Recensieoverzicht The Magic Whip: ‘Blur doet er weer toe’

De albumhoes van het nieuwe album van Britpoppers Blur, The Magic Whip. Foto Twitter.com

De laatste keer dat de Britse rockband Blur een album uitbracht was twaalf jaar geleden. Met hun nieuwe plaat The Magic Whip laat de band hun urgentie horen. NRC geeft vier ballen aan het nieuwe album van de “herboren” band.

In 2003, na de release van het zevende studioalbum Think Tank, leek het gedaan met Blur, die in 1994 doorbrak met het album Parklife. Zanger Damon Albarn en gitarist Graham Coxon (die tijdens de opnames van Think Tank al opstapte) lagen met elkaar overhoop, zowel op persoonlijk als op artistiek vlak.

Niet alleen Coxon ging zijn eigen weg, ook Albarn richtte zich op zijn vele solo-projecten: van stripfigurenband Gorillaz, met wie hij groot succes had, tot twee opera’s, tot zijn eerste solo-cd van vorig jaar, Everyday Robots. Die kreeg vier ballen van onze muziekrecensent Hester Carvalho vanwege “nummers die hun schoonheid langzaam afgeven” (€). In Nederland scoorde Blur hits met liedjes ‘Girls & Boys‘ (1994) en ‘Song 2‘ (1997).

Neon-ijsje op de hoes

Afgelopen februari liet Blur een voorproefje horen in de vorm van het nieuwe nummer ‘Go out’. De inspiratie voor het album kwam na een paar succesvolle reünieshows in Londen in 2009, die een paar jaar later opgevolgd werden met een reis naar Azië. Blur zou er spelen op het Tokyo Rocks Festival, maar na afzegging van het festival dook de band een studio in Hongkong in. In vijf dagen namen Albarn en Coxon samen met bandleden Dave Rowntree en Alex James The Magic Whip op. Albarn zelf maakte in 2013 een reis naar Noord-Korea, en schreef daar één specifiek liedje over, Pyongyang.

Luister naar The Magic Whip van Blur op Spotify

NRC: 4 ballen voor Blur

Volgens NRC-muziekrecensent Jan Vollaard doet (€) Blur er weer helemaal toe en geeft het achtste album The Magic Whip vier ballen:

The Magic Whip bevat genoeg momenten die herinneren aan Blur op zijn sterkst: het aan hun beste album Parklife (1994) verwante ‘I broadcast’ en de melodieënrijkdom van openingsnummer ‘Lonesome street’ en het luchtige ‘Ice cream man’. De weemoedige ballade ‘My terracotta heart’ en de onweerstaanbare meezinger ‘Ong ong’ brengen afwisseling op een album dat voelt als een product van creatieve interactie tussen bandleden die hun persoonlijke akkefietjes opzijgezet hebben voor een hoger doel.”

Lees ook in NRC: ‘Ook nieuwste hoes Blur is kunstwerk‘ (€) door Jan Vollaard

Nederlandse critici over The Magic Whip

De Volkskrant zegt in een uitgebreide analyse over de comeback van Blur dat het “héél goed nieuws” is dat de “geluidsbepalende Coxon” weer meedoet. In hun vier sterren-recensie hoort de krant een “ijzersterk geheel”:

“Het is een goed album, want alle kwaliteiten die de band in de jaren negentig deed uitgroeien tot een van de belangrijkste Britpopbands, zijn aanwezig. [...] Stemmingen wisselen, zoals op hun beste platen uit de jaren negentig. Het album sprankelt, de liedjes hebben net als twintig jaar geleden meteen iets vertrouwds, zonder dat de band zichzelf herhaalt. Een hit zo onontkoombaar als Girls and Boys of Song 2 ontbreekt wellicht. Maar Ong Ong bijvoorbeeld is zo pakkend dat je het, net zoals Blurs beste liedjes van vroeger, na de eerste keer luisteren al meeneuriet.”

Het Parool geeft vier sterren aan een “afwisselend teder en uitbundig” album:

“De achtste van Blur is afwisselend teder en uitbundig, los van toon en doordesemd van de weemoed die veel van Damon Albarns werk typeert. Net als op zijn soloplaat staat het verlies van de menselijke maat in de door techniek gedomineerde samenleving in zijn teksten centraal. Maar zelfs als Blur zware middelen inzet om dat thema over het voetlicht te brengen -de martiale snaredrum en gedragen strijkers op There’s Too Many of Us - houdt de band het klein en subtiel.”

Trouw noemt de terugkeer van Blur “ijzersterk”:

“En ze klinken alsof ze nooit zijn weggeweest. Dat schmierende accent van Albarn, dat ronkende basje en de opbeurende gitaren: de magie van weleer wordt volledig recht gedaan op deze in Hong Kong geschreven en opgenomen plaat. Er is eigengereide Britpop, puntige rockers en ingetogen pracht. Het is geen triomfantelijke terugkeer, maar wel gewoon wat we van Blur mogen verwachten. Een ijzersterk album.”

De Belgische krant De Morgen hoort een plaat die “meer op sfeer, toon, plaats en textuur teert dan op grote commerciële hitsingles” van een band die zichzelf opnieuw “op het pad van de toekomst zet”:

“‘The Magic Whip’ is geen ‘Parklife’, geen ‘The Great Escape’ en zelfs geen ’13’. In plaats daarvan hoor je vier muzikanten die hard hun best doen om zich te herinneren hoe het voelt om opnieuw een creatieve band te zijn. Soms laat het geheugen hen in de steek, maar net zo vaak hebben ze wél de juiste toon te pakken. Het belangrijkste nieuws is dat Blur niet langer op nostalgie drijft, maar met deze nieuwe plaat eindelijk weer een stap in de toekomst zet. Zonder de muzikale nalatenschap van de band geweld aan te doen. En dat is al heel wat.”

Overzees zijn ze ook positief

Het Amerikaanse muziekblog Pitchfork beloont de nieuwe Blur met een 7. “Er gebeurt iets speciaals als die vier bandleden samen in één ruimte zijn”, schrijft de site, en dat manifesteert zich het beste op het nummer ‘Ong ong’:

“Its sunny soul is infectious, as Albarn, who once lamented he had “no distance left to run,” professes a love no measure of forbidding space could quell. Coxon’s in the wings playing hokey luau guitar, zeroing in on Damon’s seafaring yearning and playing it up for yaks until he storms center stage as the song draws to a noisy close. Blur’s always been puckish in spirit, its greatest gift the identification and gleeful subversion of listener expectations, and in moments like these it re-emerges, untarnished by the passage of time.”

Blurs landgenoten bij The Guardian geven vier sterren:

“At its best, The Magic Whip has all the charm of Blur at their most mysterious, and little of the laddish triumphalism of Blur in headline slot mode. Fans craving the latter may well scratch their heads at songs such as Ghost Ship, a loose, reggae-ish funk that stars James’s bassline, an uncharacteristically laid-back Coxon, and the whistle of an emptying balloon.”

Het Amerikaanse blog The A.V. Club vindt dat Blur met dit album “koppig primitief” blijft en geeft een B- (ongeveer een 7):

“In its brighter moments, The Magic Whip feels like a sparser take on Blur’s late-’90s guitar rock, and a not-so-distant cousin to Radiohead’s In Rainbows. Most tunes are marked by laconic guitar frizz and spare, crisp percussion, while songs such as ‘Ice Cream Man’ and ‘Thought I Was A Spaceman’ have a moody underbelly marked by simmering, quirky electronic programming. The most successful examples of this combination are ‘Pyongyang’, which meshes flying-saucer keyboards and riffs inspired by film-noir intrigue, and the staticky single ‘Go Out’.”