‘Het verraad van Judas was een daad van vriendschap’

De regisseur van ‘TBS’ en ‘Doodslag’ heeft een zwak voor ‘bad guys’. Dus gaat zijn gedroomde film over de grootste bad guy aller tijden: Judas Iskariot. Met 25 miljoen euro zou dat moeten lukken.

Foto Roger Cremers

Ik ben heel erg van verhalen over bad guys. Ik geloof namelijk niet dat mensen van geboorte slecht zijn. Daarom vraag ik me altijd af: waarom doen mensen wat ze doen? Waar is het misgegaan? Hoe komen ze tot zo’n daad?

„Het zijn vaak omstandigheden, in combinatie met een extreem karakter, die ertoe leiden dat een persoon iemand van het leven berooft. Herkenbare, menselijke emoties. Dat is geruststellend en verontrustend tegelijkertijd.

„Zo’n verhaal is spannender dan een held die alles goed doet. In een drama over slechteriken staat veel op het spel. Het gaat over leven en dood. Dat maakt Shakespeare ook zo goed. In onze geschiedenis zitten genoeg interessante figuren wat dat betreft.

„Judas is natuurlijk the bad guy of all times. Over hem zou ik wel een groot, internationaal drama willen maken. Er zijn door de eeuwen heen biografieën over hem verschenen en er is een film vanuit zijn perspectief: Jesus Christ Superstar. Maar dat is een musical waarin Judas als zwakkeling wordt neergezet. The Passion of the Christ van Mel Gibson is mooi gemaakt, maar te gewelddadig – het is bijna geweldsporno.

„Ik zou van Jezus en Judas een duo maken. Het verraad van Judas was namelijk een daad uit vriendschap, denk ik. Hij wilde Jezus het hol van de leeuw in sturen en zo dwingen een daad te stellen. Hij dacht dat Jezus terug zou slaan, maar Jezus liet zich doden, om onsterfelijk te worden.

„Je moet het ook in de context zien. De Romeinse overheersing was ongelofelijk bruut. Het was IS tot de macht tien wat ze daar aanrichtten. De Romeinen waren wrede heersers, de rest werd tot slaaf gemaakt. Judas die in zijn jeugd in een gewelddadige bende zat, had gezien dat geweld niet werkte. Daarom sloot hij zich bij de geweldloze Jezus aan. Maar Judas durft er toch niet op te vertrouwen: hij wilde dat Jezus in actie kwam tegen de Romeinen.

„De Judaskus zou ik dus zeker in de film laten, want het was een daad van liefde. Ik ben opgegroeid met de katholieke Bijbel, dus ik heb wel vaak nagedacht over waar het Nieuwe Testament over gaat. Volgens mij gaat het erover dat je moet vertrouwen dat het goede het kwade overwint. Maar ik zou er wel meer een historisch dan religieus verhaal van maken.

„Voor deze film heb ik zeker wel 25 miljoen nodig. Je wilt dat het zich in die tijd afspeelt, zodat het tijdloos wordt, met goede kostuums – het mag er niet nep uitzien. Dat oude taaltje zou ik wel mooi vinden, we zijn toch aan ondertitels gewend. Maar Engels kan ook. En ik zou jonge, onbekende acteurs nemen. Bekende acteurs leiden alleen maar af van het verhaal.”