Grieken krijgen ‘enkele weken’ respijt

Het is de sfeer duidelijk ten goede gekomen dat minister Varoufakis uit het onderhandelingsteam is gehaald.

Minister van Financiën Varoufakis en minister Dijsselbloem vóór het eurogroepberaad over Griekenland.
Minister van Financiën Varoufakis en minister Dijsselbloem vóór het eurogroepberaad over Griekenland. Foto John Thys / AFP

Knallende ruzie bleef uit, en gezien al het drama rond Griekenland tot nu toe is dat vooruitgang. De Europese ministers van Financiën, gisteren in Brussel bijeen, hadden in een gezamenlijke verklaring zelfs een goed woordje over voor de Grieken. De onderhandelingen over Europese noodsteun beginnen zowaar op „een meer substantiële discussie” te lijken.

Bij de vorige vergadering van de door Jeroen Dijsselbloem geleide eurogroep, twee weken geleden in het Letse Riga, liepen de frustraties nog hoog op en kreeg de Griekse minister van Financiën, de flamboyante en vaak belerende ex-professor Yanis Varoufakis, de wind van voren van zijn Europese ambtgenoten. Zijn baas, premier Alexis Tsipras, besloot een nieuw team onderhandelaars naar Brussel te sturen – en dat heeft duidelijk geholpen.

Bodem komt in zicht

Maar de kou is niet uit de lucht. De ministers uit de eurolanden maanden in hun verklaring ook tot haast. Griekenland heeft formeel nog zes weken de tijd om overtuigende hervormingen en bezuinigingen te presenteren die het land 7,2 miljard euro aan noodsteun van de EU en van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) kunnen opleveren. Aangezien zo’n hulppakket in sommige landen nog door nationale parlementen moet worden geloodst, heeft Athene de facto nog vier of vijf weken de tijd. Het grote aftellen is begonnen.

Of heeft Griekenland zelfs die tijd niet? Na afloop van het beraad zei Varoufakis dat de bodem van zijn schatkist nu echt snel in zicht begint te komen. „De kwestie van de liquide middelen begint vreselijk urgent te worden, ik ga niet doen alsof het niet zo is.” Hij sprak over „enkele weken” respijt.

De Griekse regering overweegt een referendum te houden over een eventuele deal. Dijsselbloem wilde zich gisteren niet uitspreken tegen zo’n volksraadpleging – „het is aan de Grieken om dit te besluiten” – maar waarschuwde wel dat dit uiteraard voor nóg meer vertraging kan zorgen.

Griekenland wacht een reeks zware aflossingen. Over drie dagen moet 1,4 miljard euro aan kortlopende schulden worden verlengd, eind mei moeten opnieuw ambtenarensalarissen en pensioenen worden betaald en in juni wacht een grote klapper: 1,5 miljard euro aan het IMF, bovenop de 750 miljoen euro die Athene vandaag formeel aan het fonds moet betalen.

Manoeuvreerruimte

Die laatstgenoemde betaling werd gisteren al gedaan, een dag eerder, als blijk van goede wil, maar ook uit bittere noodzaak. Ruzie maken met EU-landen of de Europese Centrale Bank (ECB) over rekeningen is één ding, maar het IMF niet betalen is not done. Mocht de Griekse regering in gebreke blijven, dan kan het IMF zich terugtrekken, terwijl het fonds goed is voor de helft van de noodsteun waarover wordt gesproken.

De Griekse manoeuvreerruimte zit bij de ECB. Die beperkte eerder dit jaar fors de mogelijkheden om kortlopende schulden aan te gaan en versterkte de greep op Griekse banken. Een soepeler beleid kan Griekenland de zomer door helpen en een bankroet, met alle gevolgen van dien voor de eurozone, voorkomen. Bovendien verlaagt het ook de druk op de Griekse regering.

De Grieken hopen dat de ‘positieve’ geluiden van gisteren vanuit de eurogroep de ECB niettemin op andere gedachten kunnen brengen. Minister Dijsselbloem temperde echter de verwachtingen: de eurogroep kan de ECB, die onafhankelijk wordt geacht te zijn, niet vertellen wat zij moet doen. „Dat zouden we ook niet willen”, aldus Dijsselbloem.