Dampende heksenketel

Piepjong en pislink waren ze, de vier Amsterdamse broekies die samen Gewapend Beton vormden. Het was de tijd van de Grote Boze Rita Verdonk. De band blafte haar af in een woedende, doch weinig subtiele culthit: ‘Rita Jeugd! Sieg Heil!’

Maar kleine punkertjes worden groot. En na de ontmanteling van Gewapend Beton kwam er een doorstart: Death Alley. Hun debuutplaat Black Magick Boogieland is een dampende heksenketel vol occulte protopunk. Daarin worden oude meesters als MC5 en Hawkwind tot leven gewekt, met net wat extra pit. In de beste nummers (‘Over under’, ‘Dead man’s bones’) klinkt dat als Thin Lizzy on speed. Alleen ‘Golden fields of love’ is te diep, te traag.

Behalve swingende fuzztonen tovert geweldenaar Oeds Beydals prachtig psychedelisch gitaargedartel uit zijn vingers – met dank aan het Alkmaarse conservatorium. En jarenlang anarchistisch schreeuwen heeft de stembanden van Douwe Truijens een heerlijk kartelrandje gegeven.

Waar zo’n punkopvoeding al niet goed voor kan zijn.