De Lijstjeslawine: dertien boeken over rampspoed

Verwoeste dorpjes in de bergen van het Gorkha District, Nepal. Foto AP / Wally Santana

De aardbeving in Nepal heeft volgens de laatste cijfers aan minimaal vijfduizend mensen het leven gekost. Daarbovenop komen zeker 19 mensen die omkwamen op de Mount Everest, 61 in India en 25 in Tibet.

Waarschijnlijk ligt het dodental nog veel hoger – over het aantal vermisten, met name in de getroffen dorpen op het armoedige platteland van Nepal, is nog nauwelijks informatie. De politie van Nepal maakte gisteravond bekend dat meer dan 10.000 mensen gewond zijn van wie 7.400 in het ziekenhuis liggen. Dertien boeken waarin rampen centraal staan.

Albert Camus: De Pest (1947)

Camu_liggg

Beroemdste boek over hoe een epidemie een gemeenschap in de houdgreep neemt. In een Algerijnse stad breekt de pest uit. De lezer voelt de angst binnenstromen: de eerste dode ratten, de afsluiting van de stad en de bange zoektocht naar een medicijn.

Renate Dorrestein: Weerwater (2015)

dorrestein-weerwater

De wereld vergaat… behalve Almere. Op een zomerdag in augustus neemt het personage Renate Dorrestein haar intrek in de wijk De Fantasie, in het centrum van Almere. Daarna volgen de gebeurtenissen elkaar snel op. God schiep de aarde, zoals bekend, in zeven dagen. Maar Dorrestein breekt hem hier in een enkele dag weer nagenoeg af. Eerst is er een verschrikkelijk noodweer, daarna een explosie en vervolgens is alles en iedereen weg. Alleen Almere is er nog en degenen die op de dag van de ramp in Almere waren. ‘Het was alsof een reuzenhand een kolossale vuilnisemmer over de stad had uitgestort’, lezen we.

De ontreddering is groot, want niets werkt meer en iedereen mist minstens de helft van zijn familie, als hij of zij al niet wees is geworden. Een natuurkundig niet nader verklaarde, zwavelachtige mistdamp omgeeft Almere. Wie die damp probeert te trotseren, komt jammerlijk om. Niemand van de ongeveer vijfduizend overlevenden kan dus nog weg. Gerouwd over de dood van zij die zich buiten de stadsgrenzen van Almere bevinden wordt er gek genoeg niet. Ook breken er ziektes uit (cholera!) en dolen er allerlei ontsnapte gevangen rond in de stad, maar tot onoorbare toestanden leidt het nauwelijks. Het kan in Almere.

Cormac McCarthy: The Road (2006)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.29.03

In subliem en huiveringwekkend proza beschrijft McCarthy de moeizame voettocht, of pelgrimage, van een zieke vader met zijn jonge zoontje, door een volkomen verwoest postnucleair landschap. Waar de bewoonde wereld aan ten prooi is gevallen met die ‘lange lichtflits en een serie diepe aardschokken’, om 1:17 precies, blijft in het midden, maar we kunnen het raden. Vader en zoon, die het hele boek naamloos blijven, zijn met hun spullen in een winkelkarretje door de woestenij van Amerika op weg naar het Zuiden, om te ontkomen aan een zekere dood door kou en honger. De moeder, zwanger toen de lichtflits naar binnen straalde, heeft al lang geleden zelfmoord gepleegd.

McCarthy ontving in 2007 de Pulitzer Prize voor The Road. Enkele jaren later werd het boek succesvol verfilmd met Viggo Mortensen en Kodi Smit-McPhee in de hoofdrollen.

Jerôme Inen: Zomergriep (2004)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.03.43

Roman uit 2004 over vogelgriep in Amsterdam, een jaar voor die hier echt kwam. Overtuigende schets van hoe het in Amsterdam toe zou gaan als er een zeer besmettelijke dodelijke ziekte zou heersen: er worden voedselpakketten afgeleverd, de stadsvogels worden gevangen en mensen houden op straat tien meter afstand tot elkaar – als ze al naar buiten durven.

Michel Houellebecq: La Possibilité d’une île (2005)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.05.09

De onderscheiding voor de brutaalste boekslogan gaat waarschijnlijk naar de Franse sterauteur Michel Houellebecq, die zijn dikste roman liet vergezellen door de zin ‘Wie van u verdient het eeuwige leven?’. Was de lezer hierdoor nog niet van zijn stuk gebracht, dan deed de inhoud van de roman dat wel. Plot: de 25ste kloon van een succesvolle komiek buigt zich over de vraag of rimpelloos leven te verkiezen valt boven de pieken en dalen van het leven van de mens, die inmiddels volledig is vervangen. Of: uitgestorven. De kloon spreekt over de “nucleaire explosies”, die plaatsvonden tijdens “intermenselijke conflicten”, en die tsunami’s en cyclonen tot gevolg hadden, met nog meer slachtoffers tot gevolg.

John Hersey: Hiroshima (1946)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.06.13

Precies op het moment dat de inwoners van Hiroshima op 6 augustus 1945 hun schuilkelders verlaten omdat het gevaar van een bombardement lijkt geweken wordt vanuit de Amerikaanse bommenwerper Enola Gay een atoombom op de stad geworpen. De ontploffing even daarna doodt vrijwel onmiddellijk 78.000 mensen, er zullen door de straling daarna nog velen volgen. Een jaar later, op 31 augustus 1946, kan de wereld via een speciaal nummer van tijdschrift The New Yorker kennisnemen met wat er zich onder de paddestoel boven Hiroshima afspeelde. Journalist John Hersey (1914-1993), die later genoemd zal worden als een van de grondleggers van New Journalism, een vorm van journalistiek met fictiemethodes, reconstrueert het tafereel op de grond via zes overlevenden.

Het verhaal, dat daarna al snel in boekvorm zal verschijnen, wordt decennia later door de New York University uitgeroepen tot het beste journalistieke boek van de twintigste eeuw.

John Steinbeck: The Grapes of Wrath (1939)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.06.59

Toen de zuidelijke Midwest in de jaren dertig van de vorige eeuw door droogte en erosie veranderde in een Dust Bowl, oftewel een ‘kom stof’ trokken tienduizenden boerengezinnen over de befaamde Route 66 naar Californië, om daar als fruitplukkers werk te vinden. Zo ook de de familie Joad in The Grapes of Wrath (vertaald als De druiven der gramschap). Hun exodus uit Oklahama naar het Land of Plenty (met vers sinaasappelsap in het verschiet) eindigt in de barre werkelijkheid van de immigrantenkampen; opa en oma zijn dan al gestorven, zoon Tom raakt verwikkeld in de bloedige strijd om arbeidersrechten en dochter Rose of Sharon bevalt temidden van het vuil en de honger van een dood kindje. Als het controversiële laatste beeld van de roman (zoekt u dat zelf maar op) niet van enige hoop getuigde, zou The Grapes of Wrath hoog eindigen op de uitdijende lijst van Meest Pessimistische Amerikaanse Romans.

J.G. Ballard: The Drowned World (1962)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.07.32

Deel 1 van een een trits meeslepende, koortsachtige romans waarin een door natuurrampen geteisterde wereld verdrinkt (The Drowned World) dan wel uitdroogt (The Burning World (1964)) dan wel kristalliseert (The Crystal World (1966)).

Haruki Murakami: Underground (1997)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.16.10

Op 20 maart 1995 pleegden een handjevol aanhangers van de Japanse sekte Aum Shinrikyo een gasaanslag op de metro van Tokio. Twaalf mensen overleden, duizenden anderen raakten gewond of ondervonden nog jaren last van neveneffecten. In Underground reconstrueert Murakami de aanslag en de gevolgen door betrokkenen in fullquote-interviews aan het woord te laten. Ook komen leden en ex-leden van de sekte aan het woord, in een poging een zo compleet mogelijk beeld te geven van waarom dit moest gebeuren. Een van de leden, Hajime Masutani, zei erover dat “it was like an experiment, using human beings”.

Gabriel García Márquez: El amor en los tiempos del cólera (1985)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.16.52

De liefde als ongeneeslijke aandoening. García Márquez brengt de grote thema’s liefde, dood, ouderdom, noodlot en begeerte samen in een bijzonder menselijk universum.

Margaret Atwood: Oryx and Crake (2003)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.32.45

Juve? Die voetbalclub uit Turijn, bedoel je? Nee, dat andere Juve: Jetspeed Ultra Virus Extraordinary. Atwood, grand old lady van de Canadese letteren (nou, vooruit, mèt Alice Munro) zette het in als virus in Oryx and Crake, deel een van een postapocalyptische trilogie. Hoofdpersonage Snowman leeft er in als enige mens te midden van de ‘Crakers’, ontworpen door Snowmans ambitieuze jeugdvriend Crake in het ‘Paradice’-laboratorium. Ze zijn passief, gelukkig, glad van huid en uitgevoerd in beeldschone UV-bestendige smartieskleuren. Ze leven op enkel gras en blaadjes. Het zijn, zoals Snowman opmerkt, een soort baby’s die ook kunnen dienen als grasmaaier.

De eindtijd volgens Atwood is een dor landschap dat geheel is onderworpen aan de wil van één soort; de naar groei en vermeerdering strevende homo economicus. Die woont in zwaar beveiligde bedrijfsenclaves, waar hij zich bezighoudt met het ontwerpen van soorten die hem kunnen dienen, zoals daar zijn pigoons (varkianen, dragers van menselijke reserve-organen), gevaarlijke wolvogs (zwolven) of de ChickieNobs, zelfklonende, vogelpestvrije kipfiletjes. Een complete kip is nergens meer voor nodig, wat heet, alle oude diersoorten zijn uitgestorven. Hun namen figureren enkel nog in het computerspel Extinctathlon, waarin Crake later inspiratie zal vinden voor zijn eigen uitsterfspelletje.

José Saramago: De stad der blinden (1995)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.17.28

Een besmettelijke blindheid legt Lissabon lam. De zieken worden in quarantaine gehouden in een ziekenhuis, wat het slechtste in hen naar boven brengt. Verfilmd door Fernando Meirelles met Julianne Moore in de hoofdrol als de vrouw van de oogarts, die niet getroffen is door de ziekte.

Dave Eggers: Zeitoun (2009)

Schermafbeelding 2015-04-30 om 10.18.02

Augustus 2005 broeide er iets boven de Caraïbische Zee. Verschillende weersfronten kwamen samen en baarden Katrina. De storm zwol dag na dag aan en bereikte uiteindelijk de topzware categorie 5. De verwaarloosde wallen rond het laaggelegen New Orleans braken en de deels geëvacueerde stad verdween onder water. Hulp bleef uit, de plunderingen begonnen en The Big Easy zakte weg in anarchie. In Zeitoun tekende veelschrijver Eggers het verhaal op van Abdulrahman Zeitoun, een in Syrië geboren handwerksman, die samen met zijn vrouw Kathy in New Orleans een succesvol schildersbedrijf runt en na de watersnoodramp op eigen houtje probeerde om zijn stadgenoten te helpen. Hij peddelt in een oude kano door de vreemde nieuwe wereld. Hij voedt achtergelaten honden, redt gestrande bejaarden en voelt zich sterk – alsof God deze rol altijd voor hem in gedachten heeft gehad. Eindelijk kan hij zich losmaken uit de schaduw van zijn te jong gestorven broer, een befaamde lange-afstandszwemmer.

Aan het heldenverhaal komt een eind wanneer Zeitoun opgepakt wordt op verdenking van criminele activiteiten. Hij wordt met drie andere overlevers opgepakt in zijn eigen pand. Hij verdwijnt achter de tralies in een in allerijl gebouwde gevangenis, die gemodelleerd lijkt naar Guantánamo Bay. Wat er vervolgens gebeurt, tart elk gevoel voor recht en rede. Wekenlang is Zeitoun onvindbaar voor zijn vrouw, met wie hij tot dan nog telefonisch contact had. Een officiële aanklacht, een advocaat, het spreekwoordelijke telefoontje: het blijft allemaal uit. De elementen konden Zeitoun niet breken, maar tegen de destructieve kracht van verknipte ideeën heeft hij geen verweer.