Bewust boeket

Biologisch en eerlijk eten kunnen we overal kopen, maar naar een bewust bosje bloemen moet je met een lichtje zoeken.

Het boeket van The Wunderkammer vers...

In een Albert Heijn staat in het bloemenhoekje enigszins weggestopt een emmertje trosanjers. Ze staan daar niet bepaald te stralen. Trosanjers zijn toch al niet het mooiste meisje van de klas en dan dragen deze ook nog een plastic ponchootje dat bijna geheel bedrukt is met tekst en zo ieder zicht op de knokige steeltjes ontneemt. Er staat een Keniaanse vrouw op de hoes, anjers zijn haar lievelingsbloemen. Christine heeft vier kinderen en dankzij Fairtrade kunnen haar kinderen naar school.

Normaal koop je bloemen voor jezelf of om iemand blij te maken, deze verdrietige trosanjers neem je mee omdat het zielig is om ze achter te laten. Of voor Christine en haar kinderen. Maar niet omdat ze zoveel geven.

Best gek dat de supermarkt inmiddels vol biologisch en Fairtrade voedsel ligt, maar dat je naar een schoon bosje bloemen met een lichtje moet zoeken. Buiten de supermarkt is het niet veel anders. De bloemen bij de stal op de hoek? Van de bloemenzaak in de winkelstraat? In het tuincentrum? Geen idee waar ze vandaan komen, wie ze geplukt heeft en of ze bespoten zijn. Uit de kas of van de koude grond? Uit het Westland of uit Ecuador? De bloemist zal het wel weten, maar de vraag wordt soms net zo glazig ontvangen als vijftien jaar geleden de vraag aan de bakker: is dit glutenvrij?

Toch zijn ze er wel, verantwoorde bloemen die je ook echt wilt hebben. Bij NatuurlijkBloemen in Rotterdam vechten pronte rozen om de aandacht met strelitzia’s en anthura. Ze staan in een grote luxe zaak met een eigenaar die ze vol overtuiging verkoopt. Robert van Luijpen vindt het logisch. „Als je zelf biologisch eet, dan wil je ook onbespoten bloemen verkopen.” Biologische bloemen dus?

Ho stop. Hier wordt het meteen ingewikkeld. Want je hebt biologische bloemen, bloemen die zoveel mogelijk onbespoten zijn maar niet biologisch mogen heten, je hebt bloemen uit ‘eerlijke’ (slaafvrije) handel – en bloemen met een kleine carbon footprint. Voor sommige categorieën zijn keurmerken (zie inzet), voor andere niet, en een label zie je maar zelden omdat de meeste bloemisten de bloemen meteen uit het folietje halen.

Bij Van Luijpen heeft de klant geluk, hij legt het graag uit. En hij heeft geluk met zijn klanten, want die komen speciaal bij hem voor zijn schone bloemen. „Het belangrijkste vind ik dat ze onbespoten zijn. Fairtrade is belangrijk voor bloemen uit Afrika en Zuid-Amerika, maar 80 procent van mijn bloemen komt toch uit Nederland.” Hij verkoopt ook eetbare bloemen, om mee te koken. En hij is er trots op dat hij al vier jaar de duurzaamste bloemenzaak van Rotterdam is. Zijn zaak scoort het hoogst op de Barometer voor de Duurzame Bloemist. Er is geen klant die dat wat zegt, maar het betekent dat hij 70 procent duurzaam gekweekte bloemen moet verkopen, niet met chloor mag schoonmaken, in een busje met katalysator rijdt, ledlampen heeft hangen, en kringlooppapier voor de printer gebruikt. „O, en speciale printerinkt.”

Zijn lievelingsbloem is de papaver (klaproos), vanwege de spetterende bloem en dat fragiele voorkomen. Maar het seizoen voor papavers moet nog komen. „Als je duurzaam belangrijk vindt, moet je net als bij eten bloemen van het seizoen kiezen.” Bloemen die dicht bij huis op de koude grond geteeld zijn. De tulpen lopen af, er zijn nu goudsbloemen, de pioenrozen komen eraan. En dan hoeven ‘schone bloemen’ ook niet per se duurder te zijn.

Verstrikt

Wie op zoek is naar het duurzaamste bosje, kan trouwens totaal verstrikt raken. Neem rozen. Nederlandse rozen hoeven niet zo ver te rijden naar de klant. Een pluspunt. Maar Afrikaanse rozen hoeven niet in een verwarmde kas. Plus. Maar wel met het vliegtuig. Minpunt. Alhoewel er nu koeltechnieken zijn waardoor ze dertig dagen, zonder water, per schip onderweg kunnen zijn. Plus. Anderzijds: er zijn ook al kassen die energie géven in plaats van kosten. Plus. Dan hebben we het nog niet eens over eerlijke handel en biologisch. En of biologisch per definitie beter is voor het milieu (quod non). Succes met uw beslissing!

Biologische bloemen zijn bij Albert Heijn niet te koop. „Geen vraag naar”, zegt AH. Volgens veilingbedrijf FloraHolland, is minder dan 1 procent van de bloemen in Nederland biologisch. „Shell heeft het weleens geprobeerd, biologische bloemen bij de pomp. Dat duurde niet lang, niemand kocht ze”, zegt Gijs Kok. Hij hecht er ook niet zo aan, omdat Nederlandse telers al steeds duurzamer werken. Zo weinig mogelijk gewasbeschermingsmiddelen en kunstmest, zuinige kassen. „Ik denk dat mensen alleen maar biologisch willen als ze andere bloemen niet zouden vertrouwen.”

Toch zijn er kwekers die ‘duurzaam’ gewoon te breed vinden, te onduidelijk. Martin Heutink bijvoorbeeld, van pluktuin en kwekerij Bloemrijk in Wageningen. Hij wil niet zo weinig mogelijk gif, hij wil helemaal geen gif. Het is wel hard werken, biologisch kweken. Arbeidsintensief, omdat je veel onkruid moet wieden. Maar ook om een publiek te vinden. Hij verkoopt aan de mooiste bloemenwinkels van Wageningen en Nijmegen, zegt Heutink, hij heeft een pluktuin, waar klanten zelf kunnen komen plukken, organiseert projecten met inwoners van Wageningem (Samen voor Schone Bloemen), maar het gaat niet vanzelf. „Bij eten is het anders. Bloemen eet je niet, dus daar zijn mensen toch minder bewust mee bezig.”

Misschien is het een kwestie van tijd. De eerste hipsters zijn al gesignaleerd bij Bloemrijk. Ze zijn dol op Vergeten Bloemen. „Dahlia’s maken een revival door. Strobloemen ook. En zinnia’s, daar zijn ze helemaal gek van.” En trouwens, biologische bloemen zijn geen kneusjes. „We garanderen dat ze een week goed blijven. En dan hoor ik later: ze stonden wel drie weken!”

    • Martine Kamsma