Column

Wat vooraf ging aan het succes van Kovacs

Sharon Kovacs is ‘Wolflady’ (3DOC/BNN).

Sharon Kovacs, zangeres met het uiterlijk van Nina Hagen, de eigengereidheid van Anouk en het stemgeluid van Nina Simone of Amy Winehouse, zegt aan het eind van de documentaire Wolflady (3DOC/BNN) dat ze altijd verwacht heeft tot de club van 27 te zullen behoren. Dan zou ze nog drie jaar hebben om een wereldster te worden, alvorens vroeg en groots te sterven. Maar het gaat best lekker en dat zou toch zonde zijn. Heel oud worden, 50 of 40, dat lijkt haar nou weer het andere uiterste.

Het afgelopen jaar hebben we als televisiekijker (onder andere door tweemaal een betoverend optreden in De Wereld Draait Door) en krantenlezer kennis kunnen maken met de vorig jaar doorgebroken zangeres uit Eindhoven. Maar wat we nog niet wisten was dat achter de schermen al twee jaar gewerkt werd aan de creatie van een internationale topact. Ze tekende in Hamburg een internationaal contract met Warner en liet zich in New York door de hoogste bazen vertellen dat ze awesome was. En ze wist nog niet dat je daar weinig conclusies uit kunt trekken, zeker niet dat de platenmaatschappij je eigenheid zal gaan respecteren.

Wie wel al snel doorhad dat er iets bijzonders stond te gebeuren, was de Eindhovense filmer Daan Willekens (35), tot voor kort camjo bij het Eindhovens Dagblad. Hij werd getipt door Kovacs’ producer Oscar Holleman, de andere hoofdpersoon in deze vorig jaar tijdens IDFA vertoond documentaire.

Het is een bijzonder duo. Zij ziet een soort vaderfiguur in hem, die veel geduld heeft met haar grilligheid. Oscar lijkt voor Sharon wat Koos van Dijk voor Herman Brood was. Hij spreekt op zijn beurt verbazing uit over haar loyaliteit: „Elke, echt elke artiest zou allang bij me weggegaan zijn.” Oscar is namelijk bipolair en bracht een half jaar in het donker door, toen Sharon zich gouden bergen liet beloven door Amerikaanse platenbazen.

Ook haar gedrag is onvoorspelbaar. Ze zegt ultrakort haar te dragen als „afweermiddel”, om te toetsen of mensen haar echt de moeite waard vinden. Maar ze bedekt het hoofd vaak met een wolfskap of andere bontcreatie, dan wel een pruik. Ze kan het niet verdragen als Oscar kritiek op haar zang heeft, want dat was altijd het enige dat helemaal van haar was.

Er doemt een verhaal op van verwaarlozing, verstoting, kindertehuizen en voortdurende opstand, ook tegen het Eindhoven Rock City Institute, waar ze voor het eerst erkenning vond. Maar misschien moet je wel een kankerleven hebben om goeie muziek te maken, luidt haar eigen analyse. Misschien ging het juist even minder met die muziek, toen ze alles op de rit had.

Het is moeilijk om niet te vallen voor het vertederende radicalisme van het boze kind dat eindelijk wel eens geliefd wil zijn. Voor haar bezoekjes aan opa en oma in het Limburgse dorp Baarlo, haar verdriet als ze terugdenkt naar het moment dat opa een beroerte kreeg. Aan de pogingen van Oscar om haar minder jointjes te laten roken, terwijl hij daar zelf ook niet vies van lijkt te zijn.

Ik zie wel eens afleveringen van 3DOC over een rockband die een album opneemt. Die zijn meestal technisch beter dan Wolflady, maar zelden raken ze zo de ziel van de muziek en de muzikant. En daar gaat het toch om.