Wat stemden uw buren? Analyse uitslagen PS2015 per stembureau

‘De kiezer is op drift’, is vaak de analyse na verkiezingen als er weer grote verschuivingen hebben plaatsgevonden in het politieke landschap. Statistische analyse van de Provinciale Statenverkiezingen laat zien dat dit eigenlijk heel erg meevalt. Maar de PvdA heeft wel echt een serieus probleem, want de traditionele achterban van de partij haakt op veel plekken af.


op een tablet voor de volledige kaart volgt u deze link:kaart op maps.nrc.nl
Het is de laatste jaren bij elke verkiezing zichtbaar: grote veranderingen in populariteit van politieke partijen ten opzichte van de voorgaande landelijke verkiezingen. Bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 werden VVD en PvdA onverwacht groot door de tweestrijd tussen Rutte en Samsom, maar bij de gemeenteraadsverkiezingen van vorig jaar werden de coalitiepartijen (vooral de PvdA) weer hard afgestraft door de kiezer. Bij de Provinciale Statenverkiezingen vorige maand scoorden zes partijen tussen de 8 en 13 zetels. De conclusies die na deze verkiezingen werden getrokken: het politieke landschap versplintert alsmaar verder, de kiezer hopt van de ene naar de andere partij, oftewel is ‘op drift’.

Uitleg bij uitslagenkaart

Deze interactieve kaart laat zien hoe er gestemd is in de bijna 10.000 stembureaus van Nederland, afgelopen maart bij de verkiezingen voor Provinciale Staten. De adressen van de stembureaus zijn verzameld door de Stichting Politieke Academie. Joost Smits en Frank van Dalen van de stichting vertellen welke conclusies je kunt trekken op basis van deze kaart.

Als je het gedrag van de kiezer echter heel nauwkeurig analyseert, kom je tot de conclusie dat het met het op drift raken van de kiezer in het algemeen wel meevalt. Onderzoekers Joost Smits en Frank van Dalen van de Politieke Academie, de auteurs van het boek Permanente campagne, analyseerden de afgelopen jaren de verkiezingsuitslagen zeer gedetailleerd (teruggebracht naar buurtniveau) en vergeleken het stemgedrag van verkiezing tot verkiezing. Uit de studie Verkiezingen vergeleken blijkt dat in de meeste gebieden het kiezersgedrag behoorlijk stabiel is: een partij die 20 procent haalde bij de ene verkiezing, zal de volgende keer in dezelfde buurt (meestal) niet 60 procent scoren en omgekeerd. De (potentiële) kiezers van een partij wonen namelijk in bepaalde buurten. De VVD in Wassenaar kan het de ene verkiezing beter doen dan de andere (door bijvoorbeeld een goede lijsttrekker of juist een slechte campagne), maar zal niet opeens volledig instorten.

Sterke electorale positie VVD

Uit de statistische analyse van Smits en Van Dalen blijkt dat de VVD op rechts een hele sterke electorale positie heeft. Er is namelijk relatief maar heel weinig verkeer tussen kiezers van de VVD en andere partijen. De VVD-kiezer kiest nog wel eens voor D66 of het CDA, maar dat gebeurt niet heel snel of vaak. “De VVD-kiezer heeft blijkbaar het gevoel dat hij nergens anders naar toe kan”, zegt Van Dalen. Dat verklaart ook waarom er ondanks grote interne onrust, zoals na de kabinetsformatie in 2012 rond de inkomensafhankelijke zorgpremie – of onlangs door alle schandalen rond integriteit binnen de partij, geen leegloop bij de VVD plaatsvindt. De liberale kiezer ziet simpelweg onvoldoende een alternatief.

Dat laatste geeft ook te denken over de strategieën die partijen hanteren. Bij de VVD heerst vaak de vrees voor de PVV van Wilders, waardoor de partij zich op bepaalde thema’s PVV’achtig probeert te profileren. Denk aan het recente voorstel van Kamerlid Azmani om alle migranten van buiten de EU te weren of de wens van de VVD-fractie om ‘bed-bad-brood’ voor illegalen volledig uit te bannen. Deze standpunten zijn ongetwijfeld deels bedoeld om de PVV-kiezer voor de VVD te winnen, maar uit de analyse van Smits en Van Dalen blijkt dat de kiezers van VVD en PVV in hele andere gebieden wonen. Daardoor zijn deze ‘rechtse’ partijen in de praktijk amper electorale concurrenten; ze vissen niet of bijna niet in elkaars vijver. Dit bleek vorig jaar ook bij de gemeenteraadsverkiezingen in Roermond, toen de VVD fors verloor en de nieuwe partij van (oud-VVD’er) Jos van Rey heel goed scoorde. Van Rey heeft de VVD leeggegeten, was de conclusie. Uit onderzoek van de Politieke Academie bleek juist dat de VVD vooral kiezers had verloren aan het CDA en D66 of dat de VVD-kiezer teleurgesteld thuisbleef. Van Rey bleek bij de verkiezingen vooral te concurreren met linksere partijen als de PvdA en zelfs de Islamitische Partij voor de Eenheid.

Lees hieronder een uitgebreide toelichting van Smits en Van Dale op hun onderzoek.

Uit de bevindingen van Smits en Van Dalen volgt dat politieke partijen tijdens verkiezingscampagnes vaak twijfelachtige of verkeerde tactieken toepassen om hun kiezers te bereiken. Zo proberen partijen vaak in wijken waar ze de vorige verkiezingen slecht hebben gescoord door middel van extra campagnemiddelen beter te scoren, terwijl de kans dat dit lukt erg klein is: waarschijnlijk wonen je kiezers daar simpelweg niet. Het heeft meer zin om campagne te voeren in wijken waar je score de vorige keer goed was of waar verborgen potentieel zit omdat kiezers kiezen voor de echte concurrent. Zo verzekert een partij zich van opnieuw een goede score. Ook campagne voeren op ‘drukke plaatsen’ als de markt is weinig zinvol. De kans dat je daar als partij net jouw kiezers treft is klein. Nog belangrijker is volgens Smits en Van Dalen permanent campagne voeren en aan ‘micro-targetting’ doen: op zescijferig postcodeniveau achterhalen waar de potentiële achterban zit.

PvdA-kiezer wel degelijk op drift

Waar partijen als de VVD slechts last hebben van ‘normale’ schommelingen in populariteit, heeft de PvdA wel een serieus probleem, concludeert de Politieke Academie. Uit een analyse van de uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen blijkt dat de sociaal-democraten geen beperkte verliezen leden in de eigen wingebieden, maar dat de PvdA-kiezers in sommige wijken de partij volledig links lieten liggen in vergelijking met de gemeenteraadsverkiezingen van een jaar eerder. Dat is niet heel erg als de PvdA-kiezer thuisbleef of uitweek naar gelijksoortige (linkse) partijen (zoals in 2014 gebeurde), maar deze kiezers stroomden juist naar allerlei (soorten) partijen toe, zoals de PVV maar ook kleine partijen als 50Plus en de Piratenpartij. Ook scoorde de PvdA bij de Statenverkiezingen in gebieden waar de partij voorheen amper stemmen kreeg. Maar deze ‘winst’ is per definitie onvoldoende om het verlies elders goed te maken. De PvdA heeft niet alleen kiezers verloren, maar die kiezers zijn ook daadwerkelijk op drift geraakt, stellen Smits en Van Dalen.

Nu de traditionele PvdA-achterban letterlijk afhaakt en verbrokkelt, heeft de partij een “enorm probleem”, zegt Van Dalen. Alleen het vervangen van bijvoorbeeld Samsom als partijleider of inhoudelijk de accenten verleggen zal de problemen van de partij niet oplossen stelt, hij. In al de gebieden waar de PvdA-kiezer de partij het afgelopen jaar (tussen gemeenteraadsverkiezingen en Provinciale Statenverkiezingen) de rug toekeerde en naar hele andere partijen uitwijkt, moeten de sociaal-democraten op zoek naar wat het vertrouwen in de partij zo heeft geschaad. Dit kan bijvoorbeeld de uitwerking van bepaalde hervormingen van het kabinet-Rutte II zijn die hele kiezersgroepen van de PvdA heeft vervreemd. Een nieuwe boodschap formuleren om de PvdA-kiezer weer aan te spreken zal niet makkelijk zijn omdat de partij aan verschillende soorten partijen kiezers verliest of hun kiezers thuisblijven de volgende keer niet meer terugkeren (desintegratie) . “Als de PvdA meer opschuift richting D66 om de hoogopgeleide kiezer te trekken, haken laagopgeleide kiezers juist weer af”, aldus Van Dalen.

Een les die voor alle politieke partijen uit de analyses van de Politieke Academie volgt is dat het voor partijen erg belangrijk is het gesprek met de achterban echt aan te gaan en beleid en standpunten uit te stippelen waarmee de eigen, traditionele kiezer kan worden vastgehouden. Anders dreigt steeds meer partijen te overkomen wat de PvdA overkomt en zullen de opkomst bij verkiezingen en de ledenaantallen van politieke partijen blijven dalen, voorspellen Smits en Van Dalen. Een moderne ‘permanente campagne’ op basis van micro-targetting voeren is nodig, zodat je voortdurend met je kiezer in contact staat en weet wat er leeft. “De partijen die dat het beste gaan doen, winnen de komende verkiezingen”, voorspellen de onderzoekers.

    • Arlen Poort
    • Pim van den Dool