‘Het gaat mij om het menselijke drama’

Floris Visser regisseert bij de Nederlandse Reisopera Glucks ‘Orphée et Eurydice’ – de Franse versie. Vorige maand was hij genomineerd voor twee Gouden Maskers, de meest prestigieuze Russische theaterprijs, voor zijn ‘Così fan tutte’ bij het Bolsjoitheater.

Hoe was de uitreiking?

„Ik schrok van de staat van het land. In een jaar tijd is er veel veranderd, door de situatie in Oekraïne en de moord op oppositieleider Nemtsov. Het was een zeer gespannen avond; de minister van Cultuur kreeg een lauwe reactie, er werd om Nemtsov geroepen. Dat Peter Sellars won in de categorie Beste Regisseur was op zichzelf een overwinning – verder was het nogal een Russisch feestje.”

Waarom doen jullie de minder gangbare Franse versie van Glucks opera?

„Ik ben anno 2015 niet geïnteresseerd in een opera over goden of l'art pour l'art, het gaat mij om het menselijke drama. Orfeus is een archetype van de kunstenaar, maar hij is ook een mens die op zijn bruiloft zijn geliefde verliest. Een castraat, zoals in de Italiaanse versie, was per definitie een soort halfgod. Voor de Franse versie gebruikte Gluck een tenor, waardoor het verhaal aan geloofwaardigheid wint.”

Wat is de kern van uw regie?

„Rouw is wennen aan het ondraaglijke. Natúúrlijk wil Orfeus de onderwereld in. In de figuur Amour schept hij een evenbeeld dat hem belooft dat hij Eurydice terug kan halen. Maar ik heb het omkijkmoment een andere lading gegeven, nu is het een moment van inzicht: ze is echt dood. Zo kunnen we de hele opera spelen zoals Gluck bedoelde, waarbij je er aan het einde achterkomt dat het één grote illusie was. Deze man is waanzinnig van verdriet – dat is iets wat we ons allemaal kunnen voorstellen.”

Wat is het belang van de Reisopera?

„Nederland heeft een reisgezelschap nodig. De vraag is veel groter dan het aanbod, maar er is geen geld om meer voorstellingen te doen. Haal dat geld maar uit de markt, zegt de minister. Maar wat als die markt niet bestaat?”