Zaak ‘showbizzmoord’ na ruim dertig jaar herzien

De geruchtmakende Hilversumse ‘showbizzmoord’ uit 1981 komt opnieuw voor de rechter. Dat heeft de Hoge Raad gisteren bepaald. In deze zaak heeft Martien Hunnik mogelijk ten onrechte vastgezeten.

Hunnik werd in 1984 veroordeeld tot twee jaar cel en tbs voor doodslag op platenproducer Bart van der Laar. Hij zat bijna acht jaar vast.

Hunnik, die een korte seksuele relatie met Van der Laar had gehad, bekende in 1983 tegenover de politie dat hij de platenbaas gedood had. Die bekentenis trok hij enkele maanden later in. Sindsdien heeft hij volgehouden onschuldig te zijn.

Het Openbaar Ministerie twijfelt nu aan schuld van Hunnik, omdat zijn bekentenis „hiaten en onvolkomenheden” bevat. Gedragskundig onderzoek heeft uitgewezen dat hij de neiging had verhalen te verzinnen en feiten te verdraaien. Als dat tijdens de behandeling van de zaak bekend was geweest, was Hunnik waarschijnlijk vrijgesproken, aldus de Hoge Raad.

Van de Laar werd in 1981 met een schotwond in z’n hoofd gevonden in zijn woning in Hilversum. De platenbaas, producent van veel Nederlandse artiesten, overleed drie dagen later.

Op verzoek van Hunniks advocaten is opnieuw onderzoek gedaan naar de moord. Dit leverde geen bevestiging op van de bekentenis, zo maakte de advocaat-generaal vorig jaar bekend, terwijl de twijfels over het waarheidsgehalte ervan zijn vergroot. De moord op Van der Laar is inmiddels verjaard.