is een stressvolle onderneming. Keer op keer raakt hij verzeild in discussies en scheldpartijen met de standhouders die militaire voorwerpen te koop aanbieden. „Je moet zelf een hakenkruis op je rug dragen”, roept standhouder Roberto van der Kreeft hem toe. Graaff heeft hem net aangesproken op het feit dat de geweren die hij verkoopt niet onklaar zijn gemaakt. Van der Kreeft stelt dat hij daar een vrijstelling voor heeft en beticht Graaff er met zijn kritische opmerkingen van zich als een nazi te gedragen. „Hij wil ons koste wat kost in een kwaad daglicht stellen”, zegt Van der Kreeft.

Arthur Graaff voert al jarenlang strijd tegen de verkoop van nazi-artikelen op beurzen zoals gisteren in Huizen. Het verzetsverleden van zijn vader, zegt Graaff, draagt eraan bij dat hij pijnlijk wordt getroffen door de commerciële handel in die artikelen. Graaff begint succes te krijgen in zijn strijd. Voor het eerst stelde de gemeente Huizen strenge voorwaarden aan de beurs in sporthal De Meent. Naast het boek Mein Kampf is ook aanbieden van nazistische artikelen die niet uit de tijd van de Tweede Wereldoorlog stammen verboden. Dit verbod wordt gehandhaafd, zo kondigde de gemeente aan.

Historische waarde

Deze aanpak is er gekomen nadat tijdens de beurs in maart een exemplaar van Mein Kampf te koop werd aangeboden, wat volgens het Openbaar Miniserie niet is toegestaan. „Die had ik over het hoofd gezien”, zegt beursorganisator Joop de Blij erover.

Voor overige nazi-artikelen geldt volgens handhavingsambtenaar Mark Dieckmann dat ze mogen worden verkocht als ze authentiek zijn, omdat ze dan historische waarde bezitten. „Dat mag niet op een manier die het nazi-verleden propageert. Een NSDAP-vlag met hakenkruis mag niet worden uitgevouwen”, stelt Dieckmann.

De regels zijn niet helemaal duidelijk, want in de gemeentevergunning staat dat ook aanbieden van „echte items uit de Tweede Wereldoorlog, zoals nazidolken” verboden is. Hoe kan je sowieso controleren welke echt en nep zijn? „De standhouders moeten echtheidscertificaten kunnen tonen”, stelt Dieckmann.

Bij de stand van Edwin van Veelen liggen volop nazidolken. „De Duitsers maakten de mooiste spullen, dus die zijn het populairst”, zegt hij. Een nazivlag heeft hij intussen opgevouwen. In de dolken met hakenkruizen ziet ambtenaar Dieckmann voorlopig geen probleem.

Even verderop heeft Graaff het weer met een standhouder aan de stok. „Als je me fotografeert, krijg je een klap voor je bek”, zegt die tegen Graaff. De fotograaf van deze krant krijgt later op agressieve toon te horen dat hij zijn camera kwijtraakt als hij foto’s neemt. De standhouders zeggen te vrezen dat ze op de website nieuws-wo2.tk van Graaff worden afgeschilderd als nazisympathisanten.

Het is niet zo dat uiterst rechts gedachtegoed afwezig is op de beurs. Graaff zegt tegen weer een andere bezoeker dat die een PVV’er is. „Ik ben zeker een PVV’er”, reageert de man in groen bomberjack. „Heel Europa stroomt vol met die buitenlanders”, roept hij tegen Graaff.

Als handhavingsambtenaar Dieckmann de hal wil verlaten, vraagt de verslaggever hem of hij de dolken op echtheidscertificaten heeft gecontroleerd. Dat heeft hij niet. Hij gaat terug naar de stand van Van Veelen, ditmaal een van de weinige waar nazi-artikelen worden aangeboden. Van Veelen heeft de certificaten niet. „Niemand in Nederland kan die opstellen, want er zijn geen deskundigen die er genoeg verstand van hebben”, zegt Van Veelen. De dolken mogen blijven liggen.

Aan dezelfde stand vecht Graaff zijn volgende robbertje uit. „Bent u een neonazi?”, vraagt hij aan Roland de Vries, omdat die helemaal in het zwart is gekleed. De Vries ontkent en vraagt waar Graaff zich mee bemoeit. Die erkent later dat het een nogal „provocerende vraag” was.