Leuk! Lekker eten uit een mooie, oude vrachtwagen!

Lekker, duurzaam en gezellig eten op een leuke plek. Foodtruckfestivals groeien terecht als kool, met dank aan de toegankelijkheid en de mooie, oude wagens.

Foto Amaury Miller

Het vlees geurt je tegemoet, duurzame, biologische burgers. Daarnaast een foodtruck waar Argentijnse worst verkocht wordt, en iets verderop een bar waar ze salades verkopen. Eten in het gras of aan een picknicktafel, luisterend naar een singer-songwriter of een lokaal bandje. Klinkt aanlokkelijk? Dan heb je geluk, want de foodtruckfestivals zijn inmiddels in het hele land te vinden. Tientallen oldtimers omgebouwd tot mobiele keukens verkopen kleine gerechtjes op de evenementen.

Het is eigenlijk typisch Amerikaans, op straat even iets te eten of drinken te halen in een blinkende foodtruck. Acht jaar geleden was de eerste aanzet in Amsterdam. „We wilden een openlucht restaurant beginnen”, vertelt Igor Sorko van Mister Kitchen, het bedrijf dat samen met Pacific Parc ‘Het weekend van de Rollende Keukens’ bij de Westergasfabriek opzette. De eigenaar van Pacific Parc had al zes vrachtwagens verbouwd, die zouden ze neerzetten. Daarbij wilden ze nog wat set- en filmcateraars uitnodigen, want die hebben vaak mobiele keukens. Het was zoeken om 25 foodtrucks bij elkaar te krijgen, zoveel waren er niet in Nederland. Maar met in het eerste jaar 8.000 bezoekers was het een goed begin.

Inmiddels melden 400 foodtruckondernemers zich aan, waarvan ze ruim een kwart kunnen selecteren. Vorig jaar telde het festival 100.000 bezoekers. „We doen eigenlijk nog steeds hetzelfde. Het is laagdrempelig, een hapje en een drankje voor weinig geld en wat muziek’, zegt Sorko.

In de jaren daarna ontdekken meer mensen de succesformule en schaffen ondernemers trucks aan, en de bezoekers blijven komen. Dat daagt weer anderen uit zulke festivals te organiseren, zoals de Leidse Trudy Kwik, van het gelijknamige evenementenbureau Kwik. „We wilden een nieuw evenement organiseren, en kwamen uit bij de foodtrucks.”

Het blijft klein

De gemeente in Leiden was meteen enthousiast, in zes weken tijd hebben ze vorig jaar de eerste editie van Rrrollend Leiden neergezet. Er kwamen 8.000 bezoekers naar het driedaagse festival. Dit jaar organiseert Kwik het evenement in onder andere Den Haag, Leiden, Groningen, Katwijk en Zwolle.

Frederic Holaind en zijn tot ‘Crêpes Mobiel’ omgebouwde oldtimer Citroën HY, maakte de ontwikkeling van niets tot de hype die er nu is ontstaan helemaal mee. Hij werkte als chef-kok, maar kocht een oude Franse foodtruck en knapte die wagen op. Zijn vrouw, Marjan de Reus, zegde drie jaar geleden haar baan in het onderwijs op om met haar man fulltime de Crêpes Mobiel te runnen. „We begonnen klein. Ik weet nog dat we op Rollende Keukens waren, en dat er maar een paar kleine karretjes stonden.” Nu trekken ze met zoete en hartige Bretonse crêpes en galettes langs bedrijfsuitjes, bruiloften en foodfestivals. De agenda is vol.

Sorko denkt dat de trend samenhangt met de crisis. „Veel horeca ging de afgelopen jaren onderuit. Ondernemers zagen toekomst in deze relatief goedkope horecavorm. Een foodtruck is een eenmalige investering.” Daarnaast waren de culinaire evenementen die Nederland kende high class, er was behoefte aan iets toegankelijkers, met lagere entreeprijzen.

Oude vrachtwagens

Hij wil niet zeggen dat de trend in foodtrucks zonder zijn evenement nooit in Nederland was gekomen, maar ze waren wel lang de enige in Nederland, totdat een evenement in Haarlem drie jaar geleden volgde. „En bijzonder in Nederland is dat het voornamelijk oude vrachtwagens en oldtimers zijn die verbouwd zijn tot keukens. Dat is waar het bij ons mee begon en dat werd gekopieerd. In Amerika zijn het juist allemaal gelikte, moderne wagens.”

De mobiele keuken ‘Uit de Pan’ begon vorig jaar en moet zich onderscheiden om de strijd met de concurrentie aan te kunnen. Ze hebben een mobiele keuken die eruitziet als een grote, ronde soeppan. Vanzelfsprekend staat er altijd soep op het menu. Anne-lize van Seggelen: „We zijn er ingerold. Een vriendin met wie ik veel kookte, zag de pan te koop staan, vond het een leuk ding en kocht hem.” Ooit stonden ze met wraps en soep op een festival waar alleen maar jonge mensen op afkwamen die bananen en lolly's wilden. Ze zijn weer naar huis gegaan, met bakken vol onverkochte wraps en soep. „Daar moet je tegen kunnen”, zegt Van Seggelen.

Maar de toenemende populariteit heeft wel een nadeel, voor de mobiele keukens is meer concurrentie, en op sommige festivals worden hoge stagelden gevraagd. Bij sommige festivals 25 tot 35 procent van de winst, naast de vaste kosten voor bijvoorbeeld elektriciteit en water. Betaal je het niet, dan zijn er voor jou tien anderen die wel willen komen verkopen.

En ook voor de bezoekers duurt het soms iets langer voordat je een maaltje hebt als het druk is, maar dat lijkt mensen niet te tegen te houden. Zo ook op het Weekend van de Rollende Keukens. „Op goed eten moet je altijd even wachten, en als je daar geen zin in hebt? Dan moet je niet komen”, zegt Sorko.

    • Marloe van der Schrier