Hij zei het wel op een kinderfeest

Een activist die „Fuck de koning” riep, wordt vervolgd. Moet justitie hier tijd aan besteden?

Graffiti-verwijderaars waren vanochtend in alle vroegte bezig de woordenFuck de koning van de muren van het Paleis op de Dam te verwijderen. Die waren er vannacht door onbekenden opgespoten.
Graffiti-verwijderaars waren vanochtend in alle vroegte bezig de woordenFuck de koning van de muren van het Paleis op de Dam te verwijderen. Die waren er vannacht door onbekenden opgespoten. Evert Elzinga/ANP

Zwarte Piet was het onderwerp van de betoging, 16 november vorig jaar op het Beursplein in Amsterdam, gelijktijdig met de Sinterklaasintocht. Maar opeens ging het én over Zwarte Piet én over de Palestijnse kwestie én over het koningshuis en werd spreker Abulkasim Al-Jaberi, getooid met Palestina-sjaaltje, door agenten van het podium gehaald. Hij stak zijn middelvinger omhoog en riep: „Fuck de koning, fuck de koningin, fuck het koningshuis!”

Opzettelijk beledigen van de Koning (art. 111, Wetboek van Strafrecht) en diens echtgenote (art. 112) is Al-Jaberi nu ten laste gelegd. Eerder had het Openbaar Ministerie (OM) de activist daarvoor een boete opgelegd van 500 euro. Maar omdat hij in verzet ging zal hij zich op 27 mei voor de politierechter moeten verantwoorden. Dat bevestigde het OM gisteren, nadat Al-Jaberi’s advocaat de publiciteit had gezocht.

Vervolging voor majesteitsschennis komt vaker voor. Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek werden er tussen 2000 en 2014 twintig zaken door het OM ingeschreven, waarvan tien tussen 2010 en 2013. Negen van die zaken leidden tot een veroordeling: vijf geldboetes, drie (deels) onvoorwaardelijke geldstraffen en één veroordeling in de categorie ‘overige straf’.

Meestal halen deze zaken het nieuws niet. Gisteren vroeg D66 premier Rutte direct om opheldering. Hoe verhoudt de vervolging zich tot de vrijheid van meningsuiting en het recht op betoging, wil de partij weten. En is het wetsartikel niet achterhaald?

Soms mag het wel, soms niet

In theorie kan Al-Jaberi vijf jaar celstraf krijgen voor majesteitsschennis. Dat het verschil met straf bij belediging van een burger (maximaal drie maanden celstraf) zo groot is, heeft te maken met de bescherming van het koningshuis als instituut. De staat moet gevrijwaard blijven van ondermijning, is het idee.

Volgens een woordvoerder van het OM in Amsterdam leidt belediging van de koning lang niet altijd tot vervolging, maar ditmaal speelde de context een rol. „Er vonden gelijktijdig een demonstratie en een kinderfeest plaats, het geheel moest dus niet uit de hand lopen. Deze meneer riep leuzen waarover de betoging op dat moment niet ging en verstoorde daarmee de orde. Toen is besloten hem aan te houden. Dat kon op grond van majesteitsschennis.” In een andere context, zegt hij, was na een dergelijke belediging niet tot aanhouding overgegaan.

Context speelt in deze zaken altijd een rol, zegt advocaat en historicus Stef Ketelaar, die onderzoek deed naar majesteitsschennis. „Was de uitlating aan de koning puur om te beledigen, of is die gedaan in een politieke context?” In het laatste geval – bijvoorbeeld bij een demonstratie tegen de monarchie – zal het gezag ‘fuck de koning’ eerder gedogen dan wanneer iemand op straat de koningin zomaar een ‘hoer’ noemt. Hiervoor kreeg een verdachte in 2007 een boete van vierhonderd euro opgelegd.

Dat het woord ‘fuck’ voldoende beledigend kan zijn voor straf lijkt zonder twijfel, maar of de rechter het in dit geval ook beboet is volgens Ketelaar zeer de vraag. „De advocaat zal straks betogen dat de verdachte politieke kritiek heeft geuit bij een demonstratie. Dat mag. In een politieke context kun je volgens Europees recht aardig ver gaan met beledigen, choqueren, verontrusten.” Best kans op vrijspraak dus, denkt Ketelaar. In België en Groot-Brittannië leidt majesteitsschennis volgens Ketelaar vrijwel nooit to vervolging.

Wat de uitspraak straks ook zal zijn, de zaak is nu al koren op de molen van republikeinen. Ketelaar: „Bij straf klinkt kritiek in de samenleving, bij vrijspraak ook. ‘Had dat nou gemoeten?’ Justitie lokt hiermee nu een debat uit over dit wetsartikel en ik betwijfel of ze dat wel wil.”