Bubbeltoerisme

Je zou haast vergeten dat ze niet uit een ei komen. Ze leven altijd al, op een plek die zij thuis noemen. En dan komen ze, ineens en even. Toeristen. De toerist is de vreemde over wie je niet zeurt, omdat hij economisch nuttig is.

Volgens mij is de angst voor vreemden over het algemeen behoorlijk groot. De liefde voor geld moet dus wel erg diep gaan, wil zij de vreemdelingenangst compenseren. Je zou ook kunnen zeggen: de vreemdeling met geld is geen vreemdeling.

Hij is net als wij.

Hij consumeert.

Toch tekenden al vijfenhalfduizend mensen een petitie op wegmetdebierfiets.nl om de bierfiets in Amsterdam te verbieden. De bierfiets is een cafétafel op wielen, met pedalen onder de barkruk. Je fietst door de stad terwijl je drinkt. Waarschijnlijk is dat leuk omdat drinken en gezien worden plezierig is.

Eigenlijk vind ik de bierfiets wel lekker overzichtelijk. Het is een soort bubbeltoerisme: de bierfietsers zijn op zichzelf gericht en verwachten niets van mij, de ‘local’.

Hetzelfde geldt voor de toeristen die naar de kermis op de Dam gaan. Buiten de aura van neonlicht bestaat er even niets.

Anders is het met de toerist die de stad ‘echt’ wil zien. Wanneer ik die bijna aanrijd met mijn fiets, heb ik het gevoel dat ik bijdraag aan de authentieke beleving van de toerist.

Als applaus voor een acteur, bevestigt de gil van een bijna aangereden bezoeker dat je je rol als lokale bewoner goed speelt. Mijn roekeloze rijgedrag wordt versterkt, of in ieder geval vergoelijkt, door het feit dat er toeristen zijn die het echte Amsterdam willen beleven. Hoe meer scheldende fietsers en tolerante gekkies zij zien, hoe authentieker hun ervaring.

De toerist die geen toerist wil zijn is dus een verwarrender soort dan de bierfietstoerist. Die undercover-toerist wil naar onontdekte plekken en zorgt er daardoor juist voor dat de toeristische markt zich nog verder verspreidt, want de onontdekte plek zal zich als ‘onontdekt’ gaan verkopen.

Zo kun je in veel landen een exclusieve tour door een sloppenwijk boeken. Even kijken naar andermans eigenaardigheden. Hoe ellendiger, hoe authentieker. En het ongemak dat de toerist bij zo’n rondleiding voelt, hoort juist bij de authentieke ervaring.

Bovendien kun je zulk toerisme gemakkelijk rechtvaardigen: het is toch goed dat wij daar zijn? Dat is goed voor de economie, ze verdienen aan ons. Wat je doorgaans vergeet: om eraan te blijven verdienen, moet die sloppenwijk een sloppenwijk blijven.

Authenticiteit is algauw een bevrijdend begrip, omdat je ellende en slecht gedrag ermee kunt vergoelijken.

Doe mij dan toch maar de bierfiets. Dan is het verderf tenminste duidelijk zichtbaar.