‘De schadeafhandeling bij NAM is nu een puinbak’

Hoogleraar privaatrecht

Morgen beslist de Kamer of de bewijslast voor bevingsschade wordt omgekeerd.

„Onbestaanbaar.”

Jan van Dunné, emeritus hoogleraar privaatrecht, kan er niet over uit. 39.581 schademeldingen door aardbevingen in Groningen ontving de Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) tot dit weekend. Slechts de helft daarvan – 19.831 schadegevallen – is opgelost.

Vooral ingewikkelde schades stuiten op bezwaren van de NAM, een joint venture van Shell en ExxonMobil. Komen de scheuren niet door achterstallig onderhoud? Stormschade? Of is de slappe ondergrond de boosdoener, de gebrekkige fundering, het verlaagde grondwaterpeil? En dan sta je als gedupeerde machteloos tegenover de NAM, zegt Van Dunné: „Zo valt dat gevecht niet te winnen.”

Morgen stemt de Tweede Kamer over omkering van bewijslast bij mijnbouwschade. Zeer tegen de zin van minister Kamp (Economische Zaken, VVD) steunt een meerderheid dit plan van PvdA en PvdD. De partijen willen de positie van gedupeerde Groningers versterken tegenover de NAM, die met de gaswinning aardbevingsschade veroorzaakt.

In het voorstel ligt bewijslast niet langer bij de gedupeerde, maar bij het mijnbouwbedrijf. De NAM moet bij de rechter aantonen dat de schade niet het gevolg is van gaswinning. Tot opluchting van hoogleraar Jan van Dunné uit Rotterdam. Al sinds 1996 ijvert hij voor deze aanpassing in de Mijnbouwwet die in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk eind vorige eeuw werd doorgevoerd.

Waarom is de wetswijziging noodzakelijk?

„Sinds de Romeinen geldt in Nederland: wie zegt schade te hebben door andermans handelen, moet dat bewijzen. Maar dat was een simpele tijd, toen stond er nog één dader tegenover één slachtoffer. Sinds een dikke eeuw bestaat er ongelijkheid tussen partijen. Fabrieken, multinationals en overheden zitten op een berg kennis, gedupeerden hebben een achterstand. De rechter corrigeert die ongelijkheid door de bewijslast om te keren. De wetgever gaat dat nu volgen. ”

Minister Kamp voelt daar niks voor. Nog geen Groninger ging om aardbevingsschade naar de rechter.

„Vind je het gek? De Groningers hebben geen vertrouwen meer in het recht. Ze zijn vastgelopen bij de NAM en bang om kosten te maken. En de doorzetters vingen bot bij de geschillencommissie, de Technische Commissie Bodembeweging (TCBb). Sinds 2005 werden alle schadeclaims afgewezen omdat er geen causaal verband is vastgesteld tussen de schades en de door gaswinning veroorzaakte bevingen. Er is sprake van een grote verdwijntruc. De TCBb is een mislukt experiment. De leden zijn niet deskundig en niet onafhankelijk.”

Hoezo? De minister vindt het een prima geschillencommissie.

„Dat is een gotspe. Tot 2005 stond in de jaarverslagen op welke gronden een schadeclaim was afgewezen. Maar sinds 2005 zit geen jurist meer in de commissie en wordt over afwijzingen geen verantwoording meer afgelegd. De leden zijn ingenieurs, niet zelden hebben ze banden met NAM, Economische Zaken of de mijnbouwindustrie. De geschillencommissie blijkt een verlengstuk van de NAM.”

Ook NAM-directeur Gerald Schotman ziet niks in omkering van bewijslast. We willen mensen ontzorgen in plaats van naar de rechter jagen, zei hij in de Kamer.

„Dat vind ik een onwaarachtige reactie als je van de schadeafhandeling zo’n puinbak maakt . Bovendien is het een drogreden: in de landen waar de bewijslast is omgedraaid, komen de partijen er samen uit, zonder tussenkomst van de rechter.”

Heeft de NAM te veel macht?

„Jazeker. En het ministerie van Economische Zaken maakt dat mogelijk. In geen enkel land zie je zo’n vervlechting als in Nederland. Ik heb sterk de indruk dat op het ministerie al tientallen jaren uitsluitend het standpunt van de NAM telt.”

Hoe komt dat?

„Ken je het Amerikaanse liedje: Money, honey? Het Groningse gas levert de schatkist jaarlijks 10, 12 miljard euro op. Nu we de gaskraan om veiligheidsredenen een stukje dichtdraaien, wordt dat minder. Als daar schadevergoedingen bijkomen, drukt dat de winst nog verder.”

Wat kost het als de bewijslast wordt omgedraaid?

„Geen idee. Maar het zal voor de NAM en de staat flink in de papieren lopen. Kijk maar naar de afhandeling van kolenmijnschade in Limburg. Ook daar gold de omgekeerde bewijslast, zoals in 1920 door de Hoge Raad bepaald in de zaak ‘Kasteel Strythagen’. Van 1920 tot 1974 is voor 100.000 schadegevallen omgerekend zo’n 2 miljard euro uitgekeerd.”

Wat gebeurt er als de wetswijziging morgen wordt aangenomen?

„Het zal de NAM prikkelen om schades sneller en soepeler af te handelen. Ik pleit voor een convenant tussen alle partijen, zodat de rechter er niet aan te pas hoeft te komen. Daar hebben de Groningers na al die jaren recht op.”