Nachtdieren

Sommige mensen vinden nachtdiensten draaien heerlijk. Lekker rustig, en na je werk kun je genieten van de zonsopkomst. Helaas voor de liefhebber: ‘s nachts werken is niet gezond.

Jet van der Loos heeft geen Koningsdag gevierd. Ze wilde even rustig aan doen, en bovendien had ze toen ze zondagavond na haar werk op de fiets naar huis zat „al meer dan genoeg gekken gezien”.

Nu, iets meer dan 24 uur later, komen diezelfde gekken weer voorbij. Dit keer in de vorm van een lange stoet schepen die de stad uit willen. „Reken maar, alles wat er nu binnenkomt is katjelam”, zegt Van Loos. „De meesten klimmen de kade op en beginnen meteen in de bosjes te piesen.”

Van der Loos (51) is al 21 jaar brugwachter. De laatste 13 jaar ‘wacht’ ze in Amsterdam, bij Waternet. Vanavond is ze, toevallig samen met haar broer Bart, gestationeerd bij de Nieuwe Meersluis – de plek waar het riviertje de Schinkel uitkomt op de Nieuwe Meer. Vanuit haar draaistoel heeft ze uitzicht over de sluis, zeven beeldschermen en een indrukwekkend knoppenpaneel. „Ik noem het Klein Schiphol”, zegt Bart van der Loos. „Ach nee joh”, lacht zijn zus. „Dit noemen we gewoon een brugwachterspost hoor.”

Voor je werk even een tukje doen

Drie dagen per week werkt Jet van der Loos van 14.00 uur tot 22.00 uur. De overige dagen begint ze om 22.00 uur en eindigt ze om 06.00 uur. Het liefst staat ze bij een ‘buitenbrug’. Komt er een schip, dan fietst ze mee van brug naar brug. Ze is een nachtdier, zegt ze, of althans: ze is het geworden. „Ik heb nu een ideaal rooster, ik ben helemaal niet van de ochtend. Vaak doe ik ’s middags voor mijn dienst even een tukje. Ik heb geen gezin, dus ik kan mijn ritme gemakkelijk aanpassen.”

Het werk van een brugwachter gaat – net als dat van bakkers, beveiligers, portiers en postsorteerders, politieagenten, taxichauffeurs, slotenmakers, dj’s en dokters – 24 uur per dag door. In Nederland werken volgens de laatste cijfers van het CBS, uit 2013, meer mensen onregelmatig dan regelmatig: 51 procent van de beroepsbevolking werkt (wel eens) ’s avonds, en ruim 16 procent werkt (wel eens) ’s nachts. Dit aantal is de afgelopen jaren licht gestegen. Een officiële verklaring is er niet, maar een mogelijke reden is de toename van het aantal flexwerkers, die veel avond- en nachtwerk op zich nemen.

Volgens adviesbureau Déhora werken er naar schatting zelfs zo’n 500.000 Nederlanders tijdens de nacht. Het bureau is initiatiefnemer van de Nacht van de Arbeid, die morgen voor de derde keer wordt gehouden. Met het evenement wordt aandacht gevraagd voor nachtarbeid en nachtarbeiders.

Dat is nodig, want wie ’s nachts werkt, loopt gevaar. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat nachtwerkers vaak met verschillende fysieke en sociale uitdagingen te maken hebben, en ook zou de kans op bedrijfsongevallen tijdens de nachtelijke uren aanzienlijk groter zijn.

Nachtwerkers moeten beschermd worden, vindt de overheid, vooral tegen zichzelf. ’s Nachts gelden daarom strengere regels dan overdag. Zo mag je als de dienst na 02.00 uur eindigt, erna minimaal 14 uur niet werken, en in 16 weken maximaal 36 keer een nachtdienst doen. Ben je jonger dan 18 jaar? Dan is nachtwerk zelfs verboden.

Verschillende soorten nachtdieren

Nachtdieren zijn er in vele soorten en maten. Zo zijn er seminachtdieren, die eigenlijk overdag leven, maar zich goed kunnen aanpassen en daar hun voordeel mee doen. Geneeskundestudent Anne van Eijk (23) is er zo een. Ze werkt sinds twee jaar naast haar studie bij het orgaancentrum van de Nederlandse Transplantatie Stichting (NTS) in Leiden. Als er iemand overlijdt in het ziekenhuis en een arts belt om te vragen of die persoon geregistreerd staat als donor, gaat zij dat na in het Donorregister. Indien nodig doet ze de medische screening van de donor en stuurt ze weefseluitname-teams op pad.

Het is een populaire bijbaan onder medisch studenten, zegt van Eijk: „Omdat het ’s nachts is, kun je overdag gewoon studeren. Daarnaast is het leerzaam en verantwoordelijk werk: je wordt erin getraind te werken met vaste protocollen.”

Ook zijn er mensen die op afwijkende uren werken uit liefde voor de nacht. In die categorie valt brugwachter Jet van der Loos. Overdag werken? Geen probleem. Maar het heeft iets speciaals om wakker te zijn terwijl iedereen slaapt, vindt ze. „Het is alsof je even op Amsterdam mag passen. Je bent ook een beetje de vraagbaak van de stad, een soort nachtelijke VVV. Ik word vaak aangesproken door mensen die volledig de weg kwijtzijn. ‘Mevrouw’, vragen ze dan, ‘waar woon ik?’”

Tot slot is er het rasnachtdier, dat erop gebouwd is om actief te zijn in het donker. Zo iemand is Karim N’Doye (27): hij werkt al vanaf zijn 17de in het nachtleven. Hij begon als glazenhaler, was barman en barmanager en is inmiddels bedrijfsleider bij Disco Dolly, een uitgaansgelegenheid in het centrum van Amsterdam. ‘Dolly’ is zeven nachten per week geopend, N’Doye is er zeker vier nachten per week om te checken of alles op rolletjes loopt. Hij weet eigenlijk niet beter: „Als ik overdag werk, is het om voorbereidingen te treffen voor de avond.”

Wakker blijven, dat is voor het rasnachtdier doorgaans geen probleem. Zeker als-ie in een discotheek werkt, zoals Karim N’Doye. „In slaap vallen is echt niet aan de orde met continu prikkels van harde muziek en mensen om me heen.” Bij het orgaancentrum en de brugwachterspost ligt dat anders. Daar is het mogelijk om op rustige uren even uit te rusten. Echt slapen kan niet, ieder moment kan er immers een dringend telefoontje binnenkomen.

The freaks come out at night

En dan moet je alert zijn, anders kunnen er ongelukken gebeuren. „Ik durf het bijna niet te zeggen, maar ik heb wel eens een brug opengedaan met iemand erop”, zegt Van der Loos. „Die man was stomdronken onder de slagbomen door gekropen, ik had hem totaal over het hoofd gezien. Gelukkig werd ik net op tijd gewaarschuwd door omstanders.”

Het was een kwestie van heel snel handelen: „Ik heb op de noodstop gedrukt en via de marifoon de schipper gewaarschuwd: ‘Kunt u er zo onder door?’ Stel je voor: een boot die is volgeladen met 800 ton zand kan natuurlijk niet zomaar even achteruit varen.’

Gelukkig liep het goed af en bleef het bij een ‘bijna-hartaanval’ voor de brugwachter. Toch houden juist dit soort incidenten je scherp, zegt Van der Loos. Het hoort nu eenmaal bij het vak. „Mensen hebben ’s nachts een bakkie op, zijn alle remmingen kwijt. Tja, the freaks come out at night.”