Echo van apartheid in de West-Kaap

Fel debat over speciale pas voor zwart personeel in blanke wijken.

Aanhangers van regeringspartij ANC demonstreren tegen racisme in Worcester, een stadje dat synoniem is voor het hernieuwde apartheidsdenken in Zuid-Afrika.
Aanhangers van regeringspartij ANC demonstreren tegen racisme in Worcester, een stadje dat synoniem is voor het hernieuwde apartheidsdenken in Zuid-Afrika. Foto Ashraf Hendricks/Getty Images

Achteraf heeft niemand het gewild. De regering niet. De oppositie niet. De politie niet.

Maar iemand heeft op een goed moment besloten om al het zwarte en gekleurde personeel in de blanke wijken van dit stadje in de West-Kaap uit te rusten met een groene pas. Pasfoto, naam, geboortedatum, en een handtekening van de lokale politie. Zo konden de buurtwacht en de politie op ieder moment controleren of onbekende gezichten in de villawijk van Worcester daar wel thuishoorden. Volgens de initiatiefnemers was dit de enige manier om de groeiende misdaad onder controle te krijgen.

Tot de nationale pers er lucht van kreeg. En de politiek. Nu is Worcester synoniem voor het hernieuwde apartheidsdenken in Zuid-Afrika. De groene pas wordt in één adem genoemd met de ‘dompas’. Dat is het identiteitsbewijs dat alle zwarten boven de 16 bij zich moesten hebben volgens een van de meeste gehate wetten uit de tijd van de apartheid. Die wet was de reden voor de rellen in Sharpeville in 1960, waarbij 69 zwarte betogers omkwamen in een regen van politiekogels. Die wet was zo gehaat dat hij vier jaar voor de vrijlating van Nelson Mandela in 1990 werd afgeschaft.

Dat is net te veel geschiedenis voor de geruisloze introductie van zo’n kleine groene pas.

Wes-Kaap slegs vir blankes

Plots durft niemand verantwoordelijkheid te nemen voor de beslissing. De woordvoerder van de buurtwacht wil direct de telefoon weer opleggen. „We werken aan een verklaring.” Op straat lopen tientallen aanhangers van regeringspartij te hoop voor het politiebureau met borden als ‘beëindig het racisme’ en ‘die Wes-Kaap is slegs vir blankes’. Nelson Mandela wordt geciteerd in de mars. „Nooit, nooit, nooit meer”, scanderen ze. Voorman Zinzo Matini van het ANC dreigt Worcester „onbestuurbaar” te maken als de burgemeester niet meteen een einde maakt aan „het institutioneel racisme in deze provincie”.

Dat klinkt goed in de enige provincies in dit land die wordt bestuurd door de Democratische Alliantie (DA), een oppositiepartij die vooral blanken en kleurlingen aan zich bindt. Behalve dat de politie in Worcester niet onder gezag staat van de DA maar van de nationale regering: het ANC. „Het ANC staat hier tegen zichzelf te demonstreren”, grinnikt Kobus Marais van de DA. „Dit is belachelijk. Het heeft niks met de DA te maken.” Als de demonstranten hem in de gaten krijgen, beginnen ze luid te joelen.

Verderop staat de politiechef zijn straatje schoon te vegen. „Dit was een initiatief van de buurtwacht zodat ze iedereen die ze tegenkomen kunnen identificeren. Niemand is gearresteerd omdat hij geen groene pas had. Wij zullen nooit wetten uitvoeren in dit land die mensen onderdrukken”, zegt brigadier Vujani Mdibaza.

Ver van het kabaal van het protest rijdt Henrietta Conradie met haar terreinwagen de oprijlaan op van haar villa in Worcester. „Ze haten ons omdat wij alles hebben en zij niks”, zegt ze vanachter haar manshoge hek. „Het probleem is dat zwarten geen orde accepteren. Iedere poging van ons om structuur aan te brengen wordt afgewezen. De blanken krijgen van alles de schuld. Maar apartheid is niet van alles de schuld. Ze aanvaarden niet wat we allemaal voor dit land gedaan hebben. Zij willen niet werken.”

In het gras voor haar huis zit een zwarte man naar zijn schoenpunten te staren. Maarten Williams heet hij. Dat staat ook op de groene pas die hij een maand geleden kreeg. „Maar er is geen werk. Niks te eten”, zegt hij. Zijn adem stinkt naar drank. Worcester ligt te midden van wereldberoemde wijnboerderijen die de afgelopen jaren steeds meer werknemers hebben ontslagen. Achter de hagelwitte Nederduits Gereformeerde Kerk kwijnt het stadje weg in werkeloosheid en alcoholisme. In het politieke debat is de groene pas nu niet meer dan een schaamlap, een slecht idee uit het verleden. Maar voor de werkloze Maarten Williams is die kaart een paspoort voor een baan. Hoopvol kijkt hij op. „Ik heb een pas. Hij ligt thuis. Ik kan hem zo voor je gaan halen.”