Moszkowicz op de vp, in de krant én op tour – tikje veel

De media geven en de media nemen, hoor je wel eens, wanneer een lieveling van de praatprogramma’s, een ideale gast, pijlsnel uit de gratie raakt en overal een dichte deur vindt.

Maar ja, soms nemen de media en geven ze gewoon nog een keer.

Het interview van Marcel Haenen met de uit zijn beroep gezette advocaat Bram Moszkowicz zaterdag (‘Ik heb te lang met oogkleppen op geleefd’) over zijn politieke aspiraties, leverde waarderende reacties op – voor het gesprek, als eerste krant – maar ook woedende lezersbrieven.

„Waarom deze man op de voorpagina?”, klaagt een lezeres, die spreekt van „driewerf schande”. Een ander: „Mijn NRC, die zo’n man nog een podium biedt om de opgelopen reputatieschade nog wat te repareren.” De krant had zich voor het karretje laten spannen van „onze nationale narcist” en „mislukte carrièrejager”, aldus anderen, die weer eens „de vermoorde onschuld speelt”.

Klap op de vuurpijl: in dezelfde krant stond een paginagrote aankondiging van NRC on Tour met als speciale gast voor een eenmalig publiek interview in Maastricht: Bram Moszkowicz. Ook dat viel bij lezers verkeerd: waren hier soms afspraken over gemaakt als voorwaarde voor het interview, wordt de ex-advocaat hier soms voor betaald?

Eerst maar even over het geld.

Nee, Moszkowicz wordt voor zijn optreden niet betaald, zegt Jaïr Ferwerda, die de programmering van NRC on Tour verzorgt. Er was ook geen sprake van een een-tweetje: als wij jou mogen interviewen, mag jij mee op tournee. Hoe het in werkelijkheid ging: eerst na het interview suggereerde de verslaggever, in een opwelling, dit nog een keer live te doen met publiek erbij. Dat zouden bezoekers best interessant kunnen vinden. Goed idee, vond Moszkowicz – ook de hoofdredactie, die door Haenen werd ingelicht, en programmeur Ferwerda. Hij zegt: „Het lijkt mij een spannend idee.”

Er lijkt mij niets op tegen om Moszkowicz nu eens in de krant aan het woord te laten, al is het maar omdat juist NRC Handelsblad de afgelopen jaren een reeks opzienbarende onthullingen bracht van Haenen en Tom Kreling over zijn wanbetalingen en ondeugdelijke bedrijfsvoering – primeurs die een grote rol speelden in zijn demasqué. Telkens vroegen zij Moszkowicz om een gesprek, wat hij weigerde. Dat hij nu wel wilde, omdat hij er iets bij te winnen heeft, is dan nog geen reden het niet te doen.

Was het kritisch genoeg?

Haenen ondervroeg Moszkowicz over zijn politieke aspiraties, de aanleiding voor het gesprek, maar ook over zijn schulden, faillissement en familieruzies. Het resultaat was niet het bloedbad dat sommige lezers misschien hadden gewild, maar ook zeker niet de knalrode loper die ‘Bram’ jaren afliep. Afgaande op de peilingen was het ook niet echt reclame: dinsdag raakte VNL zijn enige virtuele zetel vooralsnog weer kwijt. Partijgenoot Louis Bontes twitterde dat hij het oneens was met Moszkowicz’ uitspraken over „minder harde aanpak van misdaadbestrijding”.

Het probleem is alleen: ís Moszkowicz wel een serieuze politicus? Hij zegt dat hij het wil worden, maar het punt met al zijn mediaoptredens is dat ze vooral een vorm van clownesk cabaret lijken, vol geposeerde beschaving, waarvan je niet weet hoe serieus je ze moet nemen. Moszkowicz mag zich nu willen heruitvinden als politicus, hij is toch in de eerste plaats een gewezen advocaat met de status van Bekende Nederlander als resterend kapitaal – niet echt iemand die je een verhandeling ziet houden over, bijvoorbeeld, het persoonsgebonden budget.

Veel verontwaardigde lezers stoorden zich dan ook niet in de eerste plaats aan de inhoud van het interview, maar vooral aan het blote feit dát Moszkowicz zoveel aandacht kreeg, met een foto op de voorpagina, als het belangwekkendste dat de krant te bieden had.

Wat in die afkeer meespeelt, denk ik, is de logica van de massapopulariteit. Jaren was hij als advocaat kind aan huis op de buis en in de bladen, maar ook na zijn val is Moszkowicz nog een celebrity die warm wordt onthaald bij RTL Boulevard. Juist die status irriteert NRC-lezers die niet willen dat de man die groot is geworden in de wereld van goedlachs infotainment, nu opduikt in ‘hun krant’. Deze man „hoort bij De Telegraaf”, vindt een lezer, niet bij NRC Handelsblad.

Dat is allemaal nog geen reden Moszkowicz niet aan het woord te laten, al vond ik zijn ontboezemingen dan geen pièce de résistance voor het hele weekend. Maar het is wel erg enthousiast om hem ook maar meteen mee te laten doen aan die promotietour, en ronduit ongelukkig dat daarmee in dezelfde zaterdagkrant werd geadverteerd. Het gaat bij die tour om een „rijke en volle theateravond met muziek, fotografie, debat en veel humor”, een echt NRC-feestje voor lezers, met optredens van gasten die een speciale band hebben met de krant. Geen wonder dat Moszkowicz graag komt: zo krijgt hij toch ergens een NRC-keurmerk.

Nog iets anders: een kleine nabrander van mijn rubriek van twee weken terug over de journalistieke neiging om uitgebreid naar een evenement toe te schrijven, maar na afloop ervan de belangstelling iets te snel te verliezen.

In de aanloop naar het Eurovisie Songfestival bracht de krant vier stukken van een naar Wenen gereisde mediaredacteur; voor de site schreef hij er elf.

Alleen, wie had er nu gewonnen?

De site meldde de uitslag op zondag – het stuk over de finale trok 107.043 lezers. Maar in de eerste krant die daarna verscheen, wegens Pinksteren pas op dinsdag, was niets te vinden over de winnaar. Te oud nieuws, inmiddels, dus vergeten. Wel vijf regels bovenin een Mediapagina over de kijkcijfers van het festival.

Dan ga je toch even naar internet?

Ja, maar een krant die vier voorstukken plaatst, zou toch ook een beetje royaal de afloop moeten melden – al is het maar voor lezers die Eurovisie-voorstukken misschien overslaan, maar die achteraf wel, bijvoorbeeld, een recensie van het winnende liedje willen lezen.

Het was dus Zweden – dat u het maar weet.