Vuile was

In de spiegel kijken, het blijft moeilijk. Nadat in Ierland een ruime meerderheid van de bevolking voor het homohuwelijk had gekozen, reageerde het Vaticaan terstond met stevige duiding. Volgens kardinaal Parolin, na de paus de hoogste bestuurder van de Rooms-Katholieke Kerk, was de uitslag „niet alleen een nederlaag voor de christelijke principes, maar ook voor de mensheid”. Naarmate de argumenten zwakker zijn, worden de woorden groter: christelijke zondigheid voldoet niet langer. Het is de mensheid die zichzelf moreel ten gronde richt.

De kardinaal mag het vinden. Vreemd is het wel. Als er één instituut een morele nederlaag heeft geleden, is het wel zijn eigen kerk. Daar heeft zich tussen moraal en realiteit de afgelopen jaren een diep en donker ravijn geopend – het bekend worden van seksueel misbruik van kinderen op zo’n onthutsend grote schaal, zo hardnekkig ook, dat je niet langer van een misstand kunt spreken. De enige geloofwaardige conclusie moet wel zijn dat dit soort excessen uit de verkrampte aard van het religieuze instituut zelf voortkomen. Het is juist de ontkenning van de menselijke natuur die dit soort excessen in de hand heeft gewerkt. In zo’n crisis kun je je twee kanten op – proberen de harde, onverkwikkelijke werkelijkheid zo scherp mogelijk onder ogen te zien, waar de paus soms voor pleit. Of je schiet juist in een nog grotere morele kramp. Dan ga je het erkennen van de menselijke natuur, waar het Ierse homohuwelijk een prachtige uiting van is, aanklagen als een teken van algemene verdorvenheid.

In de spiegel kijken, het blijft moeilijk. In Marokko is afgelopen week de film Much Loved verboden, een film van de cineast Nabil Ayouch, waarin het leven van vier jonge prostituees in Marrakech wordt geschetst. In de Arabische wereld staat Marrakech bekend om zijn high-class hoeren – het zijn naast rijke westerlingen vooral rijke Saoedi’s die een weekendje hun driften komen uitleven waarvoor in hun eigen land iets zou worden afgehakt. Iedereen weet dat, maar je mag het niet laten zien – volgens het Marokkaanse ministerie van Communicatie is de film beledigend voor de Marokkaanse normen en waarden. Niet de harde werkelijkheid is een belediging van de Marokkaanse normen en waarden, maar het laten zien van die werkelijkheid. De vuile was buiten hangen, is erger dan de vuile was zelf.

Ja, er komt bloot en seks in voor. Maar dat komt in de meeste levens voor. Als je geluk hebt.

Inmiddels is de hoofdrolspeelster met de dood bedreigd. En het Bredase raadslid Jamal Nouhi, vorig jaar uit de PvdA gegooid omdat hij de vervolging van homo’s in Marokko met agressieve instemming begroette, liet op Facebook weten dat de filmmaker en die „hoeren van actrices” wat hem betrof voor het gerecht moeten worden gesleept, omdat ze de goede naam van „hardwerkende Marokkanen” besmeuren. Kill the messenger. Er loopt, ben ik bang, een lijntje van dit soort hysterische ontkenning en de hang naar extreme zuiverheid van echte radicalen.

In Nederland overheerst eerder een omgekeerde cultuur. Wanneer het gaat om moraal en gelijkheid wordt hier met de mond de grootst mogelijke vrijheid bepleit. Ieder moralisme wordt afgedaan als een hinderlijke kramp uit het verleden – tot je even aan de oppervlakte krabt. Dan blijkt die verlichte moraal vaak zelfgenoegzaam. Uit het rapport Wel trouwen, niet zoenen van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat het overgrote deel van de Nederlanders gelijke rechten voor homo’s voorstaat – maar met het tonen van intimiteit in de openbare ruimte heeft een flink percentage moeite, van een zoen tot hand in hand. Die afkeer wordt altijd weg gepoetst door de constatering dat men ook geen klef tongende hetero’s wil zien, maar dat is meestal een hypocriete uitvlucht – net zoals er nog altijd mensen zijn die zeggen niets tegen homo’s te hebben, maar dat dat seksuele exhibitionisme op die boten elk jaar echt niet hoeft (in werkelijkheid is die parade uitzonderlijk braaf).

De werkelijkheid lijkt me eerder dat een deel van de bevolking er, in tegenstelling tot de zelf uitgedragen verlichte denkbeelden, nog moeite mee heeft. Zoals een Italiaanse kennis die al een tijdje in Nederland woont, tegen me zei: „In Italië mag ik niks, maar doe ik gewoon waar ik zin in heb. In Nederland mag alles. Maar o wee als ik het doe.”

    • Bas Heijne