Na elf minuten bieden: $ 179.365.000

Pablo Picasso lost Francis Bacon af als ‘duurste kunstenaar ooit’

Pablo Picasso, Les femmes d'Alger (Version ‘O’). Geschilderd op 14 februari 1955 (olieverf op doek, 114×146,4 cm).
Pablo Picasso, Les femmes d'Alger (Version ‘O’). Geschilderd op 14 februari 1955 (olieverf op doek, 114×146,4 cm). Foto AP

Na een elf minuten durende biedingsstrijd klonk gisteravond in de veilingzaal van Christie’s op Rockefeller Plaza een luid applaus. Les Femmes d’Alger (Version ‘O’), een groot en kleurig schilderij van Pablo Picasso uit 1954, was verkocht voor 179,3 miljoen dollar, ruim 160 miljoen euro. Die opbrengst, ruim boven de richtprijs van 140 miljoen, is het hoogste veilingresultaat ooit. Het oude record dateerde van november 2013, toen Three Studies of Lucian Freud van Francis Bacon voor 142,4 miljoen dollar werd verkocht.

Het biedproces verliep tergend traag vanaf 120 miljoen dollar. Vijf telefonische bieders boden in stappen van 1 miljoen dollar tegen elkaar op. Het winnende bod kwam van Brett Gorvy, hoofd hedendaagse kunst bij het veilinghuis, namens een onbekende bieder. De New Yorkse kunsthandelaar Tony Shafrazi, ooit opgepakt omdat hij Picasso’s Guernica in het Museum of Modern Art in New York vernielde, overstemde het applaus met felicitaties aan Gorvy en de veilingmeester. „Ze hebben hard gewerkt, voor een maandagavond”, voegde Shafrazi daar na afloop aan toe.

De veiling van gisteravond was de aftrap van een drukke veilingweek in New York. Onder de noemer Looking Forward To The Past had Christie’s 35 twintigste-eeuwse topstukken bij elkaar gebracht, van Monet tot Basquiat. Op één mobile van Alexander Calder na werden alle werken verkocht. Resultaat: 706 miljoen dollar, de op twee na hoogste opbrengst ooit.

Het regende dan ook veilingrecords. Met een opbrengst van 141,3 miljoen dollar (126,4 miljoen euro) werd L’homme au doigt (‘De wijzende man’) van Alberto Giacometti het duurste beeld ooit. Een schilderij van Peter Doig, de Britse schilder die vorige maand zijn 56ste verjaardag vierde, bracht 26 miljoen dollar op. Een tekening van Jean-Michel Basquiat uit 1982, destijds voor hooguit 1.000 dollar verkocht, ging voor 13,6 miljoen dollar van de hand.

„Ik zie alleen een einde komen aan deze prijzen als de rentestanden scherp dalen”, zei de New Yorkse kunsthandelaar Richard Feigen tegen persbureau AP. Volgens de Londense kunstadviseur Wendy Goldsmith worden verzamelaars door de hoge prijzen verleid topstukken in te brengen: „Ze willen het ijzer smeden nu het vuur heet is. Ze weten dat niets voor altijd duurt.”

De opbrengst van ruim de helft van de geveilde kunstwerken, waaronder de Picasso, was door Christie’s of een externe partij vooraf gegarandeerd. De verkoper van de Picasso, volgens The New York Times een Saoedische verzamelaar die het in zijn huis in Londen had hangen, kocht het werk in 1997 voor 31,9 miljoen dollar.

De tien duurste stukken werden alle gekocht door verzamelaars die nog niet zo lang actief zijn, maakte Christie’s na afloop bekend. Onder de 34 verkochte werken waren er twee van Nederlanders: een schilderij van Willem de Kooning bracht 9,1 miljoen dollar op, een klein abstract doek van Piet Mondriaan 9,3 miljoen.