Leuk, die vakantiefoto’s. Maar wat als Instagram failliet gaat?

Onze foto’s staan online en onze liefdesbriefjes op de telefoon. Maar waar blijven die herinneringen in de toekomst? Er zijn steeds meer initiatieven om de gevreesde ‘eeuw van vergeten informatie’ te voorkomen.

Beeld Vos Broekema, Bewerking nrc.next

Als cadeautje voor zijn zus liet de Duitse Sebastian Kull (24) vorig jaar een boekje maken met alle berichtjes die ze ooit naar elkaar gestuurd hadden via WhatsApp. Natuurlijk, ze kon ook gewoon de app openen om alles nog eens te lezen, maar een boekje, om in de kast te zetten – dat was toch iets anders. „Dit kon ze in haar handen houden.”

Als het ligt aan Vint Cerf, een van de grondleggers van het internet, gaan meer mensen dit doen. Hij waarschuwde onlangs in The Guardian voor een ‘eeuw van vergeten informatie’ als we ervan uitgaan dat digitaliseren hetzelfde is als voor altijd bewaren. Bestanden kunnen verouderen (hij noemt dat ‘bitrot’), net als de software en hardware waarmee ze gelezen worden. Wat kun je nog met een Word-bestand als Microsoft die tekstverwerker over vijftig jaar niet meer maakt? Wie garandeert dat op de iPhone 10 nog die verliefde WhatsApp-berichtjes uit de begindagen van je relatie zijn terug te lezen? En waar zijn je Instagram-foto’s als Instagram failliet gaat? Tegen The Guardian zei Cerf: „Als er foto’s zijn die veel betekenen, druk ze dan af.”

Dat is exact waarom de Brit Graham Hobson in 2000 begon met PhotoBox, een onlinedienst om foto’s te printen, en waarom het bedrijf in 2013 Stickygram, inmiddels Sticky9, overnam. Bij Sticky9 kunnen Instagram-gebruikers koelkastmagneten maken van hun foto’s, in sets van negen. Hoeveel mensen wil Hobson niet zeggen, maar het zijn er „duizenden” per maand. „Vorig jaar verkochten we genoeg magneten om een voetbalveld te bedekken.”

Hobson is niet de enige die brood ziet in de behoefte om – in weerwil van zo’n beetje elke andere trend – het digitale weer tastbaar te maken. Het boekje dat Kull aan zijn zus gaf, bestelde hij bij AppBook, een initiatief van de Nederlander Manuel Lokin. Eerder dit jaar haalde het bedrijf in dertig dagen 5.000 euro op via Kickstarter. Inmiddels worden er, zegt Lokin, „tientallen chats per dag” opgestuurd. Gebruikers kunnen die eerst op de website inzien en dan beslissen of ze er een boekje van willen. Waar het merendeel ook voor kiest.

Echt is toch veel leuker dan online?

Dat doen ze in eerste plaats niet vanwege het waarschuwende vingertje van Cerf, denkt Lokin. „Wat tastbaar is, geeft je zekerheid. We willen niet afhankelijk zijn van de ‘cloud’, maar bepaalde dingen binnen ons handbereik en blikveld hebben. Ook is er wantrouwen jegens bedrijven die alles van ons beheren, en jegens hackers en spionage door de overheid. Een boekje met een chat die ik niet wil verliezen is veiliger bij mij in de kast dan ergens in de cloud. Ik heb op mijn computer van duizenden foto’s de afgelopen vijf jaar en ik heb één fysiek fotoboek. Het fotoboek pak je er iedere keer bij, terwijl de foto’s ergens in een mapje ‘bewaard’ blijven.”

We gaan momenteel door een „periode van correctie”, zegt Alinn Louv van Quarterly, een website waar je een bekende, inspirerende ‘curator’ kunt kiezen die vervolgens (voor minimaal 40 dollar per stuk) elk kwartaal een pakketje opstuurt met kleinigheden en een handgeschreven briefje. De gedachte is dat een doosje dat via de post komt veel meer waard is dan een Facebook-like, wat tweets of een Pinterest-bord. Huffington Post-baas Ariana Huffington maakt pakketjes voor Quarterly, net als zanger Pharrell Williams en mannentijdschrift GQ. Was je vorig jaar geabonneerd op Pharrell, dan kreeg je onder meer een notitieboekje en een vlieger van hem.

We hebben ons inmiddels gerealiseerd dat veel ervaringen uit de echte wereld krachtiger zijn dan hun online equivalent, denkt Louv. „Denk aan een kaartje in plaats van een sms, of een concert in plaats van een liedje via Spotify. Die dingen hebben hun waarde nooit verloren, we waren ze alleen vergeten in onze opwinding over de opkomende digitale wereld. Inmiddels kennen we die goed genoeg om te begrijpen waar hij goed voor is, maar ook waar hij tekortschiet.”

Hobson van Sticky9 denkt dat een fysieke kopie van een dierbare foto uiteindelijk meer waarde heeft. „Daar geloof ik nu meer dan ooit in.” Dat denkt ook Kull, die het boekje voor zijn zus bestelde, omdat digitaal bezit volgens hem minder waard is dan iets tastbaars. „Het is net als bij Dagobert Duck: die wil zijn geld niet op de bank zetten, want hij wil erin zwemmen. Hij wil het voelen.”