Duitse regering wist van gevaar, maar waarschuwde MH17 ook niet

Duitse autoriteiten wisten dat het gevaarlijk was om over het oosten van Oekraïne te vliegen voordat op 17 juli vlucht MH17 werd neergeschoten. Net als de Nederlandse regering heeft de Duitse regering echter geen waarschuwing gegeven aan luchtvaartmaatschappijen. Bij de crash kwamen 298 mensen om het leven. Volgens de Süddeutsche Zeitung stuurden diplomaten in Kiev op 15 juli een telegram naar Berlijn waarin stond dat de situatie in Oost-Oekraïne ‘zeer zorgwekkend’ was. Een dag eerder was een Antonov-transportvliegtuig neergehaald, dat op 6.000 meter hoogte vloog. Dat liet volgens de Oekraïense regering zien dat de rebellen kennelijk over een nieuw wapen beschikten waarmee zij op deze hoogte vliegtuigen uit de lucht konden schieten. De Duitse regering zou bovendien ook door de veiligheidsdienst BND voor de gevaarlijke situatie in het luchtruim boven Oost-Oekraïne zijn gewaarschuwd. De Dienst waarschuwde echter niet de grootste Duitse luchtvaartmaatschappij Lufthansa, omdat zij daartoe niet is bevoegd. Het ministerie van Verkeer is wel die bevoegde instantie, maar dat departement ontkent informatie over de onveilige toestand boven Oekraïne gekregen te hebben. Op de dag dat MH17 werd neergehaald vlogen drie toestellen van Lufthansa over dezelfde route. Dat de Duitse maatschappij na het neerhalen van de Antonov gewoon bleef doorvliegen, werd al in februari gemeld door de Nederlandse minister Bert Koenders.