Het blijft nog weken spannend voor Van Rijn

Staatssecretaris moest zich vandaag in de Kamer verantwoorden voor pgb-chaos; die wil excuses omdat ze documenten niet eerder kreeg.

De grote en gehaaste decentralisaties van de jeugdzorg en de langdurige zorg voor ouderen en gehandicapten, dáár zou staatssecretaris Martin van Rijn (Zorg, PvdA) zich ongekende problemen mee op de hals halen, zo waarschuwden de critici. Er zijn sinds gemeenten daar op 1 januari verantwoordelijk voor zijn gemaakt inderdaad moeilijkheden, met enorme ontslagen in de thuiszorg en gedoe over geld voor de jeugdzorg. Maar Van Rijns voornaamste politieke probleem is de aanhoudende chaos rond het uitbetalen van persoonsgebonden budgetten (pgb’s) door de Sociale Verzekeringsbank – een centralisatie, bedoeld om fraude tegen te gaan. De staatssecretaris lijkt nog geen grip te hebben op de situatie en moest zich vandaag opnieuw verantwoorden in de Tweede Kamer.

Het is bij de betrokken instanties zelfs onduidelijk hoeveel ouderen, gehandicapten en chronisch zieken sinds begin dit jaar geen geld hebben ontvangen waarmee ze hun eigen zorgverleners moeten betalen. „(Frans) Weekers is om minder opgestapt”, werd er afgelopen weekend woedend getwitterd.

In tegenstelling tot ruim een jaar geleden bij het vertrek van de toenmalige staatssecretaris van Financiën, die viel nadat in een vergelijkbare anti-fraudeoperatie duizenden mensen geen huur- of zorg- of kinderopvangtoeslag ontvingen, is de roep om Van Rijns aftreden tot nu toe beperkt. Een motie van wantrouwen van de SP werd vorige maand alleen gesteund door de PVV, Partij voor de Dieren en 50Plus.

Het voorlopig aanhoudende vertrouwen heeft sterk te maken met de persoon Van Rijn. De voormalig topambtenaar spreekt met grote kennis van de zorg en weet met zalvende woorden en een overdaad aan bereidwilligheid de Kamer tot nu toe te overtuigen dat hij de man is om de problemen op te lossen.

Maar het aanhoudende vertrouwen komt ook doordat de drie ‘constructieve’ oppositiepartijen, D66, ChristenUnie en SGP, zich enthousiast aan de zorgplannen van de staatssecretaris hebben verbonden. Zij maakten zich er, samen met GroenLinks, sterk voor dat zoveel mogelijk mensen een persoongebonden budget konden houden. Ook onderschrijven Kamerleden het doel van de fraudebestrijding. Zij kunnen de staatssecretaris die hun tegemoet kwam niet zomaar afschrijven.

Toch wordt de komende maand spannend voor Van Rijn, want de Kamer eist dat de uitbetalingssysteem uiterlijk op 15 mei functioneert. Vlak daarna rapporteert ook de Algemene Rekenkamer over de zorghervormingen.

En één zonde kan een bewindspersoon altijd fataal worden: het niet goed informeren van de Kamer. Het is gebleken dat Van Rijn diverse malen door deskundigen was gewaarschuwd dat de SVB haar taak niet aankon. De Kamer wil excuses omdat dat zij die documenten niet eerder kreeg.