Bonden hikken aan tegen Europese Spelen

De sportbonden beslissen vanavond mee of Nederland zich kandidaat stelt. Veel twijfel, ook bij betrokken gemeenten.

Het is zeer de vraag of Nederland zich kandidaat zal stellen voor de tweede Europese Spelen in 2019. Sportkoepel NOC*NSF wil graag, maar niet alle beoogde speelsteden en participerende provincies lijken bereid in deze fase een bid te steunen. Ook sportbonden, die vanavond in extra ledenvergadering van NOC*NSF bijeenkomen, hebben gerede twijfels. Beide groeperingen neigen naar uitstel tot na de eerste Spelen in Baku.

Voorzitter André Bolhuis van NOC*NSF en aanjager van een Nederlandse kandidatuur is fel gekant tegen uitstel. Dan komt volgens hem de goede relatie met de EOC (Europese Olympische Comités) onder druk te staan, met het risico dat de Europese Spelen een ander land worden gegund. Bolhuis: „Vooralsnog wil ik niet op uitstel koersen. Ik vind het ook gevaarlijk. Nederland heeft nu een voorkeurspositie. Dat wil ik graag zo houden. De EOC wil echt op 14 mei, voor de Europese Spelen in Baku, een besluit nemen en zal daarom van Nederland snel duidelijkheid eisen.”

Grootste bezwaar van de critici is dat er over de Onbekende Spelen moet worden besloten. Hun gemeenschappelijke wens: koop tijd en laten we zien of ‘Baku’ een succes wordt. Sportwethouder Adriaan Visser (D66) van Rotterdam verwoordt het als volgt: „Laat de Europese Spelen zich eerst maar eens bewijzen.”

In Rotterdam en Utrecht is de scepsis groot. In de havenstad mede vanwege de wens zich kandidaat te stellen voor de Jeugd Olympische Spelen in 2022. De Europese Spelen mogen dat voornemen niet dwarsbomen. Complicerende factor is de kandidatuur van Rotterdam voor de WK turnen in 2019, het jaar van Europese Spelen.

Daar bovenop komen de financiële bezwaren van Rotterdam. Aanvankelijk zou de stad negen miljoen euro aan de Europese Spelen moeten bijdragen. Daarvoor zouden dan BMX en een aantal volleybalwedstrijden in Ahoy worden gehouden. Te mager, oordeelde wethouder Visser, die zijn kritiek beloond zag worden met een verlaagde bijdrage en een interessanter aanbod van sporten. Maar ook tegen een bedrag onder negen miljoen hikt hij aan. „Als je het financieel niet breed hebt, ligt het niet voor de hand nu in Europese Spelen te investeren.”

De sportbonden, die vanavond over de kandidatuur moeten beslissen wensen niet in een tijdsklem te worden gemanoeuvreerd. Maar dat dreigt wel te gebeuren. NOC*NSF zal vanavond geen sluitende begroting van 125 miljoen euro kunnen overleggen, omdat de overheid nog geen beoogde bijdrage van 27 miljoen euro heeft gegarandeerd.

De oorzaak is deels overmacht, want tot tweemaal toe is een gesprek van NOC*NSF, wethouders van speelsteden en provincievertegenwoordigers met sportminister Edith Schippers (VVD) uitgesteld. Die bijeenkomst staat nu voor donderdag 30 april gepland, een dag voor het tweewekelijkse reces van de Tweede Kamer. Maar twee dagen ná de extra ledenvergadering van NOC*NSF.

Zie in dat krachtenveld maar eens rebellerende bonden te overtuigen. Hoeveel er dat precies zijn is niet geheel duidelijk – niet elke bond legt zijn kaarten vooraf op tafel – maar wel dat ‘atletiek’, ‘zwemmen’ en ‘turnen’ serieuze bedenkingen hebben. Dusdanig serieus dat zowel de zwembond als turnbond hun grieven in een scherpe brief aan NOC*NSF kenbaar heeft gemaakt.