WHO: in 2030 is er een obesitas-epidemie, maar niet in Nederland

Foto ANP / Roos Koole

Europa krijgt in 2030 te maken met een epidemie van obesitas, zo waarschuwde de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) vandaag op een Europees congres over obesitas in Praag. Dat zou blijken uit een studie, uitgevoerd in opdracht van het Europees Regionaal Bureau van de WHO in Kopenhagen. De WHO spreekt van een “enorme crisis”, schrijft persdienst AFP.

In 2030 zouden vrijwel alle Ierse volwassenen lijden aan obesitas of overgewicht en, naar verwachting, een derde van alle vrouwen in Groot-Brittanië. Ook in Griekenland, Spanje, Zweden, Australië en Tsjechië zou het aantal obesitasgevallen aanzienlijk toenemen. Zo zou het aantal zwaarlijvige mannen in Griekenland verdubbelen, ten opzichte van 2010 (20 procent, 2030: 40 procent). In Spanje zou het aantal stijgen van 19 naar 36 procent.

Nederland vormt een uitzondering. Volgens de prognose zou het aantal obesitasgevallen hier dalen met 2 procent, van 10 procent in 2010 naar 8 procent in 2030.

over obesitas

Iemand heeft overgewicht als het BMI (de verhouding tussen gewicht en lengte, ook wel body mass index genoemd) hoger is dan 25. Bij een BMI van 30 heb je obesitas. Obesitas verhoogt het risico op hart- en vaatziekten, diabetes en sommige vormen van kanker. Volgens eerdere cijfers van de WHO waren er in 2014 over de hele wereld (kaart hier) 1,9 miljard volwassenen met overgewicht, van wie 600 miljoen mensen leden aan obesitas. Tussen 1980 en 2014 zou het aantal obesitasgevallen zijn verdubbeld.

Voor veel dikke jonge mensen is vet heel vervelend, maar ze vinden het niet ongezond, schreef NRC-redacteur Wim Köhler (€) vorig jaar in nrc.next.

In Nederland vindt bijvoorbeeld ruim 80 procent van de 18- tot 25-jarigen met overgewicht dat ze een goede of zeer goede gezondheid hebben. De slanke leeftijdgenoten scoren maar 6 procentpunt hoger.

Lees verder in nrc.next: Wie te dik is, leeft korter (€). Of bekijk ‘Why you’re so fat?’, een digitale productie over een onderzoek naar obesitas onder Ghanezen in de Bijlmer.