Fed is beducht voor ‘superdriftbui’

Om chaos te voorkomen moet de eerste renteverhoging in zeven jaar zeer voorzichtig worden gebracht.

Verhoogt de Amerikaanse centrale bank haar rentetarief in juni, in september of nog later? Analisten op Wall Street en ver daarbuiten probeerden vanochtend chocola te maken van de jongste cijfers over de Amerikaanse economische groei én de uitkomst van de vergadering gisteren van de centrale bank, de Federal Reserve. Wie zocht naar duidelijke aanwijzingen kwam bedrogen uit. En dus gaan de speculaties door.

De inzet is hoog. Direct na de Lehman-crisis van 2008 verlaagde de ‘Fed’ de rente, die uiteindelijk daalde naar nagenoeg 0 procent. Daarna kwamen drie rondes van ‘kwantitatieve verruiming’: het opkopen van staatsleningen en andere leningen op de financiële markten om de crisis te lijf te gaan en de economische groei aan te jagen. Dat was allemaal positief voor de koersen van aandelen en obligaties, maar het weer intomen van deze crisismaatregelen zorgt voor grote consternatie op de financiële markten.

Eerder was dat het geval bij het afbouwen (tapering) van het derde opkoopprogramma. Daar werd in 2013 even zwaar op gespeculeerd als op de renteverhoging nu. De Fed kondigde de afbouw in juni nogal dubbelzinnig aan, om er in december daadwerkelijk toe over te gaan.

Al die onduidelijkheid leidde op de beurzen tot wat de taper tantrum werd genoemd, vrij naar het temper tantrum – de Engelse term voor de typische driftbui van peuters die veel jonge ouders wel eens zwetend hebben doorstaan in de supermarkt. Tussen mei en het najaar doken de obligaties hard, waardoor de effectieve rente op tienjarige staatsleningen verdubbelde van 1,5 procent naar 3 procent. Tientallen miljarden dollars werden door beleggers teruggetrokken uit de obligatiemarkt.

Dat ging alleen nog om het afbouwen van de kwantitatieve verruiming. Er zijn nu dan ook grote zorgen over het effect van een daadwerkelijke verhoging van de officiële rente naar een normaal niveau. De term super taper tantrum is al gevallen om het effect op de markten te beschrijven als de Fed dit verkeerd communiceert.

De cijfers over de groei hielpen gisteren niet. In het eerste kwartaal blijkt de Amerikaanse economie vrijwel te zijn gestagneerd, met een groei van slechts 0,2 procent. Voor Europeanen is de presentatie daarvan altijd even wennen. De Verenigde Staten nemen de groei van kwartaal op kwartaal, en doen alsof die groei zich vier kwartalen lang zou hebben voorgedaan. De werkelijke groei, zoals Europa die zou berekenen, was 0,06 procent – vrijwel een stagnatie. Maal vier geeft dat cumulatief 0,24 procent: daar komt afgerond de gerapporteerde 0,2 procent groei vandaan.

Complicerend is de strenge winter in de Verenigde Staten in de eerste drie maanden van dit jaar, die de economische activiteit behoorlijk heeft gedrukt. En dan waren er ook nog lange stakingen in de havens aan de westkust, die de buitenlandse handel frustreerden. De kans is dan ook groot dat de onderliggende economische groei veel beter was dan nu in de officiële cijfers naar voren komt – zij het dat de sterke dollar en lage olieprijs een behoorlijke rem vormen.

Daar staat tegenover dat op een échte jaarbasis, waarbij het eerste kwartaal simpelweg wordt vergeleken met dat van 2014, de groei een gezonde 3 procent bedroeg. Dat is geen tempo om een ultralage rentevoet nog langer te rechtvaardigen.

Wat nu? De logische conclusie is om te wachten op de uitslag over het tweede kwartaal. Maar als de economie het in wezen best goed doet, dan leidt de huidige nulrente alleen maar tot grotere excessen op de financiële markten.

Daarom hield de Fed na de vergadering van gisteren alle opties toch open. De centrale bankiers merkten op dat veel factoren die zorgden voor de lage groei in het eerste kwartaal van „voorbijgaande aard” waren. Maar ze stelden ook dat er meer aanwijzingen moeten komen dat de werkgelegenheid verder aantrekt en de inflatie duurzaam omhoog gaat richting 2 procent.

Het kan, concluderen analisten, dus toch juni worden. Of september. Of later. En zo zijn beleggers na gisteren weinig opgeschoten. Toezichthouders op de financiële markten maken zich intussen enigszins zorgen. Een super taper tantrum is een risico voor de financiële stabiliteit.

En op de achtergrond is er de Griekse kwestie. Wat als een chaotisch Griekse vertrek uit de euro samenvalt met een Amerikaanse rentestap? De twee zouden kunnen combineren tot een perfecte storm op de financiële markten. En daar zit niemand op te wachten.