Om te stelen zo voos

Bas van Putten is verrukt van de puberale Peugeot 208 GTI. Als ’ie maar niet sneuvelt in de tokkiestrijd.

Monteur Bulent Aktepe en verkoopadviseur Ton Miltenburg bij de nieuwe Peugeot 208 GTI 30th Edition bij Van Mossel in Amsterdam. Foto Peter de Krom Foto Peter de Krom

De eerste Peugeot 205 GTI, het was 1985, werd een mythe. Mannen van mijn generatie hebben met die hot hatch leren scheuren. Dat liep niet altijd goed af. Veel GTI’tjes liggen op het kerkhof, gesneuveld in de tokkiestrijd die in het derdehandscircuit vaak op een straatrace uitdraaide.

In nieuwe GTI’tjes zag je in de Gordon Gekko-tijd nog verse advocaten rondrijden die nu vergrijsd hun tonnen binnenschrapen op de Zuidas; tien jaar later was het gros geruïneerd door petjes met spoilerkits. Ik kan me indenken dat de eerste eigenaars van toen soms dierlijk naar hun GTI-tijd terugverlangen. Het waren primitieve, linke, feestelijke auto’s. Je kon nog met je leven spelen zonder de rugdekking van obligaat geworden veiligheidssystemen als tractiecontrole en stabiliteitsregeling. Voor de snelste 205 GTI, met 130 pk op een vlieggewicht van 860 kilo, moest je lef hebben. Zoete herinneringen.

Helemaal omdat Peugeot het origineel nooit evenaarde. Aan de GTI- of GTI-achtige modellen van de 205-opvolgers 206 en 207 zag je dat de evolutie van een merk niet per definitie in de pas loopt met de technische vooruitgang. Ze werden zwaarder en zwaarder en stilistisch gingen ze er hard op achteruit. Aan die auto’s bewaar ik niet meer dan vale herinneringen, niks aan. Best snel, nul sprankeling.

De nieuwe 208 GTI 30th Edition, waarmee Peugeot de dertigste verjaardag van de GTI viert, gaat in de goede zin des woords terug naar af. Hoog vermogen, 208 pk, laag gewicht; 1.135 kilo is naar de maatstaven van nu bescheiden. Natuurlijk heeft hij een handbak, meteen zijn enige verbeterpunt. Hij schakelt wat slapjes en met iets te lange, 205-achtige slagen die de sportman van vandaag niet blieft. Verder is hij om te stelen.

Met een prijs van 30.208 euro is hij 3.500 euro duurder dan de gewone 208 GTI. Veel geld voor een luttele 8 pk en 25 Newtonmeter koppel extra, ware het niet dat de Peugeot-ingenieurs stevig aan het onderstel hebben gesleuteld. De 30th Edition werd een centimeter verlaagd, kreeg grotere schijfremmen, voor en achter werd de spoorbreedte vergroot. Voor de amateurcoureur is het fijn te weten dat het stabiliteitssysteem en de tractiecontrole in riskante situaties later ingrijpen, waardoor ervaren rijders net dat stapje verder kunnen gaan zonder de doodsklokken te horen luiden. Ook is hij uitgerust met een sperdifferentieel dat bij het verlaten van een bocht de aandrijfkracht naar het buitenste wiel dirigeert, een voorziening die in echte stuurmachines het verschil maakt. Verder is hij puur en simpel. Ik tref geen knoppen aan voor sportstanden of adaptieve dempers. Mooi zo.

Pijnlijk

Voor deze auto moet je niet te oud zijn. Binnen is het puberdecoratie wat de klok slaat. Hoogte- of dieptepunten zijn de rode neonkermisrandjes rond de units voor toerenteller en snelheidsmeter, de aluminium pookknop, de belachelijk overgeproportioneerde maar perfect zittende kuipstoelen en de bespottelijke dubbele uitlaat. Pijnlijk is de tweekleurige buitenkant, matzwart voor en felrood achter met een diagonaal lopende scheidslijn halverwege. Maar die coupe franche geheten oorlogstooi, voor 950 euro een van de weinige extra’s, wordt beslist de favoriete kleurcombinatie voor verzamelaars. Zo’n auto hoort een beetje voos te zijn.

De turbomotoren waarmee veel GTI’s, ook deze, tegenwoordig rondrijden hebben een kwaliteit die door hun doelgroep op puur emotionele gronden als een minpunt wordt gezien. Door hun enorme trekkracht bij lage toerentallen missen ze de hysterie van de turboloze hogetoerenmotor die de 205-rijder zo aansprak. Ze presteren met het haast kunstmatige gemak dat de rijsensatie negatief beïnvloedt. Maar deze 208 reageert juist ontzettend fel en scherp op het gaspedaal, terwijl je er dankzij een behoorlijk veercomfort ook normaal mee kunt rijden. En waar zo’n monsterlijke 911 in dit overvolle miniland als een olifant door een porseleinkast dendert, is deze opdonder op Nederlandse schaal nog net leuk.

Over hoe het met deze auto afloopt kan ik kort zijn: slecht. Over tien jaar laat de vierde eigenaar dit mopje schudden met luide, liederlijke bonkmuziek. Daarna vouwt hij het om een boom, waaraan de nabestaanden een voetbalshirtje zullen hangen. Op de laatste ansichtkaart te midden van de kaarsjes rond de eik zal geschreven staan: ‘Je was een kanjer’. Die tragiek, want dat is het. De verzamelaar van morgen koopt hem dus nu en houdt hem heel. In dit geval is het te laat: de 18 voor Nederland bestemde exemplaren zijn al uitverkocht. Het goede nieuws: medio 2015 komt een nieuwe tranche GTI’s met dezelfde specificaties onze kant op, GTI by Peugeot Sport geheten. Ook in normale kleuren leverbaar.