De ideale vrouw van de V&D-topman bestaat niet

Vlak voor het doek definitief valt gebeuren de gekste dingen, dan komt zelfs de humor als een ongenode gast graag nog even op bezoek. Denk aan de vaak geparodieerde scene in film Der Untergang , waarin Bruno Ganz als Adolf Hitler met niet meer bestaande legerdivisies over een landkaart schuift. Of aan Mohammed Saïd al-Sahaf, minister van informatie van Irak onder Saddam Hoessein die tijdens de Tweede Golfoorlog overwinning na overwinning claimde terwijl het gebouw waarin hij zich bevond trilde van de raketinslagen en de eerste Amerikaanse tanks op CNN Bagdad al binnen reden.

De vergelijking is misschien wat grotesk maar daaraan moest ik denken toen ik vorige week in alle kranten stukken las waarin de nieuwe V&D-topman John van der Ent zijn nieuwe koers mocht ontvouwen. Met hem kreeg de slag om de consument in de binnensteden – door hem ‘koningin en koning klant’ genoemd – iets potsierlijks. Van der Ent had een paar goede oneliners in huis. Zijn ‘niet lullen, het gaat om spullen’ las ik in alle verslagen terug.
Net als HEMA, Blokker, Miss Etam, de boekhandelaren en alle andere noodlijdende winkels ging hij zich richten op de vrouw tussen de 35 en 65. Alleen dan op ‘gemiddelde’, beslist niet hippe, vrouwen die de strijd tegen de kilo’s al hadden opgegeven en naar V&D zouden komen om daar extra grote kleding van het onbekende huismerk ‘LIV Plus’ in te slaan.

Vrouwen die je, als ze lekker wilden ruiken, blij kon maken met een flesje geurwater dat naar La Place, het huisrestaurant van V&D genoemd was. Als ze er koffie en saucijzenbroodjes nuttigden waarom zouden ze er dan ook geen geurtje van willen?

De mooiste zin stond in De Gelderlander.

‘V&D heeft meer fietsenspringers nodig.’

Niet hippe vrouwen, ouder dan 35 jaar met een maatje meer, die meteen op de fiets springen als er bij de V&D iets te doen is. Een workshop kalkoen bereiden met Kerst of een cursus chocoladeproeven op de parterre werden als voorbeeld genoemd. Vrouwen die het na zo’n enerverend uitje een belevenis vonden om nog even door de winkel te lopen om er het tafellinnen of het geurtje van het bedrijfsrestaurant in te slaan. Vrouwen bovendien die hun mannen zover krijgen dat ze meegaan in die impuls en ook op de fiets springen omdat er in die V&D ook een fanstore van de plaatselijke eredivsieclub zit.

Dat soort vrouwen bestaan helemaal niet, en als ze wel bestaan is er geen man die met ze mee fietst.

Behalve John van der Ent dan.