Koning voegt alleen wat toe aan handelsmissies naar monarchieën

2015-03-18 11:43:43 KOPENHAGEN - Koning Willem-Alexander komt aan voor zijn bezoek samen met koningin Maxima aan het eiland Samso op de tweede dag van hun staatsbezoek aan Denemarken. ANP ROYAL IMAGES ROBIN UTRECHT Foto ANP

Landen met een monarchie als staatsvorm exporteren substantieel meer naar andere monarchieën. Het kan dan ook zeker geen kwaad voor ons land om koning Willem-Alexander mee te laten gaan met een handelsmissie naar een andere monarchie. Als de handelsmissie naar een republiek afreist, kan hij echter net zo goed thuis blijven.

Dat blijkt uit een artikel van twee onderzoekers van het Centraal Planbureau en de Universiteit van Amsterdam in het laatste nummer van Economisch Statistische Berichten. “Landen met een monarchie exporteren echter over het geheel genomen niet significant meer dan landen zonder koninklijke familie”, schrijven de onderzoekers Mark Dijkstra (UvA) en Bastiaan Overvest (CPB).

“Wel exporteren monarchieën significant meer naar andere landen die ook monarchieën zijn. De resultaten geven een indicatie dat de aanwezigheid van een lid van het koninklijk huis meer gewenst is bij een handelsmissie naar een monarchie.”

De twee auteurs reageren op de al langer lopende discussie over de vermeende positieve bijdrage van het koningshuis aan handelsrelaties. Aanwezigheid bij handelsmissies is een van de belangrijkste speerpunten van de vandaag jarige Willem-Alexander in zijn koningschap.

In het debat over kosten en opbrengsten van de monarchie zei CDA-Kamerlid Madeleine van Toorenburg september vorig jaar over het koningspaar:

“Laten we ons heel goed realiseren dat zij voor de internationale handel ronduit een goudmijn zijn.”

Onderzoek van NRC, vorig jaar oktober, relativeerde deze stelling al sterk. Op basis van beschikbaar internationale data naar economische diplomatie viel de bewering van Van Toorenburg niet hard te maken. Dijkstra en Overvest relativeren de stelling over de goudmijn ook. Maar zij vonden wel een significant effect van de aanwezigheid van de koning bij handelsreizen naar monarchieën, keizerrijken (zoals Japan) en sultanaten (Brunei).

De twee onderzoekers analyseerden cijfers van IMF en VN over de handelsstromen van 130 exporterende landen. Recente cijfers zoals de opbrengst van het staatsbezoek aan Japan, zijn hier nog niet in verwerkt. Van de 130 waren 29 monarchieën, waarvan economische data beschikbaar waren. Daar werden rekenmodellen op toegepast die de meerwaarde van “inter-monarchale” handelsstromen lieten zien.

De onderzoekers verklaren het positieve effect op de handelsrelaties tussen monarchieën uit de al langer bestaande persoonlijke banden tussen monarchen en hun families. Die zorgen voor “betere markttoegang”, aldus Dijkstra en Overvest.