Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politiek

Geschenk Oekraïne aan Poetin

Terwijl Oekraïne in een oorlog is verwikkeld en economisch aan de rand van de afgrond staat, vonden parlement en president het belangrijk om grenzen te stellen aan de geschiedschrijving en de vrijheid van meningsuiting. President Porosjenko tekende vrijdag een aantal wetten, eerder zonder één tegenstem aangenomen in het parlement, die bedoeld zijn om definitief te breken met het Sovjetverleden van Oekraïne. Met dat streven kan men het alleen maar eens zijn, maar niet met de middelen waarmee de politici in Kiev hun doel willen bereiken.

Zo maken de nieuwe wetten het tot een misdrijf om „het misdadige karakter te ontkennen van het communistische, totalitaire regime van 1917 tot 1991”. Onderscheid tussen de donkere jaren onder Stalin en de hervormingstijd onder Gorbatsjov wordt niet gemaakt. De geschiedschrijving wordt onder het strafrecht geplaatst.

Verder wordt het gebruik van communistische én nazistische symbolen verboden. Nazi-Duitsland en de Sovjet-Unie worden op één lijn gesteld. Daar is een interessant debat over te voeren, en het is ook wezenlijk dat te doen, maar niet onder dreiging van de harde hand.

Paradoxaal genoeg mag tegelijk de legitimiteit niet meer in twijfel worden getrokken van de nationalistische groepen die in hun strijd voor Oekraïense onafhankelijkheid collaboreerden met nazi-Duitsland. Dat die groepen zich schuldig hebben gemaakt aan etnische zuiveringen, waarbij ze tienduizenden Polen hebben omgebracht, en dat ze hebben deelgenomen aan pogroms tegen Joden, mag hun statuur als vrijheidstrijders voortaan niet meer in de weg staan. Het mag zelfs geen onderwerp van discussie meer zijn.

Het staat buiten kijf dat Oekraïne zwaar heeft geleden onder de misdaden van de Sovjet-Unie – met als gruwelijk dieptepunt de door Stalins beleid veroorzaakte hongersnood in de jaren dertig, de zogeheten holodomor, die miljoenen Oekraïners het leven kostte. Het is goed dat de KGB-archieven nu worden opengesteld. En Oekraïne heeft gelijk dat het niet het enige land is dat dit soort wetten heeft. Rusland heeft de geschiedenis zelfs tot een belangrijk instrument van de huidige nationalistische politiek gemaakt.

Maar dat alles is geen rechtvaardiging voor deze wetten. Oekraïne snijdt zich er bovendien mee in de vingers. Het land heeft president Poetin er onbedoeld een geschenk mee gegeven. Zijn onzinnige bewering dat in Kiev een fascistische junta aan de macht is, krijgt ongetwijfeld een nieuwe impuls nu Porosjenko en het parlement verbieden om kritiek te leveren op de pro-nazigroeperingen uit de jaren dertig en veertig. Voor de rest van Europa wordt het er zo niet makkelijker op om voor Oekraïne op de bres te staan.