In Thailand stierven dertig vluchtelingen toen het geld op was

Afgelopen weekend zijn dertig dode Rohingya ontdekt in een massagraf in de Thaise jungle. De vluchtelingen zijn er waarschijnlijk overleden door ziekte, uitdroging en ondervoeding.

Thailand had voor dertig Rohingya, leden van de islamitische minderheid uit het noorden van Birma, een tussenstop moeten worden op weg naar veilig gebied. Hun vluchtpoging eindigde in een graf in de jungle.

Afgelopen weekend deden Thaise autoriteiten onderzoek in Sadao, een district op de grens met het overwegend islamistische Maleisië. Daar vluchten de eveneens islamitische Rohingya vaak naartoe. In Maleisië is het veiliger dan in het boeddhistische thuisland Birma en buurland Thailand, en de Maleisische palmolieplantages bieden werk. Het massagraf werd vrijdag ontdekt. Autoriteiten vermoeden dat het graf het overblijfsel is van een verlaten kamp van mensensmokkelaars.

Lijken lagen in de open lucht

Vermoedelijk zijn de vluchtelingen door ziekte, uitdroging en ondervoeding overleden, denkt de politie. Van één stoffelijk overschot kan het geslacht niet worden vastgesteld. De lichamen lagen in ondiepe graven, bedekt met een laagje bamboe. Andere lijken lagen in de open lucht, afgedekt met een deken. De politie vermoedt dat de Rohingya in het kamp werden vastgehouden omdat ze niet genoeg geld hadden om de mensensmokkelaars te betalen. Waarschijnlijk werden in het kamp honderden tot wel duizend Rohingya vastgehouden.

Het massagraf maakt duidelijk hoe benard het lot van de Rohingya is. In Birma wordt de islamitische minderheid opgejaagd, onderdrukt en verdreven door ultranationalistische maar zeer invloedrijke boeddhistische monniken. De Rohingya worden gezien als indringers uit Bangladesh die illegaal de grens zijn overgestoken en daardoor geen burgerrechten in Birma genieten.

De vervolging van de Rohingya neemt zulke vormen aan dat onderzoekers van het Amerikaanse Simon-Skjodt Center for the Prevention of Genocide, gelieerd aan het Holocaustmuseum in Washington DC, ernstig schrokken van een onderzoeksmissie afgelopen maart. De getto’s, de stateloosheid, het geweld, de opruiende toespraken, de inbeslagname van privébezittingen: de voortekens van genocide zijn aanwezig, constateerden onderzoekers in een alarmerend rapport dat vorige week is verschenen.

Tienduizenden Rohingya proberen jaarlijks te vluchten. Velen doen dat per boot. Ze leveren zich over aan mensensmokkelaars die de vluchtelingen eerst maandenlang op zee op schepen opsluiten. Pas als de boten vol zijn, zetten de smokkelaars koers richting Thailand, Maleisië, Indonesië en Australië. Doden worden overboord gegooid. Vluchtelingen die niet genoeg betalen worden als slaaf verkocht aan Thaise vissers of garnalenkwekers.

Thailand gaat harder optreden

Sinds de militaire staatsgreep in Thailand in mei vorig jaar wordt de situatie voor vluchtelingen uit Birma problematischer. Autocraat Prayuth Chan-ocha zegt de smokkel tegen te willen gaan en harder op te treden.

De grens tussen Birma en Thailand oversteken is zelden het probleem. Neem grensstadje Mae Sot, zo’n vijfhonderd kilometer ten noordoosten van Bangkok. De lome Moei-rivier oversteken duurt in een sloep nog geen minuut. De Thaise soldaten die de oever bewaken staan het toe: zonder Birmese arbeid zouden bouwbedrijven niet overleven. Maar Birmese vluchtelingen die voor goed weg willen uit Birma hebben het moeilijker.

Een uur buiten Mae Sot zitten ruim veertigduizend vluchtelingen uit Birma in een vluchtelingenkamp tegen steile kliffen middenin de jungle. Het Mae La-kamp bestaat uit eenvoudige houten huisjes. Midden in een kamer staat een Amerikaanse koelkast met dubbele deuren, een ligbad en een oven. Ernaast hangt een foto van Barack Obama. Dit is de kamer waar asielzoekers uitleg krijgen over het leven in de Verenigde Staten, als hun asielaanvraag wordt goedgekeurd. Het nadeel? Afgezet tegen de vluchtelingenstroom neemt de VS maar een handjevol Birmezen op. Dichterbij dan de demonstratiekoelkast in Mae La zullen ze niet komen. Dat weten ze. Daarom leveren ze zich over aan mensensmokkelaars die een beter leven beloven, met het risico dat het in een ondiep graf eindigt in de Zuid-Thaise jungle.